BORIS JELTSIN; Wilskrachtig en boordevol rancunes

MOSKOU, 29 mei Boris Jeltsin heeft wraak genomen op Michail Gorbatsjov. Hij is na een harde politieke strijd gekozen tot president van de Opperste Sovjet van de Russische republiek, de grootste, de machtigste en de onvoorspelbaarste van de vijftien Unierepublieken, met 150 miljoen inwoners van ongeveer 100 verschillende nationaliteiten, immense industriegebieden en grote olie-, gas-, goud- en steenkoolvoorraden. Het is ook een republiek met enorme problemen: een volstrekt uitgeput wegen- en spoorwegennet, een leeglopend platteland, grote milieuproblemen, zeer zware levensomstandigheden voor de bevolking en een abominabele voedselvoorziening. Het is kortom een republiek wier welbevinden van cruciale betekenis is voor de toekomst van de Sovjet-Unie en op wie menig politicus zijn nek kan breken.

Formeel is Jeltsin nu voorzitter van de Opperste Sovjet van de Russische republiek, een functie die hier meestal wordt aangeduid met de term president, al zijn zijn bevoegdheden aanzienlijk geringer dan die van de president van de Sovjet-Unie. Jeltsin wijst er zelf ook steeds op dat hij zichzelf niet als president beschouwt en is van plan over een jaar directe presidentsverkiezingen te organiseren om de bevolking de kans te geven zich over zijn beleid uit te spreken. Gorbatsjov heeft die stap zelf niet aangedurfd en is door het Volkscongres maar met een krappe meerderheid van 59,2 procent tot president gekozen.

Drie jaar heeft het Jeltsin gekost om deze complete overwinning op Gorbatsjov te behalen. De boerenzoon uit het dorpje Boetka in de provincie Sverdlovsk heeft het ver geschopt. Na een mistroostige jeugd, die gekenmerkt werd door honger, armoede en een barakkenleven, kwam hij via de bouw in de partij terecht, waar hij snel carriere maakte. In 1976 benoemde Brezjnev hem tot eerste partijsecretaris van de provincie Sverdlovsk, het industriele hart van de Oeral. In 1985, ironie van het lot, bood zijn latere voornaamste vijand Jegor Ligatsjov hem een baan in het Centraal Comite aan.

Aan het eind van dat zelfde jaar gaf Gorbatsjov hem de opdracht het partijcomite van Moskou te gaan leiden, dat door het wanbestuur van politburo-lid Grisjin totaal in het slop was geraakt. De provinciaal Jeltsin, gewend aan een krachtige hand van besturen, begon het hele oude kader te ontslaan. Hij maakte in een mum van tijd veel vijanden en begon ook de politburo-leden hij was inmiddels tot kandidaatlid benoemd steeds meer te irriteren. Zijn als demagogisch beschouwde uitstapjes naar de winkels en ritjes met de metro, zijn kritiek op het privilegesysteem, zijn eigenmachtig optreden en zijn harde karakter werden als onacceptabel beschouwd.

De eerste echte botsing met Gorbatsjov ging over Gorbatsjovs rede ter gelegenheid van de 70-ste verjaardag van de Oktober Revolutie, een toespraak waarop Jeltsin vrij veel kritiek had. Gorbatsjov pareerde met een stroom van kritiek op Jeltsins bestuur van Moskou. Jeltsin had ook steeds openlijkere conflicten met Ligatsjov. Tijdens het beruchte Oktober Plenum van het Centraal Comite, in 1987, vroeg Jeltsin om ontheffing van zijn kandidaatlidmaatschap van het Politburo omdat hij zich niet met de gevoerde politiek kon verenigen. Het hele Centraal Comite viel over hem heen en Jeltsin stortte in. Hij werd vervolgens, doodziek, ook afgezet als partijsecretaris van Moskou en er leek een roemloos einde gekomen aan zijn carriere. De manier waarop Gorbatsjov hem toen heeft laten vallen heeft Jeltsin zeer verbitterd. In zijn memoires, een ijdel en nogal opgeblazen boek, spuit hij hierover bladzijden lang zijn woede en geeft hij een zo negatief beeld van Gorbatsjov, dat je je afvraagt of die twee ooit nog tot normaal samenwerken in staat zullen zijn. Het Russische volk houdt van verliezers en Jeltsins populariteit steeg dan ook als een komeet.

