Kashmiri's eensgezind voor afscheiding

SRINAGAR, 29 mei De straatkinderen in Srinagar zien er net zo uit als die in andere Indiase steden. Ze zitten onder de luizen en vol met kattekwaad en je kunt moeilijk van ze afkomen als ze om geld bedelen. Maar er is een verschil: ze roepen niet om een rupee maar 'we willen vrijheid, we willen vrijheid'.

Waarschijnlijk kennen ze de betekenis niet van deze aaneenschakeling van lettergrepen, maar dat zelfs deze bedelende kinderen roepen om vrijheid bewijst hoe sterk het idee van de onafhankelijkheid leeft onder de Kashmiri's.

De bezoeker wordt getroffen door de grote eensgezindheid die er heerst over de afscheiding van India, van riksja-lopers tot professoren en van hotelhouders tot winkeliers. Er wordt misschien verschillend gedacht over de manier waarop die vrijheid kan worden verwezenlijkt, maar de meeste mensen denken toch dat een gewapende strijd onvermijdelijk is. De doelstellingen zijn echter voor iedereen gelijk: onafhankelijkheid van India, gevolgd door hereniging met het door Pakistan bezette 'Azad Kashmir', en ten slotte de status van een onafhankelijk land, waarvan 'de grenzen door Pakistan en India worden gegarandeerd', aldus de advocaat Nooruddin Kapra. Binnen deze grenzen vallen: de Jhelum-vallei, waar de moslims de toon aangeven, Jammu dat grenst aan Punjab en waar de hindoes in de meerderheid zijn, het boeddhistische Ladakh en ten slotte de voormalige prinsdommen Baltistan, Nanga Parbat, Gilgit en Hunza bij de Chinese grens.

De Indiase regering scheert de separatisten in Kashmir over een kam met de gewelddadige militante groepen. Hierdoor draagt zij ertoe bij dat het nationaal bewustzijn bij de mensen, dat gedurende de 42-jarige band met India slechts onderhuids aanwezig was, is aangewakkerd. Kennelijk wordt de geschiedenis heel anders geinterpreteerd in Kashmir dan in India en zelfs in Pakistan, die twee maal oorlog hebben gevoerd over dit uit strategisch oogpunt belangrijke gebied. India beschouwt Kashmir als een wezenlijk deel van de Unie en een referendum om over de toekomst te beslissen als een sinds lang achterhaalde voetnoot in het geschiedenisboek: 'Wie tegenwoordig praat over een referendum is rijp voor het gekkenhuis', zegt de alom gerespecteerde activist Swami Agnivesh. Voor Pakistan is Kashmir officieel een staat met een moslim-meerderheid die eigenlijk bij zijn grondgebied zou moeten horen. Maar Pakistan gebruikt de onvrede in Kashmir vooral als middel om zijn machtige buurland dwars te zitten, en hoopt daarmee op een dag de schande te kunnen uitwissen van 1971 toen India de Bengaalse nationalisten heeft geholpen om het oostelijk deel van Pakistan los te koppelen, dat toen Bangladesh werd.

De Kashmiri's zien zichzelf als het slachtoffer van het voortdurende geruzie tussen India en Pakistan: 'Ze hebben ons 42 jaar van onze geschiedenis ontnomen en als het nodig is zullen we nog 42 jaar vechten om dat weer goed te maken', zegt de voormalige president van de rechtbank Mufti Bahauddin Farooqi. Deze opmerking getuigt niet alleen van vastberadenheid, maar ook van het inzicht dat er moeilijkheden te verwachten zijn. Men realiseerde zich plotseling dat de onafhankelijkheid niet voor het grijpen lag, toen gouverneur Jagmohan in januari de leiding kreeg en in feite de staat van beleg instelde voor de bevolking van de Kashmir-vallei. Hij schrok er zelfs niet voor terug de mensenrechten ernstig te schenden. De boodschap was duidelijk: het redden van de Indiase eenheid. 'Hoeveel mensen heeft Abraham Lincoln niet gedood', zei Jagmohan onlangs. Hij liet de duizenden vlaggen van 'Azad Kashmir', die van bijna elk gebouw in Srinagar wapperden, verwijderen en zijn soldaten hebben militanten gedwongen om de leus 'Indiase honden ga naar huis' van de muren te likken. Het effect van Jagmohans beleid was averechts: door het doden van honderden en het arresteren en mishandelen van duizenden onschuldige mensen heeft hij bereikt dat een vage onduidelijke verzetsbeweging zich heeft ontwikkeld tot een nationale macht van betekenis. Ook voor de gouverneur zelf is het niet goed afgelopen, het afgelopen weekeinde trad hij af.

