Roemeense paria stemt trots

BOEKAREST, 21 mei - Ilie Georgescu (77) is trots dat hem - zo lang een uit de samenleving gesneden paria - gisteren om een mening is gevraagd, dat hij heeft mogen stemmen, tegen het communisme. In de sneeuw is hij ooit met Hitlers troepen naar Stalingrad vertrokken, raakte in Duitse krijgsgevangenschap, heeft gespioneerd voor de Amerikanen en sleet vijftien jaar van zijnleven in Roemeense gevangenissen. Ilie Georgescu is een politieke gevangene geweest en hij is er trots op. Trots dat hij het heeft overleefd. Zijn flat kijkt uit op flats en telt een kamer, volgestouwd met een linnenkast, een bedbank, twee keukenstoelen en twee trapnaaimachines. Georgescu (77) moet werken voor de kost. Hij toont een ruim assortiment bloemetjesjurken. Van zijn pensioen, 872 lei per maand (nog geen 30 gulden tegen de officieuze koers), kan hij niet leven.

Zijn stem klinkt hoog en hees, hij lacht bij alles wat hij zegt. 'Wat kan ik anders.'

Hij pakt een corduroy gleufhoedje en wacht lang op de lift die vaak helemaal niet komt. 'Hoog hoor, zes verdiepingen.' De wijk heet Titan, her en der staan dampende vuilnisbakken. Boomwortels maken een kabbelende zee van het gescheurde asfalt. Ilie Georgescu gaat stemmen, met in zijn binnenzak zijn persoonsbewijs waar hij straks een stempel in krijgt. En zijn 'strafblad', het papier dat hij meekreeg toen hij werd vrijgelaten, in juli 1967, en waarop zijn misdaden staan opgesomd: zeven jaar voor samenzwering tegen de staat en acht jaar voor allerlei wetsartikelen die hij nooit heeft opgezocht. 'Mijn zoon was vlak na de revolutie bang dat hij zijn baan zou verliezen. Hij werkt als buschauffeur bij het ministerie van sport. Hij vervoert sportlui, heeft heel Europa gezien. Maar alles gaat gewoon zijn gang, hij kan er blijven werken.' Het is een kwartier lopen naar het stembureau, 'Sectia de Votare nr. 294', in zo'n school met van gezondheid blakende arbeiders op een tegelmozaiek aan de muur. Zondagochtend, acht uur precies. Er bestaan rijen en rijen in Roemenie, maar deze rij slaat alles. Mensen met slapende kinderen in hun armen, met dikke vesten en jassen aan, het is de eerste kille dag sinds weken. Ze zwijgen. Er lijkt genoeg gezegd in de Roemeense verkiezingscampagne.

Ilie Georgescu ziet het aan. 'Kom, we gaan terug, dit kan uren duren.'

Een kwartier later en zes verdiepingen hoger zit hij op het puntje van zijn bedbank. Vaak staat hij op en beweegt druk. Hij heeft in zijn leven al genoeg gezeten.

Pag.5: Vervolg

    • Gijsbert van Es