Architect Willem Jan Neutelings: Niet de vorm maar hetconcept telt

ROTTERDAM, 16 mei - Roem kan plotseling komen. Op zijn 31ste is Willem Jan Neutelings ontwerper van wat het grootste kantoorgebouw van Nederland moet worden. Hij was een van de tien deelnemers aan de recente Biennale voor jonge Nederlandse architecten. Zijn oud-docent Herman Hertzberger heeft hem aangezocht als gastdocent aan het Berlage Institute, centre of excellence voor het architectuuronderwijs. Den Haag en Hamburg hebben hem opdrachten voor stedebouwkundige studies verstrekt. Hij bouwt op uitgelezen lokaties in Antwerpen, de stad waar nu een kleine overzichtstentoonstelling aan hem is gewijd.

Roem is ook gevaarlijk, weet Neutelings. 'Al snel worden trucs van je verwacht. Ik ben net een opdracht in Belgie misgelopen omdat de opdrachtgever het ontwerp niet spectaculair genoeg vond. Terwijl het een uitstekende oplossing van het probleem was. Als je niet elke keer door een brandende hoepel springt, maar een gewone hoepel ook goed vindt, zeggen ze: laat maar.' Het ontwerp dat hij samen met zijn compagnon Frank Roodbeen (33) maakte voor het reusachtige European Patent Office (EPO) in Leidschendam was een van de 160 inzendingen uit veertien landen. De frappantste elementen zijn hun winnende ontwerp zijn het restaurant, de congresruimten en de bibliotheek. Die zijn ondergebracht in respectievelijk een gouden glazen kegel, een eivormige rode betonnen koepel en een zilveren toren van aluminium. Het ei speelde overigens een prominente rol in de folly die Neutelings eind vorig jaar voor de Biennale van jonge Nederlandse architecten ontwierp. Als barokke vazen in een formele tuin markeren drie eieren van vier meter hoog de lanen in de Floriade van 1992. Ze staan op sokkels die muziek, licht of misschien rook uitstralen.

Frank Roodbeen legt het concept achter het EPO-ontwerp uit: 'Het plan bestaat uit een scheve grid van 'balken', allemaal drie verdiepingen hoog zijn en identiek van doorsnede. Zeg maar een opgetild stratenpatroon. Op het dak kunnen 1650 werknemers parkeren; ondergronds zijn er vierhonderd plaatsen voor bezoekers.'

Voor dit project ontwikkelen de architecten een geheel nieuw kantoorsysteem dat naast behalve verlichting per individuele werkplek, ook voorziet in directe afvoer van overbodige computerwarmte.

In de binnenterrein rond en tussen de 'balken' worden er allerlei soorten tuinen aangelegd. Roodbeen wijst er enkele aan: 'Een formele Franse tuin, een kruidentuin, een evergreen-tuin met hei en dennen. Achter het restaurant kun je na de lunch in de boomgaard een appel plukken. En de vijver met beeldhouwwerken verandert 's winters in een kunstijsbaan.' Neutelings heeft de inzending opgefleurd met striptekeningen en aanlokkelijke bijschriften ('Amazing panoramic views out of the glass-cone restaurant... Silence reigns in the spiral booktower of the library... '). 'Ik kan er veel meer mee duidelijk maken dat met een conventionele architectuurtekening. Het interieur van het EPO, bijvoorbeeld, of een dag in het leven in de oude haven van Hamburg, waarvoor ik een stedebouwkundig plan heb gemaakt. Met een paar lijnen roep je een hele wereld op.'

Maar hij weet dat deze techniek riskant kan zijn. 'Een opdrachtgever wil niet het gevoel krijgen dat hij in de maling wordt genomen.'

Organiseren

Vooral in de sterke, autonome vormen van kegel, ei en toren verraadt zich de invloed van Rem Koolhaas' Office of Metropolitan Architecture, waar Neutelings na zijn studie aan de TU Delft een aantal jaar heeft gewerkt. 'Het bureau is een kweekvijver waar veel jonge mensen van over de hele wereld ervaring komen opdoen, ' zegt hij. 'Het belang dat Koolhaas hecht aan stedebouw en aan het gebouw als een onderdeel van de stad, heeft een enorme invloed op een hele generatie architecten. Zijn conceptuele benadering is heel anders dan wat ik in Delft van onder anderen Herman Hertzberger leerde. Rem begint met een totaalconcept en gaat dan verfijnen, in plaats van allemaal kleine eenheden aan elkaar te koppelen. Dat werkt absoluut niet, zo'n gebouw wordt een klont - het Burgerweeshuis van Van Eyck, bijvoorbeeld, of Vredenburg van Hertzberger.'

Het laatste wat Neutelings wil, is dat zijn architectuur beoordeeeld wordt aan de hand van stijl of vorm. Wat voor hem telt, is de organisatie van een gebouw, het concept. Architectuur is als een bril, zegt Neutelings, het gaat om de blik van binnenuit. De vormgeving van de montuur, die is voor anderen bestemd, het belangrijkste is of de glazen goed zijn geslepen. Dus niet te veel kijken naar stijl en vorm, zegt hij als we voor zijn nieuwe woongebouw Ringzicht in Berchem staan: het zilveren aluminium, rood cederhout en blauwe mozaiek van de ronde buitenmuur zijn desnoods onderling uitwisselbaar. Wat telt is de organisatie. Open terrassen vormen de verbinding tussen een breed blok met lange glazen schuifdeuren en een klein vierkant blok met studioflatjes. 'Het budget zit in de organisatie en de constructie van het huis, niet in de aankleding. Nieuwe kranen in de badkamer kan altijd nog, maar als de voorgevel van beton is kun je er nooit meer een glazen pui van maken.'

Op de tentoonstelling in theater de Singel staat ook de maquette van De Kaai, het tweede woongebouw van Neutelings in Antwerpen, dat binnenkort aan de Schelde verrijst. De Belgische cultuur staat hem aan, hij gaat zelf binnenkort in Antwerpen wonen. Ook de cultuur van het bouwen is er anders. 'In Belgie wordt veel voor particulieren gebouwd. Maar een overheidsopdracht is er voor een jonge architect haast onmogelijk.'

Ringcultuur

Net als de Schelde vormt de Ring rond Antwerpen een soort 'rivier' door de stad. Als student al was Neutelings gefascineerd door de 'ringcultuur' die langs de snelwegen van alle Europese steden is ontstaan: 'de architectonische pendant van de videoclip'. De oude binnensteden vindt hij sentimentele overblijfsels van een voorbije tijd, openluchtmusea die alleen nog bestaan bij gratie van Japanse toeristen en van de buitenwijken waar gemiddeld acht op de tien mensen wonen, werken en vertoeven.

Neutelings is ervan overtuigd dat de Europese stadsbewoners deze ontwikkelingen over twintig, dertig jaar niet meer dan normaal zullen vinden. 'In de negentiende eeuw gebeurde precies hetzelfde: rondom de volle oude binnensteden onstond een nieuwe gordel. Net zoals het Amsterdamse Concertgebouw een eeuw geleden in de weilanden stond, is in de jaren zestig de Singel aan de Antwerpse Ring gebouwd.' Het geluid van autobanden die over asfalt suizen, klinkt hem als muziek in de oren. Hij schuift de vijftien meter brede glazen deuren van Ringzicht open. Vanachter de kaarsen van de bloeiende kastanjes stijgt het geruis op van de onzichtbare snelweg en vult de kamer. 'Hoor je de oceaan?'

W. J. Neutelings in Antwerpen, t/m 27 mei in deSingel, Desguinlei, dag. beh. ma. 14-18 uur. Catalogus BF 450.