Directeur in Polen hoopt dat privatisering hem verlost vaninspraak

WARSCHAU, 18 mei - Jan Lukasiewicz hoeft niet lang na te denken over de vraag waarom hij als directeur van een succesvol staatsbedrijf graag wil privatiseren. Nee, van bemoeienis van de kant van ministeries heb je tegenwoordig geen last meer, zegt hij, dat is vorig jaar al allemaal veranderd en daarvoor hoef je dus niet te privatiseren. Het voordeel ligt elders: Jan Lukasiewicz is straks van het arbeiderszelfbestuur af. Nu kan de raad van het arbeiderszelfbestuur nog dwars liggen. Dat kan straks niet meer, en dat is een hele vooruitgang.

Jan Lukasiewicz is tweevoudig ingenieur. Hij staat ons te woord in zijn directiekamer van het Warschause bedrijf Hefra, op tafel staan dozen met bestek, want dat wordt hier geproduceerd: vorken, messen, lepels, maar ook suikerpotten, servethouders, schalen en de borden waarvan de marine eet.

Hij werkt sinds elf jaar bij Hefra, sinds vier jaar als directeur, een benoemde directeur natuurlijk, vroeger ging dat zo. Maar, zegt hij, in december ben ik ook gekozen. Er was een soort competitie, er waren vijf kandidaten, er was een jury van vertegenwoordigers van de arbeiders, de bank, het ministerie en de vakbonden. Elke kandidaat moest zijn programma overleggen en dat mondeling verdedigen, en ik heb gewonnen. Hefra is een oud bedrijf. Het is na de oorlog als staatsbedrijf gesticht uit twee genationaliseerde vestigingen van buitenlandse bestekfabrieken, het Duitse Hennenberg en het Franse Fraget, vandaar de naam, Hefra. Er werken 800 mensen, 400 hier in Warschau, de andere 400 in de vestiging in Pultusk in het noorden. Het is een succesvol bedrijf, zegt de directeur. Twintig procent van de produktie wordt geexporteerd, ook naar Nederland, naar Amefa in Apeldoorn. In 1989 bedroeg de winst 4 miljard zloty op een omzet van 11 miljard, in het eerste kwartaal van dit jaar werd een winst van 2,5 miljard zloty geboekt op een omzet van 7,9 miljard.

Hefra wordt geprivatiseerd, een van de eerste bedrijven die de sprong in het diepe waagt. Over een periode van enkele jaren wordt de hele Poolse economie geprivatiseerd. Het kan zelfs zijn, zegt Jan Lukasiewicz, dat wij worden geprivatiseerd nog voor het parlement met de wetgeving klaar is, en dat we als een soort experiment gaan dienen. Veel is nog niet duidelijk. De waarde van de aandelen bijvoorbeeld. Die is nog onderwerp van analyses. 'Hoeveel het totale kapitaal wordt, weten we nog niet, noch of we een beperkt aantal aandelen met een hoge nominale waarde uitgeven of veel meer aandelen met een lage nominale waarde. Het wordt waarschijnlijk het laatste. Je moet rekening houden met de situatie in de samenleving, er is weinig geld.'

Twintig procent van de aandelen gaat voor prijzen ver onder de nominale waarde naar het personeel en 80 procent wordt vrij verhandelbaar. Jan Lukasiewicz verheelt niet te hopen dat het leeuwedeel naar het buitenland gaat, of dat het tot een vorm van samenwerking met het buitenland komt, tot een joint venture misschien: 'Er is belangstelling. Er gaat vrijwel geen dag voorbij of ik praat met een buitenlander over samenwerking'. Het grote voordeel van privatisering zal de eliminering van het arbeiderszelfbestuur zijn. 'Ik ben directeur, maar geen manager, ik moet mijn beslissingen met de raad van het arbeiderszelfbestuur bespreken en zij kunnen een veto uitspreken. Dat is nog nooit gebeurd, maar er zijn wel pittige discussies.'

Na de privatisering verdwijnt dat arbeiderszelfbestuur. Er is alleen een toezichthoudend lichaam, maar dat komt maar eens per jaar bijeen.

