Verkiezingen van de valse hoop

Een deel van de linkse guerrilla in Colombia heeft het camouflagepak verwisseld voor een kostuum. Maar nog steeds moeten kogelvrije vesten en machinegeweren het voortbestaan van de nu legale oppositie beschermen. Linkse leiders hopen op een doorbraak, en al zullen ze zondag de verkiezingen niet winnen, een nieuwe grondwetgevende vergadering moet in ieder geval hun fysieke overleven garanderen.

Het huis van de presidentskandidaat voor links in Colombia, Antonio Navarro Wolf, ligt in een van de betere wijken in het noordoosten van de hoofdstad Bogota. In de garage spelen lijfwachten een spelletje pingpong, niet gehinderd door de kogelvrije vesten die ze dragen en de pistolen in hun broekriem. Politie-agenten met Israelische Galil-geweren lopen rondjes voor deur. Andere agenten bemannen controleposten aan weerszijden van de afgezette straat.

De kandidaat wordt scherp bewaakt door zijn voormalige mede-guerrilleros. Na de jaren van camouflagepakken in de Andes en de selva, zijn velen nu getransformeerd tot keurige heren in grijs kostuum met stropdas, maar nog altijd paraat met revolver, machinegeweer en portofoon.

Er wordt een hek gemaakt in de tuin van het huis. Werklieden die het gaas en de buizen naar binnen dragen, worden iedere keer bij het betreden van het pand gefouilleerd. De buizen worden van binnen met een zaklantaarn bekeken. De kandidaat lijkt niet veiliger te kunnen zijn.

Antonio Navarro (civiel ingenieur, studie in de VS, professor aan de universiteit van Valle en top-guerrillero) kondigde zijn kandidatuur voor het presidentschap van Colombia aan op de begrafenis van zijn voorganger, Pizarro. De legendarische ex-guerrillacommandant Carlos Pizarro Leongomez, werd op 26 april aan boord van een vliegtuig, hoewel omringd door acht gewapende lijfwachten, doodgeschoten door een 22-jarige sicario.

Pizarro was op het moment van zijn dood anderhalve maand een officiele politicus, en zijn gelegaliseerde Movimiento Diecinueve de Abril (M-19) de hoop van links in Colombia. Duizenden mensen kwamen opdagen voor de begrafenis van de charismatische Pizarro in Bogota, de stad waarvan hij ruim een maand eerder tijdens lokale verkiezingen het burgemeesterschap had betwist, en daarbij tien procent van de stemmen had weten te veroveren.

Pizarro was niet de eerste linkse politicus in Colombia die op gewelddadige wijze om het leven kwam. Hij zal ook niet de laatste zijn. Op 22 maart werd de presidentskandidaat van de Union Patriotica (Patriottische Unie, UP) op de luchthaven van de hoofdstad doodgeschoten. Honderden andere politici en aanhangers van de UP - burgemeesters, gemeenteraadsleden, vertegenwoordigers in het Congres, vakbondsleiders, mensenrechtenwerkers en UP-leiders Jose Antequera en Jaime Pardo Leal - gingen hem voor in de dood.

Opengevallen plaatsen

De slachting onder links in Colombia de afgelopen jaren lijkt niet in verhouding te staan tot de electorale aanhang die de beweging heeft. Bij de presidentsverkiezingen van 1986 veroverde de UP zo'n 330.000 stemmen op een totaal van zeven miljoen, nog geen vijf procent. Een marginaal resultaat, dat gekoppeld aan een vrijwel zekere gewelddadige en voortijdige beeindiging van een carriere als linkse politicus in Colombia, de aanhangers van de beweging er niet van weerhoudt opengevallen plaatsen in te nemen en de strijd om de kiezer en voor de democratische idealen voort te zetten.' Er heerst een enorm optimisme in linkse kringen over de mogelijkheid dat er nu werkelijk democratie in Colombia komt', zo verklaart Eduardo Pizarro, broer van de vorige maand vermoorde M-19-leider, de aan zelfmoord grenzende moed en vastberadenheid van linkse politici in zijn land. ' De dood van Carlos heeft dit idee alleen maar versterkt', zegt Pizarro, socioloog aan de Nationale Universiteit in Bogota. ' Begin dit jaar had M-19 niet meer dan honderd actieve aanhangers in Bogota, nu zevenduizend.' Diego Montana Cuellar, de grijze eminentie van de intern verscheurde UP, belichaamt de vastberadenheid en ogenschijnlijke onverschilligheid van links ten opzichte van de levensgrote risico's. Terwijl hij bij zijn auto wordt opgewacht door een lijfwacht-annex-chauffeur en twee politie-agenten op motorfietsen, zegt Montana onder verwijzing naar de recente golf van terreuraanslagen in de hoofdstad: ' We leven allemaal in dagelijks gevaar, niet alleen de politieke leiders, ook de gewone mensen in de straat. Ach, ze kunnen toch niet dertig miljoen Colombianen vermoorden.' Wie de moordenaars van links en zijn leiders zijn, is onduidelijk. De aanslagen op Jaramillo (UP) en Pizarro worden door de Colombiaanse regering toegeschreven aan de nog immer voortvluchtige drugsbaron Pablo Escobar, evenals de moord op de liberale presidentskandidaat Luis Carlos Galan in augustus vorig jaar en die op de liberale senator Federico Estrada Velez begin deze week in Medellin.

