Een kernbom kan niet zomaar afgaan

ROTTERDAM, 26 mei Ontwerpfouten in drie typen kernkoppen maakten het mogelijk dat ze voortijdig zouden kunnen ontploffen, onthulde het Amerikaanse dagblad The Washington Post deze week. Een van deze drie is de W79. Dit is de kernkop voor het M753 projectiel dat ook door de 8 inch-houwitser van de Nederlandse landmacht kan worden afgeschoten. Deze projectielen hebben een bereik van ongeveer 29 kilometer. Ze zijn een meter lang en wegen circa honderd kilo. Of in Nederland W79 kernkoppen liggen opgeslagen en zoja hoeveel, is geheim. Volgens schatting liggen er in Europa twee- a driehonderd, de meesten in Duitsland.

De W79 is een splijtingswapen. Dat wil zeggen dat de grote explosieve kracht berust op het uiteenvallen van zware atoomkernen, in dit geval van plutonium 239. Om een kettingreactie teweeg te brengen in een splijtingsmateriaal moet een minimale hoeveelheid in een zeker volume bijeen worden gebracht: de kritische massa. Voor plutonium is dit ongeveer 11 kilo. Een W79 bevat waarschijnlijk vijf a tien kilo. Dit is een massa ter grootte van een tennisbal. Uit zichzelf zal hierin dus geen kettingreactie op gang komen. Wanneer deze massa onder grote kracht wordt samengedrukt kan dat wel.

Om deze compressie teweeg te brengen is het plutonium omgeven door elementen van conventionele chemische springstof. Langs elektronische weg worden deze elementen exact op hetzelfde moment tot ontploffing gebracht, waardoor er een van alle kanten even grote druk wordt uitgeoefend op het plutonium. Om het rendement nog te verhogen worden er tegelijkertijd neutronen geinjecteerd in de plutoniumkern. Neutronen doen plutonium-atomen splijten en bij deze splijting komen ook weer nieuwe neutronen vrij. Het plutonium is omgeven door een neutronenreflector die ervoor zorgt dat de geproduceerde neutronen zoveel mogelijk nieuwe splijtingsreacties veroorzaken.

Bij een W79 is de explosiekracht volgens het Nuclear Weapons Databook instelbaar van minder dan een tot circa tien kiloton TNT-equivalent. De W79 behoort hiermee tot de kleinste kernwapens. Het is een typisch slagveldwapen. De W79 is technisch geschikt voor plaatsing van een tritium-element, waardoor hij gebruikt kan worden als neutronenbom. In 1984 heeft het Amerikaanse Congres echter besloten dat zulke wapens niet meer zullen worden geproduceerd.

Voor zover bekend heeft er nog nooit een onbedoelde nucleaire explosie van een kernwapen plaatsgehad, terwijl er vele duizenden kernkoppen operationeel zijn. Er zijn allerlei voorzieningen getroffen om te voorkomen dat onbevoegden die een bom in handen krijgen een nucleaire explosie teweeg kunnen brengen. Hij bevat onder meer een elektromechanisch slot dat alleen kan worden ontgrendeld als twee daartoe bevoegde personen altijd Amerikaanse militairen die hun code invoeren.

De chemische explosieven die de nucleaire lading omgeven kunnen wel onbedoeld tot ontsteking komen. Er zijn verscheidene van zulke ongevallen bekend. Wanneer er een ontsteking optreedt in een van de springstofelementen vindt niet de bolsymmetrische compressie plaats die nodig is om een nucleaire kettingreactie teweeg te brengen. Waarschijnlijk spat de plutoniumbal meteen uit elkaar. Het meeste plutonium komt dan binnen een straal van een meter of dertig op de grond terecht. Een deel wordt als stof de lucht ingeblazen.

Plutonium is uitermate giftig en radioactief. Het inademen van plutoniumstof brengt alfastraling in de longen en dat is zeer kankerverwekkend. Plutoniumverontreiniging op enige schaal is onder meer opgetreden toen een vliegtuig van de Amerikaanse luchtmacht met kernwapens aan boord in 1966 boven Spanje neerstortte.

Volgens de bronnen van de Washington Post zou bij het laden van de nucleaire granaten in de houwitser een dergelijke onbedoelde ontsteking wel tot een beperkte kernreactie kunnen leiden. Die reactie ontwikkelt zich niet volledig, omdat ook dan de plutoniumkern uiteenspat. Nucleaire granaten worden gewoonlijk in vredestijd niet geladen.

Geen enkel Amerikaans kernwapen mag onder welke omstandigheden dan ook een grotere kans hebben dan een op een miljoen om een onbedoelde, beperkte nucleaire explosie met een kracht van 1,8 kilo TNT-equivalent teweeg te brengen, aldus de door de Washington Post aangehaalde geheime veiligheidsvoorschriften. De W79-koppen zouden niet aan deze norm hebben voldaan. Wat er precies aan de W79-koppen mankeerde is niet duidelijk. Volgens sommige zegslieden van de Post bestond er verschil van mening over welke springstof toegepast moest worden. Militairen zouden hebben aangedrongen op een lichtere, gemakkelijker te ontsteken (expres, maar ook per ongeluk) springstof. Slechts koppen die veel verplaatst moeten worden, zodat het risico van vallen groter is, zouden met een veiliger, maar zwaardere springstof zijn uitgerust.