EEN WAARSCHUWING VOOR GROTE BUUR

Verhoging van de rentestand in West-Duitsland met slechts een procent-punt betekent voor de Belgische staat al een extra uitgavenverhoging van 1,2 miljard Duitse mark over een heel kalenderjaar. Dat is 0,5 procent van het bruto nationaal produkt in Belgie, waar een derde van de begrotingsuitgaven wordt gebruikt voor het aflossen van schulden. De Belgische minister van financien, Philippe Maystadt, dringt er daarom in het Duitse weekblad Die Zeit op aan om de Duitse hereniging niet uitsluitend monetair te financieren ('het laten draaien van de geldpersen'), maar vooral door verhoging van belastingen en verlaging van andere begrotingsposten in West-Duitsland.

De Belgische minister formuleert dit standpunt, zo schrijft hij, in de wetenschap dat Belgie door zijn hoge schuldenlast bepaald niet in de positie verkeert anderen de les te lezen. Toch onderstreept hij dat de strijd tegen de inflatie die zou kunnen oplopen als gevolg van de Duitse hereniging, in het belang is van de Bondsrepubliek en haar EG-partners.

Hij komt tot zijn standpunt na te hebben vastgesteld dat de hereniging de economische groei in Duitsland en de EG alleen gunstig kan beinvloeden. Dat betekent echter ook vergroting van het risico dat de grenzen van de produktiecapaciteit worden bereikt en dat inflatoire spanningen ontstaan. Evenmin heeft minister Maystadt moeite met het grootmoedige besluit van de Bondsregering de salarissen en een deel van de spaartegoeden van de DDR-burgers tegen een koers van een op een om te wisselen. Hij kwalificeert deze beslissing als een moedige inzet op de toekomst. Op dit moment is nog nauwelijks mogelijk om uit te rekenen hoeveel de Bondsrepubliek moet betalen voor sociale verzekeringskosten, sanering van de DDR-financien en investeringen voor verbeteringen van de infrastructuur en het milieu.

Maystadt verwacht daarnaast nog extra kosten voor allerlei steunmaatregelen ten behoeve van bedrijfssectoren en bevolkingsgroepen die het in het begin van de overgangsfase het hardst krijgen te verduren. Ook meent hij dat de omvang van de uitgaven voor de grensgebieden en voor Berlijn veel minder snel zal afnemen dan nu wordt voorzien. Dat alles leidt tot zijn conclusie dat ook de groei van de overheidsuitgaven de komende jaren een bron van inflatoire spanning zullen zijn. Natuurlijk staat het vast dat die spanningen zullen worden bestreden, maar niet op welke manier dat zal gebeuren. Als de nadruk te veel op monetaire politiek ligt, leidt dat tot automatisch tot renteverhoging. Minister Maystadt heeft in Die Zeit duidelijk gemaakt welke gevolgen een geringe verhoging voor een klein buurland met grote schulden heeft.

The Japan Economic Journal

Nederland is als vestigingsplaats de eerste keus van Japanse ondernemingen die financiele dochtermaatschappijen in het buitenland vestigen. De helft van de veertig Japanse bedrijven die de stap vorig jaar hebben gezet, koos voor Nederland wegens de omvangrijke belastingvoordelen. Dat blijkt, zo schrijft The Japan Economic Journal, uit een recent Nikkei-onderzoek bij de ondernemingen die staan genoteerd op de beurzen van Tokio, Osaka en Nagoya. Banken, verzekeringsmaatschappijen en andere financiele ondernemingen waren uitgesloten van het onderzoek.

Uit de resultaten blijkt dat het niet alleen gaat om Nederlands faam als fiscaal paradijs, maar dat de Japanners Nederland ook zien als een goede uitvalsbasis voor Japanse expansie in Europa na 1992. Enkele van de ondernemingen die zich voor hun buitenlandse financiele operaties in Nederland vestigden, zijn: de bouwondernemingen Obayashi en Mitsui, Asahi Breweries, Nippon Meat Packers, Mitsubishi Oil en Sony.

Scientific American

De kans op een veroordeling wegens produktaansprakelijkheid is in de VS zo groot geworden, dat deze ontwikkeling een serieuze bedreiging is voor het Amerikaanse concurrentievermogen. Uit een enquete in 1988 blijkt dat onzekerheid over mogelijke aansprakelijkheid veertig procent van de ondervraagde ondernemingen ervan heeft doen afzien om nieuwe produkten op de markt te brengen. Richard Mahoney, president-directeur van Monsanto, schrijft dat in een essay in Scientific American.

Monsanto is een vooraanstaande Amerikaanse hightech-onderneming. Het gemak waarmee aansprakelijkheidseisen de laatste jaren worden toegewezen, is volgens de auteur zo sterk gegroeid dat aansprakelijkheid een onvolspelbare factor is geworden die innovatie in de weg staat. Mahoney noemt daarnaast nog drie andere ontwikkelingen die het Amerikaanse hightech-bedrijfsleven hinderen. Naast een gebrekkig vergunningssysteem voor nieuwe produkten en de diefstal van auteursrechten is dat de hoogte van de financieringskosten voor onderzoek en ontwikkeling. Volgens een onderzoek van de Federal Reserve bank in New York bedragen deze ruim twintig procent; gemiddeld twee keer zoveel als in de andere industrielanden.