Obscurantisme

WAS HET EEN DAAD van perverse geldingsdrang vanuit een psychopatische behoefte aan aandacht in de media? Was het een uiting van het oude, maar nog altijd virulente 'gallische' antisemitisme? Of bestaat er een samenhang tussen de graf- en lijkschennis op joodse begraafplaatsen in Frankrijk met de vreemdelingenhaat die, aangewakkerd door het Front National, het openbare leven in het land gestadig vergiftigt? Het massale betoon van walging en van medeleven met de joodse gemeenschap geeft in elk geval aan dat een aanzienlijk deel van de publieke opinie de misdrijven scherp veroordeelt. 'Carpentras (de plaats van de grafschennis) is geen geisoleerd feit', oordeelde de opperrabbijn van Parijs, A. Goldmann: 'Schandespreken is niet voldoende, onze emoties hebben evenmin uitwerking op het veelkoppige monster. Het komt aan op maatregelen, want er wordt in Frankrijk constant een klimaat van haat bevorderd.' Lang hebben regering, parlement en justitie deze zorgelijke ontwikkeling op haar beloop gelaten. In de meeste reacties op de jongste excessen wordt de partij van Jean-Marie le Pen verantwoordelijk gehouden voor het toenemende racisme, maar daarbij moet worden opgemerkt dat haar nauwelijks belemmeringen in de weg zijn gelegd bij de verbreiding van xenofobie. Op de avond voor de ontwijding van de joodse graven ging Le Pen tijdens een van zijn talloze tv-optredens nog ongestoord tekeer tegen het jodendom dat de media zou beheersen.

DE FRANSE anti-racismewet, die in 1972 in werking is getreden, laat er geen twijfel over bestaan dat de propagandisten van het Front National aan de lopende band delicten plegen. Tot een strafvervolging komt het echter zelden. De recente aanscherping van de wet kan onmogelijk iets uithalen zonder een voelbaar justitieel optreden.

De eensgezindheid die alle politieke stromingen met uitzondering van het Front National vertoonden in hun afschuw over 'Carpentras' staat helaas in contrast met het volkomen gebrek aan consensus over de bestrijding van het Front National. In de rechtse oppositiepartijen is lang niet iedereen afkerig van samenwerking met de racisten. Begeerte naar deze kiezers heeft de andere partijen, zonder enige uitzondering, verlokt tot politieke varianten op het thema 'immigratie'. Mensen die zich bedreigd voelen door de aanwezigheid van een grote populatie Noordafrikanen ontgaat daardoor elk onderscheid tussen racisme en het 'immigrantenvraagstuk'. RACISME IS bespreekbaar geworden, het is langzaam maar zeker doorgedrongen in de porien van de stedelijke samenleving, er rust geen taboe op een denigrerende bejegening van Afrikanen en Arabieren. Waar enigerlei vorm van racisme wordt geaccepteerd als onderdeel van het normale gedragspatroon, ontstaat ruimte voor antisemitisme. Vreemdelingenhaat en antisemitisme horen bij elkaar, beslist niet alleen in Frankrijk. In Oost-Europa steekt het verschijnsel de kop op als een uiting van nationalisme. In de landen van de Europese Gemeenschap is onvrede ontstaan over etnische minderheden.

Gezien de Europese dimensie is er alle reden voor de Raad van Ministers van de Europese Gemeenschap om op zijn komende vergadering in Dublin te besluiten tot een daadkrachtig optreden tegen het oprukkende obscurantisme.