Antisemitisme nu niet 'bon ton' in Moskou

MOSKOU, 19 mei - Op het Poesjkinplein, voor de redactie van het weekblad Moskovskije Novosti, staan dagelijks mensen te discussieren. Tussen die groepjes vind je altijd wel iemand met een baard en verwilderde blik in de ogen die met het schuim op de mond verkondigt dat het de joden zijn die de Russen naar de ondergang hebben geleid. Gekken en dwazen vind je overal, maar deze mannen vinden doorgaans een vrij aandachtig gehoor bij de omstanders, hoewel het niet zelden op bekvechten uitloopt.

Antisemitisme heeft altijd bestaan in Rusland en in de Sovjet-Unie. Het is ook eigenlijk nooit serieus bestreden. Sterker nog, lange tijd is het van hogerhand aangemoedigd. Stalin was een notoire antisemiet en zijn dood kwam net op tijd om een nieuwe golf arrestaties van joodse intellectuelen te keren. Maar ook daarna hebben de autoriteiten, onder het mom van antizionisme, de bevolking stelselmatig opgevoed in een atmosfeer die sterk tegen Israel en tegen de joodse emigratiebeweging was gekant. Jood is in de Sovjet-Unie een nationaliteit, net als Rus, Oezbeek, Basjkier of Tataar en je staat ook als zodanig vermeld in je paspoort, onder de zogenaamde vijfde paragraaf.

Sinds Gorbatsjov is er het een en ander veranderd. Emigratie van joden wordt niet meer tegengehouden, al stuit men natuurlijk hier en daar nog wel op bureaucratische willekeur. Eind van deze maand moet het parlement de Wet op de immigratie en emigratie aannemen, die de bewegingsvrijheid van Sovjet-burgers aanzienlijk zal vergroten. Het probleem van de refuseniks, mensen die geen toestemming kregen om te emigreren omdat ze door hun werk in aanraking zouden zijn gekomen met staatsgeheimen, verdwijnt langzamerhand naar de achtergrond. Ook in de politieke top begint het door te dringen dat organisaties als Pamjat gevaarlijk zijn en politburolid Aleksandr Jakovlev, door Pamjat zelf afgeschilderd als een cryptojood, heeft zich in interviews zeer fel tegen het antisemitisme uitgesproken.

Een bevriende mathematicus vertelde dat de verandering in de officiele politiek onmiddellijk voelbaar was op zijn wetenschappelijk instituut: een paar wetenschappelijke medewerkers die als fervente antisemieten te boek stonden, laten zich nu plotseling uitermate vriendelijk over hun joodse collega's uit en informeren belangstellend of zij al een uitreisvisum hebben gekregen. Hij verklaarde dit onder andere uit de aanwezigheid van enorme aantallen buitenlandse wetenschappers op zijn instituut, die de leiding graag te vriend wil houden in verband met opdrachten uit het buitenland.

Pag.4: Vervolg / Thema: Racisme en antisemitisme in Europa

Een bevriende mathematicus vertelde dat de verandering in de officiele politiek onmiddellijk voelbaar was op zijn wetenschappelijk instituut: een paar wetenschappelijke medewerkers die als fervente antisemieten te boek stonden, laten zich nu plotseling uitermate vriendelijk over hun joodse collega's uit en informeren belangstellend of zij al een uitreisvisum hebben gekregen. Hij verklaarde dit onder meer uit de aanwezigheid van enorme aantallen buitenlandse wetenschappers op zijn instituut, die de leiding graag te vriend wil houden in verband met opdrachten uit het buitenland.

Of het antisemitisme in de Sovjet-Unie toeneemt is moeilijk te beoordelen. Zeker is dat de grotere openheid de stemming in bepaalde bevolkingsgroepen duidelijker naar buiten heeft gebracht. De afgelopen maanden doken er met de regelmaat van de klok geruchten op over op handen zijnde anti-joodse pogroms. De Sovjet-autoriteiten verklaarden daarop dat die geruchten op niets gebaseerd waren en riepen de bevolking op de kalmte te bewaren. Volgens de Israelische consulaire delegatie, die onder de hoede van de Nederlandse ambassade de emigratie van Sovjet-joden regelt, is er op 2 mei in Andizjan in Oezbekistan een anti-joodse pogrom geweest. Een bende voetbalfans trok al plunderend de joodse wijk van de stad binnen. Ze keerden zich ook tegen Armeniers. Door de bank genomen is het geweld in de Sovjet-Unie de afgelopen paar jaar toegenomen en dat richt zich veelal op de niet-autochtone bevolking van de republieken.

