Gehandicapten voeren actie tegen obstakels inhorecagelegenheden

ARNHEM, 18 mei - G. Voorhuis uit Arnhem en W. Fidder uit Enschede, beiden 23 jaar, drinken regelmatig een pilsje in de kroeg. Het tweetal kan dit echter niet onbeperkt en in elk cafe doen. Wegens een lichamelijke handicap zijn ze aan een rolstoel gekluisterd. Drempels, trappen, nauwe doorgangen en een hoge bar zijn de voornaamste obstakels in een cafe. Bovendien laat de bruikbaarheid van het toilet vaak te wensen over.'Ken ik die deur deur' heet de actie die het duo vanavond met de actiegroep Toegankelijkheid voert op de Korenmarkt, een plein met veel horecagelegenheden in Arnhem. De lichamelijk gehandicapte jongeren, die deel uitmaken van het Jongerenplatform (JOPLA) van de Gehandicaptenraad in Utrecht, zullen een ronde maken langs alle cafes, met het doel de toegankelijkheid en bruikbaarheid van de kroegen te verbeteren. De uitbaters krijgen afhankelijk van de toegankelijkheid en bruikbaarheid van hun horecagelegenheid een groene, oranje of rode kaart overhandigd. Daarop staat een adres vermeld waar zij adviezen voor aanpassingen in hun cafe kunnen inwinnen. 'De slechte toegankelijkheid is meestal simpel te ondervangen', weet Voorhuis 'Bijvoorbeeld een plank voor de ingang. Maar kroegbazen zien vaak af van aanpassingen omdat ze niet weten dat ook lichamelijk gehandicapte jongeren graag uitgaan.'

Zelf durft hij nauwelijks bier te bestellen in een cafe. 'Vroeg of laat moet je naar het toilet en daar kun je meestal slecht uit de voeten. Als je iemand aanschiet om te helpen, heb je meteen bekijks. Dan ga ik maar naar huis.' Fidder heeft in zijn Enschedese stamkroeg 'Jansen en Jansen' betere ervaringen. 'Als ik naar het toilet moet, laat de kroegbaas de bar even de bar en helpt mij. Zo hoort het eigenlijk in elk cafe.'

Fidder en Voorhuis willen zo 'normaal' mogelijk functioneren in de maatschappij. 'En daar hoort het uitgaansleven zeer zeker bij', benadrukt Fidder.

De eisen die de actiegroep stelt aan de horeca-eigenaren in Arnhem zijn niet zo zwaar als de eisen van de Gehandicaptenraad. Pas als een cafe daaraan voldoet komt het in aanmerking voor het Internationale Toegankelijkheids Symbool (ITS), een blauw bord met een witte rolstoel. 'Voor het vignet geldt dat iemand met een lichamelijke handicap het gebouw zelfstandig kan bereiken, binnengaan en gebruiken', legt M. Ditmarsch van de raad uit. In Nederland zijn ruim tweehonderd gebouwen met een horecafunctie die het vignet dragen.

Hoewel de actie van lichamelijk gehandicapte jongeren de sympathie heeft van W. Genen, voorzitter van de 'Korenmarkt Belangenvereniging' in Arnhem, kan hij namens de gezamenlijke horecabazen van het plein niet garanderen dat ze ook aanpassingen in hun bedrijf willen en kunnen realiseren. 'Er zijn panden bij die zo oud zijn dat een verbouwing niet of nauwelijks mogelijk is', licht hij toe.

Voorhuis en Fidder hopen dat de actie ook in andere plaatsen in Nederland wordt gehouden. Het JOPLA houdt dit najaar in elk geval een landelijke actie.