De vloek van het vernuft

EEN DOORBRAAK, meldde minister Baker afgelopen weekeinde uit Moskou in het wapenoverleg. Merkwaardigerwijs was hij met ambtgenoot Sjevardnadze overeengekomen nieuwe categorieen kernwapens op te stellen. Terwijl de volksmond nog steeds van ontwapening spreekt. Als we dat begrip al kunnen gebruiken, dan staat het van nu af aan voor vervanging van het ene type wapen door het andere. Vermindering van intercontinentale ballistische raketten valt samen met de ontplooiing van mobiele raketten ter land en kruisraketten ter zee en in de lucht. Met doorbraak wordt bedoeld dat daarover eensgezindheid bestaat.

Het is nog te vroeg om de strategische betekenis van deze gang van zaken te analyseren. Niemand weet op dit moment wat de strategische behoeften van de toekomst zijn. De Sovjet-generaals hebben hun Oosteuropese bufferzone zien verkruimelen en moeten zich zelfs afvragen wat de duurzaamheid van de militaire posities binnen de Sovjet-grenzen is. In de NAVO begint zich een consensus af te tekenen dat de sinds 1967 geldende voorwaartse defensieve strategie haar tijd heeft gehad. Maar de eerste volgende creatieve gedachte laat in beide kampen nog op zich wachten.

BIJ GEBREK aan strategische concepties neemt de technologie het voortouw. Wat op de tekentafels wordt bedacht en bij proefnemingen bruikbaar blijkt, komt in produktie. Juist om die reden is de Strategische Defensie van Reagan wat op de achtergrond geraakt niet voorgoed afgeschreven overigens. Maar in de sfeer van de mobiele raketten, de kruisraketten (nucleair en conventioneel), de geavanceerde bommenwerpers en de van het merkteken 'high tech' voorziene conventionele wapens maalt het militair-industriele complex in West en Oost gestaag door.

Strategieen kunnen altijd nog worden bedacht, en als dat in gewijzigde omstandigheden moeilijk blijkt resten de gelegenheidsargumenten. In het Kremlin kan men schermen met de generaals die in de moeilijke politiek-economische omstandigheden van het moment tevreden moeten worden gesteld, in het Westen valt men eenvoudig terug op de noodzaak van de koppeling (plaatsing van kernwapens in of vlakbij Europa) een soort contributie waarmee de Amerikaanse loyaliteit aan de gezamenlijke verdediging zou moeten worden betaald.

VANZELFSPREKEND blijven er echte problemen. President Bush noemde er een toen hij verzekerde dat er in Europa geen ruimte mag ontstaan voor het voeren van conventionele oorlogen. Die opmerking hield in dat er ten behoeve van de verdediging van democratisch Europa (wat zal daarvan straks de omvang zijn?) een nucleaire component moet blijven. Een dergelijke constatering is een beter uitgangspunt voor een zinvolle strategische discussie dan het vernuft van de wapentechnologen.