Ruim een jaar later nam hij op een overweldigende wijze revanche door met 89,6 procent van de stemmen gekozen te worden tot afgevaardigde van Moskou naar het eerste Congres van volksafgevaardigden. Ook daarna waren er nog tal van sensaties in zijn politieke loopbaan, veelal van een scandaleus karakter. Het partijapparaat, op wraak belust, heeft geen middel onbenut gelaten om hem in de ogen van de bevolking zwart te maken, waardoor zij zijn martelaarsrol alleen maar heeft versterkt. Enige tijd leek de campagne tegen Jeltsin succes te boeken: Jeltsins vermeende dronken tournee door Amerika en de vreemde geschiedenis met zijn duik in de Moskva-rivier deden zijn imago geen goed. Maar Jeltsin is niet stuk te krijgen. Hij heeft opnieuw gezegevierd en weet zich daarbij, in tegenstelling tot Gorbatsjov, gesteund door een groot deel van de bevolking. Hoe zullen Gorbatsjov en Jeltsin verder door het leven gaan? Als Gorbatsjov verstandig is maar zijn poging om de stemming over Jeltsin negatief te beinvloeden wijst daar niet op zoekt hij de confrontatie niet. De daden van de Litouwse president Vytautas Landsbergis kan Gorbatsjov naast zich neerleggen, die van de Russische president niet. Als president van de Russische republiek gaat Jeltsin automatisch deel uitmaken van de Raad van de Federatie, een van Gorbatsjovs twee adviesorganen.

Jeltsin zou Gorbatsjov een enorme hoop werk en zware verantwoordelijkheid van de schouders kunnen nemen en dat zou Gorbatsjov niet onwelkom moeten zijn. Confrontatie tussen beiden zou een ramp zijn voor Rusland en voor de Sovjet-Unie. De maatschappij is zo geelektriseerd dat ruzie aan de top onvoorspelbare gevolgen kan hebben. De democratisering heeft in feite geleid tot een snelle groei van de politieke tegenstellingen, maar het is zeer onproduktief pluralisme, dat het rustig uitvoeren van een verstandig beleid voortdurend onmogelijk maakt. De democratisering dreigt in steeds groeiende anarchie te verzanden. Gorbatsjovs positie wordt daarbij steeds zwakker. De vraag is nu wat Jeltsin wil behalve de macht. Zijn verkiezingsprogramma is, hoewel radicaal, niet zo schreeuwerig als dat van vorig jaar. Hijzelf is ook minder schreeuwerig geworden. Reageerde hij een jaar geleden nog furieus op kritiek en aanvallen, en waren zijn verkiezingstoespraken toen nog zeer demagogisch van aard, tijdens het congres van de RSFSR heeft hij zich uitstekend beheerst en duidelijk op vragen geantwoord. Had hij vroeger een aantal volstrekt ongeletterde raadgevers en actievoerders in zijn omgeving, nu heeft hij intelligentere adviseurs aangetrokken en dat is in zijn programma duidelijk te merken.

De Democratische fractie van het Congres en een groot aantal oppositionelen uit de Opperste Sovjet van de Sovjet-Unie steunen hem, deels natuurlijk omdat een politicus die de steun heeft van het volk, hier een zeldzaamheid is die gekoesterd moet worden. Behalve die, voorlopige, steun van het volk heeft Jeltsin nog een voordeel. Hoewel hij, net als Gorbatsjov, geheel uit de schoot van de partij komt, heeft hij zich sneller losgemaakt van een aantal ideologische dogma's, waarmee Gorbatsjov, bewust of onbewust, nog worstelt. Hij pleegt geen lippendienst meer aan het socialisme en is een voorstander van een radicale doorvoering van een markteconomie. Toch blijft Jeltsin een onvoorspelbare man. Zijn memoires geven een beeld van een wilskrachtige, ijdele figuur, die zich langzaam ontworstelt aan zijn communistische milieu, maar boordevol rancunes zit. Het is te hopen dat hij tot compromissen bereid zal blijken te zijn.

    • Laura Starink