Grote verontwaardiging wekte in intellectueel-Moskou de inval van een aantal aanhangers van Pamjat in het Schrijvershuis op 18 januari. Een vijftigtal mensen had zich toegang verschaft tot een bijeenkomst van de schrijversclub April en misdroeg zich daarbij zo dat de politie eraan te pas moest komen. Er klonken kreten als 'Joden! Vrijmetselaars! Hoepel op naar je Tel-Aviv, jodensmoel!' Een schrijver werd de bril van de neus geslagen. De bende beloofde terug te komen met machinegeweren. Tegen een aantal van de Pamjatisten, onder wie de leider van de actie, de Georgier Ostasjvili, is proces verbaal opgemaakt. Het Openbaar Ministerie heeft een zaak geopend op grond van artikel 190-3, 'de organisatie van ordeverstoringen in groepsverband'. De zaak is bevindt zich volgens de onderzoeksrechter 'in het finale stadium' en over ongeveer een maand zal de aanklacht geformuleerd worden. Wanneer echt tot vervolging van de relschoppers zal worden overgegaan is dat een unicum in de Sovjet-Unie. Achter het masker van het antisemitisme van Pamjat schuilt veelal het verlangen op welke manier dan ook de ontwikkeling naar democratie stop te zetten. Pamjat gok op een nieuwe kloof tussen intellectuelen en het volk. Het volk ziet wetenschappers en intellectuelen als de hoofdschuldigen aan de treurige toestand van Rusland. Met name de economen moeten het ontgelden: ze hebben de economie verziekt, en proberen Rusland nu aan het Westen te verkopen. Pamjat komt steeds met namenlijsten aanzetten van intellectuelen met Russische namen, die eigenlijk van joodse origine zouden zijn.

Veel mensen vrezen dat het opkomende Russische nationalisme, in zijn reactionaire vorm erg xenofoob van aard, gepaard zal gaan met een toename van antisemitisme. Pamjat is een kleine, extremistische organisatie, die al in verschillende groepen uiteen is gevallen en vooralsnog weinig aanhang heeft onder de Russische bevolking. Aanzienlijk groter is de aanhang van rechts-nationalistische schrijvers rondom bladen als Nasj Sovremennik (Onze Tijdgenoot), Glodaja Gvardia (De Jonge Garde) en Literatoernaja Rossia. Deze bladen bevatten agressieve artikelen van een zeer bedenkelijk allooi, die vaak een ietwat heimelijke, maar soms ook openlijke antisemitische strekking hebben. De oplage van deze bladen is echter aanzienlijk lager dan van, bijvoorbeeld, het progressieve miljoenenweekblad Ogonjok en de rechtse schrijvers hebben het bij de laatste verkiezingen veel en veel slechter gedaan dan de democraten. Zelfs de populaire kitsch-schilder Ilja Glazoenov, die een monarchistische partij wil oprichten, is met al zijn verheerlijking van Dostojevski, tsaar, god en vaderland niet in het parlement gekozen. De joodse exodus is het laatste jaar dramatisch toegenomen. Alleen al dit jaar zijn meer dan 30.000 uitreisvisa verstrekt voor Israel. Veel mensen geven als reden hun angst voor een groei van het antisemitisme, maar waarschijnlijk is een belangrijker reden de algemene angst voor de toenemende chaos en het ontbreken van enig toekomstperspectief in de Sovjet-Unie. Het zijn immers niet alleen de joden die willen emigreren, ook onder musici, kunstenaars, wetenschappers en vooral onder jongeren groeit het aantal mensen dat wil vertrekken gestaag. Vrienden die nooit aan emigratie gedacht hebben zouden nu de kans grijpen als ze hem geboden zouden krijgen.

De officiele politiek ten opzichte van de joden mag dan veranderd zijn, er is nog steeds niets wat lijkt op een echte strijd tegen het antisemitisme. Dat is ongetwijfeld heel gevaarlijk. Het is nog niet zo lang geleden dat emigranten-in-spe als landverraders werden afgeschilderd. En als de toenemende onvrede onder de bevolking een gewelddadige uitweg zou zoeken in de Russische steden - in Moskou wonen ongeveer 200.000 joden - zijn de joden een potentieel slachtoffer.