De wereld is gewaarschuwd

Het jaar 1989 was het jaar van de revoluties in Oost-Europa, 1990 is het jaar van de congressen en symposia over de gevolgen ervan. En ze hebben doorgaans een ding gemeen: ze beginnen in euforie over het einde van de Muur en het ontstaan van een Europa, en binnen de kortste keren vliegt de discussie Europa uit, de Derde Wereld in, ja, de hele ozonlaag door het heelal in. En dan duurt het niet lang of er wordt somber heen en weer getobd over de sluipende ondergang van de wereld. Dit keer zijn evenwel niet de kernwapens de brengers van de apocalyps, maar zijn het zaken dichter bij huis: de verwoesting van de natuur, de overbevolking en de armoede die tot milieurampen en revolutionaire migratiegolven zullen leiden. Het symposium dat het Westduitse weekblad Die Zeit, nog eind vorig jaar, organiseerde 'Ende des Kommunismus - und was nun?'

Hij eindigde met de conclusie van gespreksleider Ralf Dahrendorf dat we niet meer verder komen met het denken in systemen en in termen van de status quo. De enige hoop waarmee hij na drie dagen terugging naar Oxford was, dat we sinds het einde van het communisme in elk geval in staat zijn in een taal met elkaar te spreken over de problemen van de wereld en omgeving. Dat was tamelijk weinig voor een gezelschap geleerden en politici van naam: Daniel Bell, Andree Fontaine, Willy Brandt, Henry Kissinger en Oleg Bogomolow, om er maar enige te noemen.

Het lijkt er op dat het vooral de managers, de technici en de organisatie-adviseurs zijn die nog visie hebben in Europa, en over een inmiddels ongebruikelijke hoeveelheid optimisme beschikken. Het voor Nederlandse begrippen groots opgezette congres 'Europe by nature', dat afgelopen vrijdag in de Ridderzaal werd gehouden, was daar een voorbeeld van.

De dag met Bilderberg-achtige werkgroepen over alle aspecten van de Europese eenwording was georganiseerd door de stichting 'Conspectus Europae', waarachter de Amsterdamse organisatie-adviseur met poetisch-filosofische inslag, drs. Bento Bremer, de drijvende kracht is. Twee van de drie inleidende sprekers de socioloog professor Immanuel Wallerstein en de voorzitter van de Club van Rome, dr. Alexander King verkondigden wel weidse visies, maar dat daarbij de lucht onder de hanebalken vervuld raakte van optimisme, dat bepaald niet.

Wallerstein is al twintig jaar bezig met zijn even indrukwekkende als wereldomvattende studie naar 'The Modern World-System', waarvan het vierde deel, over de tijd na 1840, op punt van verschijnen staat. Geen wonder dus dat hij nu in zijn rede doorstootte naar 'De problemen van de volgende 50 jaar', de eerste vijftig jaar van wat hij het post-Amerikaanse en post-marxistisch-leninistische tijdperk noemt.

De Koude Oorlog was een zorgvuldig geconstrueerd akkoord een menuet mogenlijk tussen de VS en de Sovjet-Unie, dat beide supermogendheden korte tijd in staat stelde hun rijk uit te bouwen en te verstevigen. Het was een tijd van vrede en economische groei in de geindustrialiseerde wereld, waarvan Europa en Japan nog meer profiteerden dan de menuet-dansers zelf. Volgens Wallerstein was 1968 het revolutionaire jaar dat leidde tot het revolutionaire jaar 1989. Volgens Wallerstein kan de wereld de komende decennia een belangrijke kapitalistische expansie tegemoet zien, te vergelijken met die na de Tweede Wereldoorlog, die gepaard zal gaan met een ingrijpende herschikking van geopolitieke allianties, en met een groeiende polarisatie tussen het rijke Noorden en het arme Zuiden. De wereld wordt een noordelijke wereld, de zuidelijke helft klont in armoe en ellende samen in monstersteden als Calcutta en Lagos. Daarom is hij 'helemaal niet optimistisch'. Deze polarisatie zal leiden tot serieuze explosies in de Derde Wereld, tot niet te stoppen massale migratie naar het Noorden, en, als gevolg daarvan, tot grote politieke onrust aldaar, dus ook in Europa. Over dertig jaar zullen de gekleurde mensen in de VS in de meerderheid zijn. In Europa zullen ze een kwart van de bevolking uitmaken, hetgeen een enorme culturele transformatie zal betekenen. Dus wat wordt Europa? Een bolwerk tegen Japan en de VS? Dat zou 'ergens in de volgende eeuw' tot een wereldoorlog kunnen leiden.

