Slaapwaakritme kan door lichtregime verschoven worden

Tot nu toe is gebleken dat het slaap-waakritme van mensen die 's nachts werken zich nooit aanpast, zelfs niet als ze continu nachtdienst hebben. Dat vormt een ernstig probleem. Doordat de oplettendheid en het prestatievermogen van deze mensen's nachts afneemt komt het tot een flink aantal ongelukken en vermindert hun produktiviteit.

Verder vormt het feit dat de biologische klok van mensen in de nachtdienst zich niet aanpast een duidelijk gezondheidsrisico. Dat blijkt uit hart- en vaatziekten, maag- en darmaandoeningen, vruchtbaarheidsstoornissen en slapeloosheid, die bij nachtwerkers vaker voorkomen dan normaal.

Experimenteel kan het slaap-waakritme binnen enkele dagen verschoven worden. Men laat de proefpersonen dan verblijven in een laboratorium met een kunstmatige cyclus van licht en donker. Ook bij reizigers die naar een andere tijdzone vliegen, past de biologische klok zich na enige tijd aan. Die aanpassing treedt het snelst op als men zich forceert en buiten blijft in plaats van de hotelkamer op te zoeken.

Toch treedt bij mensen die 's nachts werken zo'n verschuiving ook na jarenlang continu nachtwerk niet op. Dat blijkt uit een aantal fysiologische veranderingen, die optreden al naar gelang het dag of nacht is. Het lichaam van mensen die 's nachts werken houdt zijn slaapritme. De lichaamstemperatuur, de urineproductie en de bloedspiegel van het hormoon cortisol blijven bij nachtwerkers 's nachts lager dan overdag. Cortisol is essentieel voor de aanpassing van het organisme aan de activiteiten overdag. Door deze fysiologische veranderingen verminderen de subjectieve alertheid en het intellectuele prestatievermogen van nachtwerkers. Ze moeten steeds opnieuw vechten tegen de slaap. De gebrekkige aanpassing van de biologische klok aan nachtwerk lijkt te wijten aan de verwarrende prikkels uit de buitenwereld, zoals het heldere daglicht en het hele sociale gebeuren thuis. Uit een artikel van Charles Czeisler van de Amerikaanse Harvard University en zijn medewerkers in 'The New England Journal of Medicine' van 3 mei blijkt dat het slaap-waakritme van de nachtwerkers vrij eenvoudig verschoven kan worden.

Al eerder toonde Czeisler aan dat helder licht een krachtig middel vormt om de biologische klok bij te stellen. Hij heeft daarom met een praktijktest aangetoond dat het heldere licht 's nachts en de grondige verduistering overdag, waarvan de effectiviteit in het laboratorium al gebleken was, ook bij mensen in nachtdienst werkt. Hij zorgde voor een zeer helder verlichte arbeidsplek waar vanaf middernacht tot acht uur 's ochtends routinewerk werd verricht. Daarna mochten de proefpersonen gewoon ieder naar hun eigen huis. Wel waren de ramen van hun slaapkamer grondig geblindeerd met ondoorschijnend materiaal.

Op de eerste en de zesde dag werd het verloop van de verschillende fysiologische paerameters voor het slaap-waakritme geregistreerd. In de hier onder afgebeelde grafiek zijn de resultaten zichtbaar gemaakt. Let vooral op de verschuiving van het laagste punt in de temperatuurcurve. Bij de controlegroep werden geen aparte maatregelen genomen. (Bart Meijer van Putten)[bijvoegen fig 1 New Engl, J. Med, 3 mei p. 1254, Engelse bijschriften handhaven? Eventueel toevoegen bij Standard light: 150 lux en Bright light: 7000-12000 lux. Onderschrift: zwarte balk = slaap, open balk = routinewerk]