Advocaten breken overleg over rechtshulp af

DEN HAAG, 28 mei De Nederlandse orde van advocaten en de Vereniging Sociale Advocatuur Nederland (VSAN) schorten het overleg met het ministerie van justitie op over een nieuwe structuur voor de gefinancierde rechtshulp. De advocaten eisen dat staatssecretaris Kosto (justitie) opheldering geeft over een vorige week door het ministerie verzonden persbericht dat volgens de raadslieden de indruk wekt dat zij de overheid oplichten door veel meer adviezen te declareren dan in werkelijkheid gerechtvaardigd is. Volgens het departementale onderzoek is het aantal adviezen tussen 1985 en 1988 met 30.000 gestegen tot 115.000.

Een merkwaardige stijging, aldus het ministerie omdat die toename niet overeenkomt met een stijging van het aantal juridische problemen. 'De aantijgingen moeten worden ingetrokken', eist mr. S. Land, voorzitster van de VSAN. 'Het ministerie probeert de advocatuur in diskrediet te brengen door een aantal lekkere feitjes de publiciteit in te slingeren. Een dubieus politiek spelletje: hier worden bezuinigingen voorbereid', moppert mr. F. R. van der Laken die namens de Orde sinds het begin van dit jaar met het ministerie overleg pleegde over de nieuwe Wet op de Rechtsbijstand. Een wetsvoorstel dat Kosto voor het einde van dit jaar wil indienen.

Het ministerie van justitie zegt de verontwaardiging van de advocaten niet goed te begrijpen. 'We zeggen helemaal niet dat er van grootschalige oplichterij sprake is', zegt mr. W. F. G. Meurs, hoofd van de hoofdafdeling Algemeen Beleid Rechtshulp. 'We vermoeden wel dat sommige advocaten compensatoir gedrag vertonen: ze proberen het in hun ogen te lage inkomen aan te vullen door iets meer en iets langere adviezen te declareren.'

De studie stelt vast dat controle op declaraties van advocaten voor niet-processuele handelingen adviezen nauwelijks mogelijk is.

Omdat het systeem niet bestand is tegen misbruik wil het ministerie een inspectie in het leven roepen die mogelijk ook steekproefsgewijs op advocatenkantoren controles kan uitvoeren. De juridische inspecteurs zullen een status krijgen die vergelijkbaar is met de geneeskundige inspectie waardoor de vertrouwensrelatie tussen advocaat en client niet zal worden geschaad, verzekert Meurs. 'Een compleet absurd idee. Dat krijgt het ministerie absoluut nooit gedaan', zegt Van der Laken. 'We laten de overheid niet neuzen in de stukken die wij met onze clienten uitwisselen. Voordat je het weet gaan ze zeggen wat we wel en niet zouden moeten doen.'

Van der Laken wijst er bovendien op dat minimaal dertig procent van de 'sociale' zaken van advocaten gericht zijn tegen overheidsinstanties. Daar past de Staat dus helemaal niet als pottekijker.

De advocaten kunnen er wel mee instemmen als naast de eigen raden van toezicht van de advocatuur een bureau komt dat zich speciaal bezig houdt met steekproefsgewijze controle. 'De overheid moet dan wel middelen ter beschikking stellen voor het oprichten van zo'n bureau en het moet dus een taak blijven van de eigen beroepsgroep', zegt Land.

Het toch al delicate en moeizame overleg tussen de beroepsgroep en het departement over de vraag hoe de jaarlijks stijgende kosten van gefinancierde rechtshulp kunnen worden beperkt, is voorlopig goed verstoord. Toch leken de standpunten zich te naderen. Het departement is volgens Meurs bereid tegemoet te komen aan het vorig jaar door de Commissie Polak gedane advies de vergoedingen te verhogen. De aanbeveling van Polak voor een verhoging met 25 procent betekent voor Justitie een extra uitgave van 50 miljoen gulden. Of dit hele bedrag op tafel komt, hangt af van de onderhandelingen die Justitie nog met het ministerie van financien voert. Voor 1 september de dag daarop een ultimatum van de advocaten afloopt hoopt Justitie de directe verhoging bekend te maken. 'We erkennen best dat de huidige vergoedingen te laag zijn', zegt Meurs. 'De vraag is alleen aan welk inkomen moet je het salaris van een advocaat relateren. Zij zeggen met een rechter van een middelgrote rechtbank, maar wij vinden dat lang niet alle advocaten daarvoor in aanmerking komen.' Het ministerie is bovendien van mening dat de sociale advocaten die de hoofdzaak clienten bijstaan die in aanmerking komen voor gefinancierde rechtsbijstand via 'efficiency-verbetering' hun inkomen kunnen opvijzelen. 'Sociale advocaten tonen een zeer grote betrokkenheid met hun clienten. Ze vergaderen veel collectief, nemen zitting in buurt- en actiegroepen waardoor ze niet altijd even economisch werken', zegt Meurs.

Op hun beurt zijn ook de advocaten bereid zich schappelijk op te stellen. Als de overheid erkent dat de vraag naar rechtshulp principieel onbeheersbaar is en er dus niet via contracten voor kan worden gezorgd dat advocaten jaarlijks maar een vastgesteld aantal zaken kunnen behandelen, dan is de Nederlandse Orde bereid de prijs van rechtshulp te helpen beperken. 'Als aan het eind van een jaar blijkt dat het budget voor de gefinancierde rechtshulp is overschreden dan zijn de advocaten bereid proportioneel die meerkosten voor eigen rekening te nemen. Met een maximale grens van tien procent', aldus Van der Laken. Justitie moet het budget dan wel jaarlijks aanpassen aan de nieuwe cijfers.

Hij voegt er echter onmiddellijk aan toe dat dit idee afkomstig is van iemand 'in de comfortabele stoel van een advocaat die overwegend betalende clienten heeft'.

Het aan het einde van het jaar inleveren van het geld waarmee het budget is overschreden 'ligt wat pijnlijker' bij de ongeveer tien procent van in totaal 6.000 advocaten die een overwegend sociale praktijk hebben.

Volgens Van der Laken is het daarom bespreekbaar dat een verhoging van de vergoedingen die de overheid verstrekt voor de gefinancierde rechtshulp gefinancierd wordt uit een verlaging van het tarief voor advocaten die alleen incidenteel 'on- en minvermogenden' bijstaan. 'Als je een criterium weet te maken om sociale en niet-sociale advocaten te kunnen onderscheiden dan lijkt het mij een aanvaardbaar idee dat de kantoren met overwegend betalende clienten iets minder vangen dan de advocaten die primair van de gefinancierde hulp leven. Maar het moet de commerciele kantoren niet verboden worden gefinancierde rechtshulp te doen.'

    • Marcel Haenen