Recht op inzage in medische dossiers

DEN HAAG, 19 mei - Patienten krijgen het recht op inzage in hun medisch dossier. Het kabinet aanvaardde gistermiddag een wetsvoorstel waarin een aantal patientenrechten worden geregeld.

Medische hulpverleners wordt een inlichtingenplicht opgelegd: zij moeten de patient voorlichten over de aard en het doel van het onderzoek of de behandeling. De patient moet ook verteld worden welke risico's daarmee gepaard gaan. Alleen als dergelijke informatie de patient 'kennelijk ernstig nadeel' zal berokkenen, mag de arts of verpleger zwijgen.

Voor iedere verrichting tijdens een behandeling moet de patient voortaan expliciet toestemming geven. In het medisch dossier moet ook de verklaring opgenomen worden van een tweede arts, om wiens diagnose de patient heeft verzocht. De patient krijgt in principe inzage in het dossier, tenzij de persoonlijke levenssfeer van een ander daardoor wordt geschaad. Patienten tussen de zestien en de achttien mogen zonder toestemming van hun ouders een behandelingsovereenkomst sluiten. Patienten tussen de twaalf en zestien hebben nog wel toestemming van hun ouders nodig voor een medische verrichting. Die eis wordt niet gesteld als de ingreep nodig is om 'ernstig nadeel' voor de patient te voorkomen of als het kind, ondanks de weigering van de ouders, de ingreep 'weloverwogen blijft wensen'. Ziekenhuizen, of daarmee vergelijkbare inrichtingen waar patienten worden behandeld, worden in het wetsvoorstel aangemerkt als de centrale aansprakelijke instelling. Deze juridische aansprakelijkheid kan door hulpverlener en ziekenhuis niet contractueel uitgesloten worden. Patienten krijgen voortaan duidelijk de gelegenheid om onderzoek te weigeren waarbij wordt gebruik gemaakt van 'van het lichaam afgescheiden stoffen en delen'.

Het gaat dan meestal om bloed of urine. Dergelijk onderzoek wordt alleen toegestaan als het medisch-statistisch of anoniem onderzoek betreft.