De vergiftigde verhoudingen op Warschaus gymnasium nr. 6; 'Eris een kruistocht aan de gang tegen de rooien die van school moeten'

Nee, ze is niet bitter, zegt ze, ze is niet bitter over de veranderingen in Polen en op deze school, zegt ze, Julitta Stepniak, lerares Russische taal en literatuur. Ze is ook geen communiste meer. Ze is eigenlijk nooit communiste geweest, zegt ze, Julitta Stepniak.

Maar ze jokt een beetje, ze heeft ook lang over het antwoord moeten nadenken, kijkend naar haar nagels, terwijl achter haar in de vensterbank het water kookt voor de oploskoffie die ze zo dadelijk zal inschenken. Ze jokt een beetje, want gesprekken met leerlingen, ex-leerlingen en collega-leraren hebben geleerd dat Julitta ...pniak, die altijd een fervent partijlid is geweest, die aan deuren luisterde en scholieren naar huis stuurde en volgens oud-leerlingen zelfs voor de politie heeft gewerkt, het heel moeilijk heeft nu in Polen en aan deze school het socialisme ten grave is gedragen.

Een school: lege gangen, deze middag, blinkend parket, aanplakbiljetten aan de muren, in schreeuwende kleuren, er is een kino in de salon komputerowany, Cave Man, met Ringo Starr, die hier Star heet. Een vitrine met foto's van levenloze lichamen, lijken in de modder van Katyn. Het ruikt intens naar school. Leerlingen timmeren ergens met veel lawaai een podium. Een vermoeide concierge in een gekreukte bruine jas sloft door de hal. 'Better dead than sober' heeft iemand op een muur geschreven.

Dit is Gymnasium nummer zes, vernoemd naar Tadeusz Reytan, aan de Warschause Ulica Wiktorska, ooit, onder het vorige bewind, een van de meest gepolitiseerde scholen van de stad, hier hadden al in de jaren zeventig veel leraren banden met de dissidente organisatie KOR en later met Solidariteit. Hier zijn leraren om politieke redenen ontslagen, geschorst, geinterneerd.

Julitta Stepniak weet er alles van, maar is alles vergeten. 'Nee', zegt ze, 'ik was nooit communiste in de klassieke zin, ik was links en dat ben ik nog. Voor mij speelt de vraag naar de ontwikkeling van het individu, naar zijn mogelijkheden, daar geloof ik nog steeds in, dat is mijn Leitmotiv.'Ze heeft nooit meegewerkt aan het wegwerken van collega's, zegt Julitta Stepniak: 'Ik voelde juist medelijden met ze. Maar die dingen lagen gecompliceerd, en de vervolgden van vroeger hadden ook de neiging zich te isoleren, ze waren moeilijk te bereiken.'Ze is wat verongelijkt. De mensen die vroeger lid van de partij waren, zegt ze, wordt nu verweten deel te hebben uitgemaakt van het regime. 'Maar de top van de partij heeft altijd los gestaan van de basis. De top was iets heel anders dan de basis. Maar wij krijgen de schuld, wij worden gezien als vertegenwoordigers van het oude bewind.' Ze wil niet over politiek praten, zegt ze, 'ik word er moe van.'

Discriminatie

De relaties op school hebben niet geleden onder de verandering van politiek systeem. Dit is altijd een liberale school geweest, de contacten met leerlingen waren altijd heel warm, zegt Julitta Stepniak, en weer is het zand tussen haar tanden te horen, want ze vergeet de leerlingen die ze heeft aangegeven en ze ziet over het hoofd dat de meeste leerlingen haar al jarenlang negeren. Ze houdt vol: 'Ik word geaccepteerd. Alleen in 1981 heb ik iets van discriminatie gemerkt, toen kreeg ik van een leerling te horen dat ik hem lage cijfers gaf omdat hij geen communist was'. Dat was een moeilijke tijd, 1981, zegt Julitta Stepniak. 'Ik vind niet dat je kinderen moet betrekken bij brute politiek, dat gebeurde ook tijdens het stalinisme. Toen werden kinderen tegen hun ouders opgezet. In 1981 werden ze tegen de docenten opgestookt. Nee, nu is dat niet meer het geval', zegt ze.