Maar in linkse kringen wordt deze bewering van de hand gewezen. ' De Extraditables (de Uitleverbaren, de sterke arm van de drugsmafia) hadden geen reden om Jaramillo en Pizarro te vermoorden, ' meent Montana, ' het is een poging van extreem-rechtse elementen tot destabilisatie, zodat het klimaat rijp wordt gemaakt voor het facisme.'

Ook Pizarro's broer Eduardo en diens opvolger Antonio Navarro hangen deze theorie aan. Eduardo Pizarro: ' Mijn broer en Jaramillo zijn vermoord door extreem-rechts, dat wellicht voor de aanslagen gebruik heeft gemaakt van de formidabele infrastructuur van de narcos.' De alliantie tussen wat in Colombia 'extreem-rechts' heet - en weinig nauwkeuriger wordt omgeschreven als een duister groepje grootgrondbezitters, industrielen en elementen van de strijdkrachten - en de drugsbaronnen is maar een stukje van de vrijwel onoplosbare legpuzzel van politiek en misdaad in dit land. En slechts een van de oorzaken van Colombia's imago van straffeloos geweld.

Ondergronds

De traditionele verdeling van de macht in Colombia tussen de elite van conservatieve danwel liberale signatuur dreef links snel ondergronds en naar de wapens, ruim voor de Cubaanse revolutie van 1957 de trend zette in Latijns Amerika. Nog steeds manifesteert een deel van links zich in de guerrilla, terwijl de legale linkse partijen hun ontstaansgeschiedenis aan de gewapende strijd ontlenen.

Colombia vormt geen uitzondering op het algemene beeld in Latijns Amerika van ongeljke verdeling van de welvaart. In dat beeld past ook de linkse guerrilla die zich gewapenderhand verzet tegen die maatschappelijke onrechtvaardigheid. Maar in tegenstelling tot andere verzetsbewegingen in de regio kunnen de Colombiaanse guerrillagroepen nauwelijks op steun van de bevolking rekenen. ' De Colombiaanse guerrilla is autoritair en een misdadig', zo oordeelt Eduardo Pizarro over de activiteiten waaraan zijn vermoorde broer jarenlang leiding heeft gegeven. ' De guerrilla begaat uitwassen tegen de campesinos die in een reactie daarop met steun van het leger Grupos de Autodefensa (zelfverdedigingsgroepen) hebben gevormd.' Het is vicieuze cirkel van geweld, waarin sinds enkele jaren ook de drugshandelaren een rol zijn gaan spelen.

De belangrijkse guerrillagroepering is de Fuerzas Armadas Revolucionarias de Colombia (De Gewapende Revolutionaire Strijdkrachten van Colombia, FARC), die met naar schatting 4.500 strijders actief is in grote delen van het land. De FARC houdt zich onder meer bezig met het innen van een 'beschermingsbelasting' van coca-producenten in wat Pizarro een convivencia met de drugsmafia noemt. In gebieden onder controle van de FARC heerst veelal een hard regime, waarbij vermeende verklikkers van het leger zonder pardon worden afgemaakt. De gewelddadige reputatie van de FARC leidde ertoe dat de uit deze beweging ontstane legale politieke partij Union Patriotica zo min mogelijk met de FARC wil worden geidentificeerd, al was het meer om wraakacties door de Grupos de Autodefensa tegen UP-leden te beperken.