Of wordt Europa samen met Japan en de VS lid van de Noordelijke alliantie tegen het oprukkende Zuiden? Dat laatste houdt Wallerstein voor het meest waarschijnlijke. Hij eindigde daarom met de waarschuwing dat deze tegenstelling zich zeer snel en heel gevaarlijk kan ontwikkelen in de strijd tussen christendom en islam. Europa moet deze historische duivel uitdrijven, anders is Europa weer terug bij af. Want was het belangrijkste gemeenschappelijke beeld dat Europa van zich zelf had niet dat van de kruistochten? Voor Erasmusprijswinnaar King was Europa eigenlijk helemaal geen thema meer. Het gaat nu om het behoud van de menselijke soort, en die wordt bedreigd door de overactiviteit in het Noorden. Daar doen en consumeren de mensen veel te veel: per capita veertig keer zo veel als rond 1900 om precies te zijn. En toch is er tegelijkertijd te veel eten: 90 procent calorieen teveel, om precies te zijn. Dat eten is evenwel het probleem niet, dat is de wereldbevolking. Die zal in het jaar 2000 tot 6,2 miljard, in het derde kwart van de volgende eeuw tot 12 a 14 miljard mensen zijn gegroeid.

En daarvan zal een goeie 80 procent arm zijn en in ellendige omstandigheden leven. Ze hebben geen geld om het voedsel te kopen. Nu sterven 40.000 kinderen per dag aan honger of aan ziektes als de mazelen. Gevolg: het Noorden zal zich in een zelfgemaakt getto terugtrekken, bedreigd door alle migranten die 's nachts in bootjes de Middellandse Zee oversteken, op de vlucht voor de armoede of, in het geval van de 18 miljoen Egyptenaren in de Nijldelta, voor het water dat snel zal stijgen als gevolg van de temperatuurstijging met een graadje of drie, vier. Ook volgens King zal de noordelijke flank van het Middellandsezeegebied geheel islamitisch worden, net als in de Middeleeuwen.

Maar ook in dit getto zal het niet uit te houden zijn. Want waren de milieurampen tot nu toe locaal en meestal op te lossen, wat we nu zien is een globaal milieuprobleem: broeikas, ozon, waterspiegel, woestijnen, overstromingen. En, aldus King, alle katalysatoren en glasbakken in het Noorden, zullen niet opgewassen zijn tegen de overwaaiende milieuverontreiniging uit de Derde Wereld.

China industrialiseert met behulp van zijn kolengebieden en zal in het jaar 2020 zijn CO-2 over de hele wereld blazen. Het Noorden zal dit soort gevaren alleen kunnen afkopen door landen als China snel, en voor een prikje, een serie kerncentrales te leveren. Het is de enige optie, aldus King.

Nu Europa, het Noorden, geen vijanden meer heeft, is het enige wat overblijft om voor te strijden de natuur. En de natuur, dat zijn we zelf, aldus King, en daarom was ook hij 'helemaal niet optimistisch'. Want de mens is tenslotte de grootste vijand van de mens. 'En die mens heeft een wereld gebouwd die gebaseerd is op een fenomenaal succesvolle technologie, maar geestelijk op praktisch niets'.

De woorden van Alexander King doen denken aan de woorden waarmee Johan Huizinga in 1935 zijn boek In de schaduwen van morgen begon: 'Wij leven in een bezeten wereld. En wij weten het. Het zou voor niemand onverwacht komen, als de waanzin eensklaps uitbrak in een razernij, waaruit deze arme Europeesche menschheid achterbleef in verstomping en verdwazing, de motoren nog draaiende en de vlaggen nog wapperende, maar de geest geweken'. Waarschuwingen als die van King zijn terecht, maar als we bedenken dat in Huizinga's tijd de grootste bedreiging van de wereld uiteindelijk niet voortkwam uit het luisteren naar de radio, maar uit een buurland, dan is er reden de voorspellende gaven van mensen als King ietwat te relativeren.

Zijn Club van Rome voorspelde in 1970 dat de mensen door uitputting van de grondstoffen waarschijnlijk hun laatste fietsband of filmrolletje wel hadden gekocht. Nu blijkt de wereld onder te gaan aan een teveel aan grondstoffen. En waar de wereld nog geen vijf jaar geleden op de drempel stond van de nucleaire apocalyps, wordt nu de nucleaire optie als enige reddingsboei van de wereld gepresenteerd.

Bij al dit doemdenken kan het ook geen kwaad te citeren wat doemdenker Huizinga tegen het einde van zijn beroemde boek schreef: 'De historie kan niets voorspellen, behalve een ding: dat geen groote wending in de menschelijke verhoudingen ooit uitkomt in den vorm, waarin vroeger levenden zich haar hebben verbeeld. Wij weten zeker, dat de dingen anders loopen, dan wij denken kunnen.'

    • Henri Beunders