Rapport OAS: bestuur Suriname de facto in handen van hetleger

WASHINGTON, 22 mei - Het leger van Suriname maakt zich schuldig aan ernstige schendingen van de mensenrechten. Dat staat in een perscommunique over het jaarlijkse rapport van de inter-amerikaanse mensenrechtencommissie van de Organisatie van Amerikaanse Staten (OAS) dat vrijdag in Washington is gepubliceerd. Het volledige rapport over de periode 1989/1990 wordt op een later tijdstip gepubliceerd.

De OAS constateert dat de burgerregering in Suriname geen feitelijke macht heeft en dat de facto het leger Suriname bestuurt. 'Het leger handelt ongestraft, schendt als het van pas komt de mensenrechten van zijn burgers, zowel van politieagenten en burgerpolitici, als van bosnegers en indianen', aldus de OAS. De OAS-commissie constateert met zorg dat het leger de bestaande spanningen tussen de verschillende rassengroepen uitbuit om zijn eigen machtspositie te handhaven. 'Een van de ernstigste gevolgen van het etnische geweld van het leger is het gebrek aan voedsel en medicijnen voor de binnenlanden, vanwaar alarmerende berichten komen over honger en ziekten.' De mensenrechtencommissie constateert verder dat 'paradoxaal genoeg' ondanks deze grove schendingen van de mensenrechten bij binnenlandse conflicten, een aantal andere mensenrechten zoals de vrijheid van godsdienst en vrije meningsuiting in Suriname wel geeerbiedigd worden. Van belang acht de OAS-commissie tenslotte dat er een wet van kracht wordt die aan de militaire politie opsporingsbevoegdheid ontneemt.

De Surinaamse Nationale Assemblee (parlement) heeft de regering maandag gemaand 'op de meest korte termijn' een definitief meerjaren-ontwikkelingsprogramma (MOP) voor 1989 tot 1993 bij het parlement in te dienen. Tegelijkertijd moet de regering de jaarplannen voor 1989 en 1990 aan het parlement voorleggen. De Nationale Assemblee drong hierop aan bij de behandeling van het concept-MOP.