Ook de op een na grootste guerrillagroep, het op Cuba georienteerde Ejercito de Liberacion Nacional (het Nationale Bevrijdingsleger, ELN) maakt zich schuldig aan misdaden. Met zo'n tweeduizend jonge mannen en vrouwen richt het ELN zich onder commando van de Spaanse ex-priester Manuel Perez vooral op ontvoeringen, een activiteit die een rechts doodseskader in het leven riep met de plastische naam Muerte a Secuestradores (Ontvoerders Dood). Naast een drietal kleinere guerrillagroepen kon tot voor kort ook de 1.600 man sterke M-19 in dit rijtje worden opgenomen. De beweging ontstond uit onvrede met vermeende fraude bij de verkiezingen op 19 april 1970, waardoor de populistische oud-dictator generaal Gustavo Rojas Pinilla op het nippertje verloor van de conservatieve kandidaat. De afgelopen jaren heeft M-19 een aantal keren van zich doen spreken door gewaagde acties. Zo werd in november 1985 het paleis van justitie in Bogota gewapenderhand veroverd en daarbij het halve Hooggerechtshof gegijzeld. Bij de bloedige herovering door het Colombiaanse leger vonden ten minste honderd mensen de dood, onder wie de top van M-19 en een aantal rechters die tevergeefs hadden opgeroepen tot onderhandelingen met de guerrilleros.

Begin dit jaar leverden de strijders van M-19 de wapens in en werd de beweging omgevormd tot een politieke partij, onder de naam Democratische Alliantie M-19. Na de moord op UP-leider Jaramillo en het verval van diens partij, vormt M-19 nu de politieke voorhoede van links. M-19-kandidaat Navarro is daardoor de leider van links geworden en hij neemt zijn leiderschap-tegen-wil- en-dank zeer serieus. Het belangrijkste programmapunt van M-19 is het lanceren van niet minder dan een 'plan voor de vrede', waarbij alle strijdende elementen in Colombia moeten worden betrokken. ' Dit worden de moeilijkste verkiezingen die ooit in Colombia zijn gehouden', zegt Navarro, met een duidelijk hoorbaar spraakgebrek - het gevolg van een aanslag op zijn leven drie jaar geleden, waarbij hij aan de hals gewond raakte en een been verloor. ' Dit is ook een erg tegenstrijdig moment: de wil tot vrede in het land is nog nooit zo groot geweest, terwijl we ook nog nooit zoveel geweld hebben gehad.' Navarro heeft zijn diensten aangeboden bij de bemiddeling tussen de Colombiaanse regering en de verschillende strijdgroepen, inclusief die van de Grupos de Autodefensa die vooral actief zijn in de provincie Midden-Magdalena en die volgens UP-politicus Montana de afgelopen jaren verantwoordelijk waren voor een enorme slachting onder het niet-gewapende deel van links. Eduardo Pizarro: ' M-19 weet dat overleven afhankelijk is van vrede of van bodyguards. Daarom is het aanbod gedaan met deze groepen te gaan onderhandelen.'

Miljoen stemmen

Voor links zijn het spannende tijden. Men voelt dat er kans is op een doorbraak in de legale Colombiaanse politiek, wellicht op een miljoen stemmen. Bovendien zal volgens Eduardo Pizarro voor jongeren ' de keuze voor de guerrilla verdwijnen bij een sterk en verenigd links'.

En: ' Links heeft nog nooit de liberalen en conservatieven uitgedaagd in de urbane regio's. De verkiezingen moeten uitwijzen, of er inderdaad ruimte voor links is in Colombia'.

Redacteur Hector Torres van het onafhankelijk-progressieve en mede door de Nederlandse NOVIB gefinancierde tijdschrift Solidaridad, verklaart de tot dusver geringe steun voor links door de dogmatische en sectarische opstelling. ' Links in Colombia heeft zich nooit weten te organiseren. Maar het was ook moeilijk om een organisatie op te bouwen die voortdurend door de militairen werd vervolgd', zegt Torres.

Links-Colombia hoopt dat na morgen een begin kan worden gemaakt met de volwaardige deelname aan de politiek van het land, liefst zonder te zijn aangewezen op kogelvrije vesten en machinegeweren. Gelijktijdig met de presidentsverkiezingen wordt er morgen een referendum gehouden over de vraag of er een nieuwe grondwetgevende vergadering (Constituyente) moet komen. In de visie van M-19 en de linkse beweging zal die vergadering het tijdperk van vrede en hervorming van de anti-linkse staatsorganen inluiden. Diego Montana erkent dat een dergelijke hervorming - hij spreekt van een 'sociaal pact' - vooral de fysieke overleving van links en zijn voormannen moet garanderen.

Maar in het Colombia van de kogels lijkt dat voorlopig weinig realistisch. Hector Torres: ' Het creeren van een Constituyente is een ding. Maar de vraag is vooral wie er zal gaan regeren'.

Niet links, dat is wel duidelijk. Voorlopig is links-zijn in Colombia vooral een kwestie van overleven. Het klinkt wrang, maar Antonio Navarro Wolf was, achter een haag van lijfwachten, in elk geval nog in leven toen de laatste hand aan dit artikel werd gelegd.