Opnieuw hoofdrol Nederlanders bij veroveren Europa Cup I door AC Milan; Cultuur-schok in Italiaans voetbal

WENEN, 25 mei Society-figuren als Carlo de Benedetti, Gianni Agnelli en Silvio Berlusconi beheersen in meer dan een opzicht het publieke leven in Italie. In de gunst om de publieke opinie woedt tussen Agnelli en Berlusconi zelfs een regelrechte veldslag op het voetbalveld.

Fiat-eigenaar Agnelli trok de afgelopen week de aandacht met de transfer van 40 miljoen van Roberto Baggio, hij kocht eerder dit seizoen voor Juventus de Westduitse middenvelder Hassler (17 miljoen), benevens de Braziliaan Julio Cesar (5 miljoen) en de aanvaller van Lazio Roma, Paolo di Canio (12 miljoen). Het predikaat duurste elftal ter wereld verhuisde daardoor in een klap van Milaan naar Turijn. De onrust die de koopwoede van de al jaren niet meer serieus genomen concurrent veroorzaakte bij AC Milan heeft ongetwijfeld bijgedragen tot de snelle driejarige contractverlenging met Ruud Gullit, over wie de Italianen lang getwijfeld hebben of hij ooit nog wel zou voetballen.

Er spoelde derhalve een golf van opluchting door de catacomben van het Prater-stadion in Wenen toen AC Milan voor Italie afgelopen woensdagavond een unieke Grand Slam in de vijfendertigjarige historie van het Europa-Cupvoetbal realiseerde. Na het winnen van de Europa Cup II (Sampdoria) en de UEFA Cup (Juventus), ging ook de belangrijkste Europese beker voor clubteams naar een Italiaans elftal. AC Milan versloeg in het toernooi voor landskampioenen Benfica (1-0), Frank Rijkaard was match-winnaar en Ruud Gullit speelde na ruim een jaar voor het eerst weer een volledige Europa-Cupwedstrijd probleemloos uit.

Stralend verklaarde president Silvio Berlusconi: 'Ik ben voldaan over Gullit. Hij heeft aangetoond dat terugkeer naar zijn oude niveau weer tot de mogelijkheden behoort. Het Milan dat we vanavond hebben gezien was wellicht niet de ploeg zoals we die kennen, maar dat kwam ook door de tegenstander.'

Vrijwel tegelijkertijd zorgde trainer Sacchi op de gebruikelijke persconferentie voor wellicht de mooiste uitspraak van de avond. Het betrof de onbaatzuchtigheid van Frank Rijkaard, nog niet opgestoten tot dezelfde status van ster als Gullit en Van Basten, maar als schakel voor het team minstens zo onmisbaar. Sacchi: 'Er zijn persoonlijkheden die zich ook buiten het veld nadrukkelijk willen laten gelden. Rijkaard heeft dat niet. Na afloop komt hij in de kleedkamer heel bescheiden naar me toe om mij voor alles te bedanken. Terwijl wat deze wedstrijd betreft ik hem eigenlijk zou moeten bedanken.'

Patent

Volgens Ernst Happel hebben de Nederlanders bij Milaan een soort cultuur-schok in het Italiaanse voetbal veroorzaakt. De veranderingen die hun offensieve instelling in de serie A teweeg hebben gebracht vallen in politiek opzicht volgens de Weltmeister nog het best te vergelijken met het neerhalen van de Berlijnse muur. De Oostenrijkse kampioenstrainer van FC Tirol had die profetische woorden nauwelijks uitgesproken of hij werd in het Prater-stadion wat dat betreft op zijn wenken bediend. Gullit trok de ruimte voor Van Basten, die met een van die eigenaardige lepe passjes waar hij het patent op lijkt te hebben de opgerukte Rijkaard een nauwelijks te missen mogelijkheid bood. De ex-Ajacied scoorde ongeveer op dezelfde plaats waar Van Basten eerder Gullit al had gelanceerd. Maar door een gebrek aan ritme en scherpte slaagde Gullit er niet in een redelijk 'debuut' met een doelpunt te bekronen.