De ondergrondse groepen in Kashmir hebben sinds kort een coordinerend comite. Behalve de drie belangrijkste groepen, het 'Jammu en Kashmir Bevrijdingsfront', de 'Hizbollah Mujaheddin' en de 'Al Umar Mujaheddin', zijn er elf andere bewegingen lid van het comite, dat wordt voorgezeten door Azam Inqilabi, de oudste 'vrijheidsstrijder'. Inqilabi is ook leider van de groep 'Operatie Balakote', die volgens militanten uit andere groepen niet deelneemt aan militaire activiteiten, maar probeert een gezamenlijk politiek platform te ontwikkelen. De Hizbollah Mujaheddin, een tak van de pro-Pakistaanse Jamaat-i-Islami-Party, is onlangs gewonnen voor het gezamenlijke doel, de onafhankelijkheid van Kashmir, en geen aansluiting bij Pakistan, door de inspanningen van Inqilabi.

Het comite heeft een gezamenlijke strategie ontwikkeld. Men wil zich afwenden van de aanvallen op mensen en zich richten op de vernietiging van militaire bases in Kashmir zijn twee Indiase legerkorpsen gelegerd en daarna beginnen met de verovering van land vanuit moeilijk begaanbare punten in de bergen. Op het moment lijkt deze strategie slechts een luchtspiegeling: een bevolking van vier miljoen mensen tegen een land met 840 miljoen inwoners, een gewapende ondergrondse beweging van misschien tweeduizend man (met nog eens vijfduizend aan de andere kant van de grens in Pakistan) tegen het op twee na grootste leger van de wereld. De Kashmiri's wijzen op Vietnam en Afghanistan als ze met dergelijke cijfers worden geconfronteerd. Maar zij vergeten dat in deze twee oorlogen het bestaan van de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie niet werd bedreigd, terwijl een afscheiding van Kashmir kan worden beschouwd als bedreiging van het voortbestaan van de Unie van India. De Indiase politici wijzen op de afscheidingsbewegingen in Punjab en in de staten in het oosten van India, en het latent aanwezige regionalisme in het zuiden. Bovendien zal een afscheiding van deze moslim-staat de seculiere structuur van het land ondermijnen doordat de moslim-minderheid nog kleiner wordt. Syed Shahabuddin, de leider van een moslim-partij zegt dat 'iedere Indier wil dat Kashmir een deel van India is, omdat het een bron van kracht is voor de moslim-minderheid'.

De bergen en hoge ijsvlakten van Kashmir zijn van groot strategisch belang tussen China en de dichtbevolkte valleien in het noorden van India.

Pakistan heeft dezelfde overwegingen: de bezitsdrang is daar zo mogelijk nog sterker omdat belangrijke minderheidsgroepen als de Sindhis, Baluchis en Pathans zich gedomineerd voelen door de machtige Punjabis. Als Pakistan afstand zou doen van 'Azad Kashmir', zou het ook toegeven dat etnische factoren belangrijker zijn dan religieuze en de religieuze eenheid is het enige bindende principe van dit 'land van de zuiveren' zoals de letterlijke vertaling van Pakistan luidt.

Door de euforie van het moment, die ontstaan is door het gezamenlijk lijden tengevolge van het optreden van de Jagmohan, accepteren de Kashmiri's de belangen van India en Pakistan niet. Zij slaan ook geen acht op de mening van Indiase functionarissen die zeggen dat als de economische ontberingen eenmaal voelbaar worden, de Kashmiri's, die van oudsher handelaren zijn en van muziek en lekker eten houden, zullen toegeven door de onverbiddelijke druk van lichamelijk geweld en economische ontbering. 'Het is jammer voor hen, maar zij zijn niet gehard, zoals de sikhs, zij kunnen niet vechten', zegt Ved Marwah, een veiligheidsadviseur van de regering.