Binnen de staf van de school, zegt Julitta Stepniak, zijn de betrekkingen gekalmeerd. 'Iedereen doet gewoon zijn werk.' Maar je hoort weer het zand tussen haar tanden, en bij doorvraging geeft ze ook wel toe: 'Niet alle collega's gedragen zich vriendelijk. Er is altijd wel een groep die de situatie wil uitbuiten, die belangstelling heeft voor de winst van de macht.'Ze is ook heel blij met de veranderingen in Polen, en op school, zegt Julitta Stepniak, maar men heeft alleen de neiging te vergeten dat veel van wat nu door niet-communisten wordt verwezenlijkt door de communisten is voorgesteld. Een van de onderwijsprincipes van vroeger, zegt ze, was de vroege specialisatie: leerlingen maakten op hun twaalfde of dertiende hun beroepskeus, een keus voor het leven, en konden daar later niets meer aan veranderen. Nu wordt die keus later gemaakt. 'Ik heb dat zelf aan deze school voorgesteld, vier jaar geleden, maar dat werd verworpen.'Natuurlijk is ze niet met alles blij, zegt Julitta Stepniak, er is een groot gevaar dat de snelle ontwikkeling van het particulier onderwijs tot een verwaarlozing van de staatsscholen leidt, dat alles wat in het verleden in de staatsstructuren is bereikt, wordt verworpen. Maar verder - nee, Julitta Stepniak is heel tevreden. Nietemin - ze voelt zich toch aan Gymnasium nummer zes niet langer nogig. 'In de media is een campagne aan de gang, een kruistocht tegen de rooien die van de scholen moeten worden verdreven. Er is op school een groep die zich in gevaar voelt.' En zij maakt daar deel van uit, ze wil dat wel toegeven. Ze is dan ook vast begonnen iets anders te zoeken, voor het geval dat... Ze is een omscholingscursus begonnen voor leraren die van beroep moeten veranderen. Er is nog niemand ontslagen, 'maar zo voelen we ons wat veiliger'.

Vertrouwensfunctie

Anna Modrzejewska doceert aan dezelfde school. Ze geeft Poolse taal en literatuur. Ze is de tegenpool van Julitta Stepniak, ze heeft al vanaf 1976 in contact gestaan met KOR en Solidariteit, is nooit ontslagen, maar wel jarenlang geschorst geweest. Ze mocht ook geen klasselerares zijn, dat was een vertrouwenfunctie. Ze wil er niet veel over kwijt, het is verleden tijd: 'Ik heb slechts mijn burgerplicht gedaan.'Het is een ander verhaal: een over de felle polarisatie van vroeger, tussen de minderheid van partijleden, geleid door Julitta Stepniak en de directeur, en de meerderheid van het 65 leden tellende docentenkorps.

Er is sinds de politieke omwenteling van een jaar geleden nog niets veranderd in Gymnasium nummer zes, zegt Anna Modrzejewska: de staf is nog dezelfde, er zijn geen docenten weggestuurd, daar is zelfs geen discussie over geweest: 'Je trapt niet naar mensen die op de grond liggen. Julitta Stepniak wordt alom gehaat, maar ze heeft twee kinderen op school, je stuurt zo iemand niet weg, dat is niet menselijk. Ze werkt hier al twintig jaar. Niemand wil wraak, we willen alleen dat ze zich rustig houdt.'Bovendien, zegt Anna Modrzejewska, er is geen vervangend kader, want niemand wil leraar worden: een beginnende leraar krijgt 400.000 zloty per maand (85 gulden), terwijl het sociale minimum op 600.000 zloty ligt.

Zelfs in de leerstof is nog geen verandering gekomen, zegt Anna Modrzejewska: 'Het is nog te vroeg voor nieuwe leerboeken. Elke docent is vrij om zijn eigen leerstof te bepalen.'Het probleem speelt alleen in vakken als filosofie en geschiedenis, maar de goede leraren hielden zich al voor de revolutie van vorig jaar niet meer aan de officiele lezing. Economie wordt op Gymnasium nummer zes niet gegeven. Zijzelf voert in haar lessen vroeger verboden schrijvers als Czeslaw Milosz, Ewa Lipska, Stanislaw Baranczak en Anna Kaminska op. Er zijn weinig regels, zegt Anna Modrzejewska: 'De leraar die zijn eigen gedichten mooi vindt, kan zichzelf op het lesprogramma zetten.'Als er iets is veranderd, zegt Anna Modrzejewska, dan in de sfeer, en die is verslechterd. 'De studenten zijn minder actief, we zijn er hier niet eens in geslaagd leerlingenzelfbestuur te verwezenlijken omdat niemand belangstelling heeft.' Vroeger, zegt ze, was er de gemeenschappelijke vijand die moest worden bestreden, bij de verkiezingen van juni is op school driftig campagne gevoerd, de affiches van Solidariteit werden zo goed vastgelijmd dat ze niet kunnen worden weggehaald. 'Nu is de vijand weg, en de zege maakt lui'. Het geldt ook voor activiteiten van de filmclub, van de discoclub, in de schoolresultaten.

De directeur van Gymnasium nummer zes in Warschau werd vier jaar geleden benoemd, partijlid, communist, hij was vriendelijker tegen Solidariteit dan zijn voorganger, zegt Anna Modrzejewska, maar hij was niet onze keuze, en hij heeft zich in de praktijk niet altijd fatsoenlijk gedragen. Een paar weken geleden heeft het docentenkorps zich mogen uitspreken over zijn aanblijven. Hij kreeg maar twee tegenstemmen en is dus directeur gebleven. Ja, zegt Anna Modrzejewska, twee tegenstemmen is niet veel.'Maar wat zou het alternatief zijn geweest? Als we hem hadden weggestemd zou de vice-directeur hem zijn opgevolgd.' En dan zouden de docenten en leerlingen verder van huis zijn geweest, want de vice-directeur van Gymnasium nummer zes in Warschau heet Julitta Stepniak.