Nederland wil strengere regels export babyvoeding

DEN HAAG, 25 mei De Nederlandse regering zal bij de EG-landen aandringen op een strengere richtlijn voor de export van babyvoeding naar ontwikkelingslanden. Dit zei minister Pronk (ontwikkelingssamenwerking) woensdag in de Tweede Kamer. In 1981 werd door de wereldgezondheidsorganisatie WHO een exportrichtlijn vastgesteld om de export van poedermelk ongedaan te maken. Binnen de EG wordt nu nieuwe regelgeving voorbereid die minder streng is dan de WHO-richtlijn.

Tijdens een mondeling overleg met de Tweede-Kamercommissie voor ontwikkelingssamenwerking bleek dat zowel het kabinet als de Tweede Kamer de ontwerp-richtlijn van de EG ontoereikend vinden. In de concept-richtlijn worden fabrikanten niet verplicht de informatie over de babyvoedingsprodukten op het etiket te vertalen. Bovendien wordt het hen niet verboden westerse reclame-technieken toe te passen, zoals het verstrekken van gratis monsters aan medische instellingen. Minister Pronk beloofde de Kamer bij de Europese Commissie er op aan te zullen dringen dat nadere bestudering en aanscherping van de ontwerp-richtlijn nodig is. Als dat niet lukt, zou er volgens hem een aanvullende richtlijn moeten komen die de fabrikanten meer beperkingen oplegt.

Moedermelk-vervangende produkten vormen een gevaar voor de gezondheid van zuigelingen in de Derde Wereld. Volgens een rapport van UNICEF neemt de zuigelingensterfte hierdoor aanzienlijk toe. Borstvoeding verhoogt de weerstand en is veel hygienischer.