'Israelische volk opgevoed met haat jegens Palestijnen'

DEN HAAG, 25 mei 'Wat zondag, bloody Sunday, in Israel met de moord op acht Palestijnen gebeurde, kan elk moment weer gebeuren. Het Israelische volk wordt opgevoed in het haten van Palestijnen. Zelfs in kinderboeken worden Arabieren ontmenselijkt en als een soort dieren voorgesteld, die het Israelische grondgebied maar beter snel kunnen verlaten. Als die jongen het niet had gedaan, had een ander zoiets wel op een ander tijdstip aangericht.' Jael Oren (37) van de Women's Organisation for Political Prisoners in Israel probeert in bevriende landen van Israel steun te vinden, in de hoop dat de regeringen van die landen de Israelische autoriteiten doordringen van hun foute beleid. Deze week sprak Oren met ambtenaren van Buitenlandse Zaken en had ze, begeleid door A. Mouthaan van Vrouwen voor Vrede, een vertrouwelijk gesprek met de vaste commissie voor buitenlandse zaken in de Tweede Kamer. In Frankrijk had ze al een ontmoeting met mevrouw Mitterrand. Nog deze week gaat ze naar Finland; daarna naar Belgie en de Bondsrepubliek.

De manier waarop in Israel Palestijnse vrouwen in gevangenissen worden behandeld, vindt Jael Oren symptomatisch voor de groeiende 'Arabs out'-mentaliteit. 'Een groep van ongeveer vijftig Israelische vrouwen raakte daarover langzamerhand zo gefrustreerd, dat we hebben gezegd: we moeten iets doen. Daarom hebben we twee jaar geleden deze organisatie opgericht.'

Ze verlenen juridische en humanitaire hulp aan Palestijnse vrouwen tijdens en na hun verblijf in de gevangenis. Uit Nederland hebben ze onlangs wat geld gekregen, totaal 15.000 gulden van de Gereformeerde Kerken, de actie X min Y en van de organisatie Mamma Cash.

Gearresteerde Palestijnse vrouwen, die er van worden beschuldigd stenen of molotov-cocktails te hebben gegooid, worden in Israelische gevangenissen slecht behandeld, in het bijzonder tijdens verhoren. Lichamelijke en geestelijke mishandeling, martelingen en ook seksueel misbruik zijn veel gebruikte methoden om bekentenissen af te dwingen.

Dertienjarige

Jael Oren vertelt over de dertienjarige Olla Ghazeli. Een dag na haar arrestatie vond een advocaat van de vrouwenorganisatie het kind in een cel. Ze was aan bed vastgebonden en werd voortdurend door politiemannen met verkrachtig bedreigd. Uit angst ondertekende Olla een verklaring, waarin ze toegaf graffiti-teksten op muren te hebben gespoten, gericht tegen de rechtse Israelische politicus Ariel Sharon. De vrouwenorganisatie bracht de zaak onder de aandacht van de Israelische pers; een dag later werd Olla Ghazali vrijgelaten.

Niemand wist aanvankelijk hoeveel vrouwen er precies gevangen zaten, omdat ze regelmatig elke paar dagen werden verplaatst. Volgens de jongste telling zijn het er ongeveer 54. Efaf Al-Salaime, een zestienjarig meisje gooide in april een molotov-cocktail in de richting van enkele politie-agenten. Ze werd opgepakt en in de gevangenis herhaaldelijk door de politie geslagen, ze hield er een gebroken vinger en een bloedneus aan over. Op 6 mei werd ze opnieuw ondervraagd. Uit haar relaas blijkt, dat ze in het politiebureau door diverse politiemannen werd aangevallen, onder wie twee hoge officieren. 'Steeds meer wordt het gevoel aangewakkerd dat Palestijnen geen mensen zijn die je hoeft te respecteren'.

Jael Oren denkt dat het daarom ook zo moeilijk is om in haar eigen land voldoende oppositie te mobiliseren tegen de mishandelingen. Dat is de reden waarom ze er nu op uit is internationale steun te verkrijgen en niet in de laatste plaats van Nederland. 'Juist landen die pro-Israel zijn hebben hier verantwoordelijkheid en ook de macht om iets te doen', zegt Oren.

Mevrouw Oren is er van overtuigd dat verhoogde internationale druk hard nodig is om de mishandelingen te stoppen. Het openlijke protest van mevrouw Mitterrand tegen een zaak waar een zwangere politieke gevangene medische hulp werd geweigerd, heeft in ieder geval resultaat gehad. 'Hoe verknipt de situatie in Israel nu is, bewijst het feit dat men ons eigenlijk volledig onze gang laat gaan. Geen dreigementen, niets. Wij zijn dan ook joodse vrouwen. Wij mogen alles. Palestijnse vrouwen mogen niets.'