Niettemin was de Nederlander opgetogen over zijn prestatie. 'Maak ik een goal dan was ik van alles verlost geweest', erkende Gullit. 'Maar het was voor mezelf een volslagen verrassing dat ik negentig minuten probleemloos op dit niveau kon voetballen. Dat had ik nooit gedacht. Je mist inderdaad dan nog de actie na de actie zoals ik het noem. Maar dat is louter een kwestie van ritme opdoen en spelen. Voor mij was het moeilijk omdat Milan vanavond niet zo goed speelde zoals ik normaal gewend ben.' Het was een onwennigheid waar ook Van Basten over klaagde: 'Met Gullit naast mij is het toch anders voetballen. Dat heb ik nu bijna een jaar niet meer meegemaakt. Daarom denk ik dat we ook in het Nederlands elftal twee tot drie weken nodig zullen hebben om het blindelingse, wederzijdse gevoel van vroeger terug te krijgen.'

Respect

Bij Rijkaard stak wat dit onderwerp betreft de pluk de dag-mentaliteit weer de kop op. Rijkaard: 'Wat is dat nou toch allemaal voor onzin? Vragen van hoe ver vind je Gullit op dit moment? Ik ben dolblij dat hij er weer bij is. Zeker in het Nederlands elftal. Gullit dwingt in het veld respect af. Alleen zijn aanwezigheid scheelt al tachtig procent in de prestatie van een elftal.' Opmerkelijk was dat de notoire dwarsliggers Gullit en Van Basten ten opzichte van Oranje een identieke conclusie trokken. Gullit: 'We hebben te lang onherkenbaar gespeeld na het EK. De flair en de herkenbaarheid van het Oranje-spel moeten terug. Zo snel mogelijk. Of ik speel? Voor mijn part als pinch-hitter. Ik moet voor mezelf het gevoel hebben dat ik effectief voor het elftal kan zijn. Vindt de coach dat ook dan speel ik, anders niet.' Er is echter weinig verbeeldingskracht voor nodig om te concluderen dat Beenhakker de speelwijze van AC Milan grotendeels ook op het Nederlands elftal zal projecteren. Vooral Van Basten is bij voldoende steun in de aanval tenslotte een stuk gevaarlijker dan de geisoleerde aanvaller van Oranje, die het in de aanloop naar het WK bij gebrek aan steun in de spits van slechts enkele bevliegingen moest hebben.

Bij Milan is dat allemaal anders. Daar grossiert de Nederlander in acties die qua artisticiteit nog het meest op ballet lijken. Van Basten in normale doen is ongrijpbaar, is in het veld gemeen, hard en intelligent en bezit alle kwalificaties waarover slecht een uiterst select aantal voetballers ter wereld beschikt.

Milan, dat dit seizoen in de Europa Cup alleen uit tegen Mechelen echt in problemen kwam, was voor de tweede achtereenvolgende keer in de finale de terechte winnaar. Vorig jaar werd Steaua Boekarest in de eindstrijd afgedroogd, maar Benfica was beslist niet van plan om met open ogen op het wespennest te gaan zitten.

Arrogant

De merkwaardige mixture van Zweedse, Portugese en Braziliaanse internationals trad het peperdure Milanese gezelschap arrogant tegemoet, had meer dan een halve wedstrijd de zaken zelfs onder controle, maar moest uiteindelijk capituleren door de treffer van Rijkaard.

Bepaald armoedig was het te zien dat Benfica daarna niet in staat bleek offensief iets af te dwingen. Tot de zestien-meterlijn van het Milanse strafschopgebied oogde het Portugese gegoochel allemaal wel aardig, daarna greep bij Milan als veldheer van zijn verdediging libero Baresi in. Benfica-trainer Eriksson haalde de schouders op over het gebrek aan stootkracht van zijn elftal. Over Milan wilde hij niet praten, maar Eriksson maakte bepaald niet de indruk dat hij het Prater-stadion als een gebroken coach verliet.

Na de handsbal van Vata die Benfica tegen Olympique Marseille ten onrechte in de finale had gebracht, was de eindstrijd tegen Milan op papier bij voorbaat al geen kansrijke zaak. Zeker niet omdat Milan en Berlusconi na het verlies van het kampioenschap en de Italiaanse beker gebrand waren op de troostprijs. Met wedstrijden voor de Super Cup en de wereldbeker denkt Milan de komende herfst tenslotte ongeveer vijftig miljoen gulden te kunnen verdienen.