De Klerk trekt niet met de hoed in de hand door Europa

BRUSSEL, 18 mei - 'Nu ben ik dus toch nog welkom in Nederland. Ik wil er niet kinderachtig over doen, op mijn volgende Europese reis zal ik Nederland graag bezoeken'.

De Zuidafrikaanse president Frederik de Klerk geniet van zijn verblijf in Belgie waar hij met alle egards wordt behandeld. Hij sprak er met premier Wilfried Martens en met koning Boudewijn, terwijl hij vlak voor zijn vertrek naar Londen nog een onderhoud had met de voorzitter van de Europese Commissie, de Fransman Jacques Delors. De Klerk bezoekt op zijn Europese reis negen landen, maar in Nederland was hij tot voor kort niet welkom. Minister Van den Broek vond een bezoek van De Klerk 'voorbarig', maar besloot hem alsnog uit te nodigen toen bekend werd dat hij in negen andere landen werd ontvangen. 'Ik kan een bezoek aan Nederland nu niet meer inpassen, maar het zal een bron van tevredenheid zijn als ik de volgende keer onze relaties kan normaliseren. De kwestie van het stamland is voor ons altijd belangrijk geweest. Voor mij was het een groot hartseer dat juist Nederland voorop liep bij het verdoemen van Zuid-Afrika', zegt De Klerk, wiens voorouders in 1580 van Serooskerke naar Zuid-Afrika emigreerden.

De Klerk is vol zelfvertrouwen, hij praat open en ontspannen in een scherp bewaakt vertrek van kasteel Stuyvenberg, op een steenworp afstand van Boudewijns koninklijke paleis in Laken. Hij heeft een dag tevoren genoten van een toeristische rondrit door de Belgische hoofdstad waar hij, vergezeld door zijn minister van buitenlandse zaken Roelof Botha Manneke Pis te zien kreeg. 'Ik ben niet met de hoed in de hand naar Europa gekomen. Ik vraag niet om geschenken. De toestand in Zuid-Afrika is drastisch aan het veranderen en ik hoop dat de landen van de EG hun houding tegenover Zuid-Afrika opnieuw zullen evalueren', zegt De Klerk. Tijdens zijn bezoek aan Frankrijk kreeg hij van president Mitterrand te horen dat de regeringsleiders van de EG op hun topontmoeting van eind juni in Dublin opnieuw over de sancties zullen spreken die de EG in 1986 tegen Zuid-Afrika instelde. Zodra de Zuidafrikaanse regering en het ANC het eens zijn over de vrijlating van de nog circa 300 politieke gevangenen en de opheffing van de noodtoestand, kunnen wat Frankrijk betreft de sancties worden opgeheven.

Pag.4: Vervolg