Verschuivende verdwijnpunten en zuivere diagonalen in hetkoolzaad

De landschapsfotografie van Ger Dekkers heeft zo langzamerhand internationale status gekregen: in vele musea in binnen- en buitenland en in tal van openbare en andere gebouwen zijn zijn seriele werken te vinden. Vergroot tot monumentale afmetingen beslaan zijn reeksen kleurenfoto's complete wanden, ze worden inmiddels algemeen als uitingen van beeldende kunst erkend en gewaardeerd, iets wat met fotografische varianten ervan nog lang niet altijd vanzelfsprekend is.

Al bijna een kwart eeuw is de nu zestigjarige Ger Dekkers bezig met het formuleren en ontwikkelen van een beeldtaal die specifiek is voor het Nederlandse cultuurlandschap. Polders, strekdammen, dijken, sloten, greppels, hoogspanningsmasten, wegen en windsingels zijn de elementen die steeds opnieuw worden aangepakt in een geometrisch spel met verschuivend perspectief en in een kantelende horizon verborgen verdwijnpunten. Tot welke consequenties Dekkers' fotografische landschapsperceptie kan leiden is op het ogenblik te zien op drie tentoonstellingen met werk dat op de respectievelijke provincies is geinspireerd: reeksen over de drooggelegde Zuiderzeebodem in het Provinciehuis Flevoland in Lelystad, over de Zeeuwse polders in de Zeeuwse Bibliotheek in Middelburg en series over de Friese Waddendijken in het Fries Museum in Leeuwarden. Te constateren valt dat het Dekkers blijft lukken om zich, binnen het beperkt aantal mogelijkheden dat hij zichzelf heeft opgelegd, te onttrekken aan een dreigend manierisme.

Aanhoudend ontdekt hij, schijnbaar zonder moeite, nieuwe details, andere standpunten en gewijzigde visies op eerdere composities, om de ogenschijnlijke monotonie in de platte dimensies van akkers, polderwegen en sloten te ontgaan, daarbij gretig gebruikmakend van de kleurvarianten die een koolzaadveld of een wolkenpartij hem bieden. De kracht van het werk is dat de in deze landschappen opgesloten patronen worden losgemaakt en dan hun eigen geometrisch-abstracte gelding krijgen. Wie goed naar de reeksen kijkt zal daarna met andere ogen door bijvoorbeeld Flevoland rijden. Het geheim van Dekkers' beeldende formule is de combinatie van de ingenieursprecisie, die aan onze polders ten grondslag ligt, met de vrije fantasie van een visueel dichter. Oorspronkelijk beperkte Dekkers zich tot het maken van series van zeven foto's volgens een vast systeem. Zijn met zes-bij-zes-negatieven geladen camera, waarvan het zoekermatglas in ruitjes was verdeeld, werd in Flevoland op zeker punt op statief neergezet. Na de eerste opname van een weg of een sloot, een rietkraag of een geploegde akker, werden aan weerszijden van dat centrale punt op vaste afstanden van enkele meters twee maal drie foto's gemaakt. Het resultaat waren reeksen van zeven vierkante kleurenfoto's met een naar links en rechts verschuivend perspectief, waardoor de lijnen en vlakken binnen het bereik van de camera zich zeven maal herhalend tot poetische projecties transformeerden. Het was zeer nauwkeurig werk, net zo precies als het in Dekkers' camerazoeker weerkerende millimeterpapier op de tekentafels, waarop ooit de eerste ontwerpen van de polders, wegen en dijken ontstonden.

Met grote hardnekkigheid heeft Ger Dekkers jaren achtereen zijn gebieden verkend en vastgelegd, door alle seizoenen heen en geen dijktalud of greppel verwaarlozend. Onderweg in het gemaakte landschap en in de tijd werd de fotografische systematiek uitgebouwd en verfijnd, de reeksen soms tot negen opnamen uitgebreid, hun samenhang in blokken gevarieerd. De horizontale strengheid van weleer versoepelde, de aanpak werd gevarieerder, grillige elementen als de rondgaande sporen van een tractor in akkerland of de ijsfragmenten langs een zeedijk werden in Dekkers' meetkunde van het nieuwe land toegelaten. De camerabewegingen zijn inmiddels gecompliceerder geworden, waardoor het spel met het perspectief geraffineerder kon worden. De foto-series verlopen nu soms in de perspectivische diepte van een strekdam, of trapsgewijs in het verticale vlak als de geelgroene gloed van het koolzaad moet worden onthuld, dikwijls ook kantelen de horizon en alle daarvan afgeleide lijnen tot zuivere diagonalen in de fundamentele vierkanten van de reeksen. Het is obsederend werk dat tot een steeds vernieuwde visie dwingt op juist die Nederlandse landschappen die veelal als eentonig en zelfs slaapverwekkend worden geoordeeld. Zo slaapverwekkend dat de automobilist er wordt aangeraden ook overdag groot licht te voeren. In de catalogus (fl.49,50), waarin de series zijn gereproduceerd, wordt gezegd dat Ger Dekkers zich verwant voelt met de zeventiende-eeuwse landschapschilders uit deze streken. Dat recht heeft hij, omdat hij het door die klassieke kunstenaars gedicteerde begrip van schilderachtigheid met een nieuwe dimensie heeft uitgebreid.

Tentoonstelling: Ger Dekkers, Zee-lucht-land. T/m 21/6 in: Provinciehuis Flevoland, Lelystad; ma t/m vr tijdens kantooruren; De Zeeuwse Bibliotheek, Middelburg; ma t/m za tijdens kantooruren; Fries Museum, Leeuwarden, di t/m za 10-17 uur; zo 13-17 uur. Catalogus fl.49,50.