Jan Lukasiewicz zal de structuur van Hefra kunnen veranderen, ook die van het personeel: 'Ik zal vrij zijn mensen te ontslaan en aan te nemen, van de ene dag op de andere en zonder afhankelijk te zijn van de toestemming van de raad van het arbeiderszelfbestuur'.

En dat hij dat wil, daar laat Lukasiewicz geen twijfel over bestaan: de nieuwe structuur wordt 'volstrekt anders', want er zullen heel wat werknemers bij de administratie en de dienstensector verdwijnen en het aantal werknemers in de produktiesector wordt uitgebreid.

Leidt dat niet tot onrust bij het personeel? Het valt wel mee, zegt Jan Lukasiewicz opgewekt, het valt enorm mee. 'De raad van het arbeiderszelfbestuur heeft me in een resolutie zelfs gevraagd te zoeken naar de mogelijkheden van privatisering en van een joint venture. Ze willen graag. Ook al staat hun baan op het spel, ja. Waarom? Omdat ze meer willen verdienen, omdat ze weten dat een particulier bedrijf meer mogelijkheden heeft, omdat de vooruitzichten van het bedrijf er beter op worden.' Er is natuurlijk bezorgdheid bij de arbeiders, zegt Lukasiewicz. Je ziet het aan de houding ten aanzien van het werk. Men werkt veel harder en veel beter, er is vrijwel geen absenteisme meer, de mensen denken drie keer na voor ze besluiten niet naar het werk te komen. Er is meer punctualiteit, meer discipline, en als ze werken werken ze ook echt, zegt Jan Lukasiewicz.

Andrzej Golab is brigadeleider bij de afdeling galvanisering. Hij is ook voorzitter van de raad van arbeiderszelfbestuur, een kleine man met blauwe ogen en grijs haar, 40 is hij, twee jaar jonger dan zijn directeur. Zijn raad bestaat uit zestien leden, veertien van Solidariteit, twee onafhankelijke leden. De OPZZ, de vakbond van het vroegere bewind, is niet vertegenwoordigd, hun kandidaten hebben het bij de verkiezingen niet gehaald. Hij bevestigt: ja, we hebben de directie gevraagd te privatiseren. Een meerderheid binnen de raad was ervoor, hoe de arbeiders erover denken weten we nog niet precies, daar komt nog een referendum over. Maar vaststaat: ook zij zijn in meerderheid voor. Als er mensen zijn die er anders over denken, dan betreffen de meningsverschillen het tempo en de manier, niet de privatisering zelf.

Waarom zetten arbeiders hun baan op het spel? Dat is toch een van de consequenties van de privatisering. Golab: 'We verdienen hier niet veel en volgens de huidige regels kunnen we ook niet meer verdienen. We zitten aan ons plafond. Om meer te verdienen moeten de eigendomsverhoudingen worden veranderd, daar is men in het algemeen wel van overtuigd'. Heeft Andrzej Golab verwijten te horen gekregen over de houding van zijn raad ten aanzien van de privatisering van Hefra? Nee, je hebt natuurlijk altijd vrienden en vijanden, maar persoonlijke verwijten, dat niet. Je hoort wel kritische stemmen, maar we proberen mensen te overtuigen dat privatisering beter is, voor het bedrijf en ook voor hun inkomen.

En het arbeiderszelfbestuur? Het verdwijnt, zegt Andrzej Golab, en er klinkt een ondertoon van irritatie over de vraag. 'Er zal geen arbeiderszelfbestuur meer bestaan. Het geld zal regeren. De investeerders zullen regeren. Wij sterven een natuurlijke dood. En we doen het vrijwillig. Waarom? We zijn realisten.' Sterft daar geen oude droom van Solidariteit? Heeft Solidariteit zich niet jarenlang sterk gemaakt juist voor dat doel: arbeiderszelfbestuur? Andrzej Golab moet heel lang nadenken over die vraag. Hij bekijkt zijn handen, zijn sigaret. En hij zegt: 'Het is een confrontatie tussen de ideologie en de werkelijkheid. Er zijn conflicten over, en twijfels. Maar de meerderheid gelooft dat het de enige weg is. De meerderheid gelooft dat realisme de enige manier is om een Europese standaard te bereiken.'