Overweldigende uitvoering Mahlers Tweede door Haitink; Opgebouwd vanuit de stilte na het vallen van de bommen

ROTTERDAM, 15 mei - Met een indrukwekkend concert - waarbij het Rotterdamse Philharmonisch Orkest onder leiding van Bernard Haitink op fenomenale wijze de Tweede symfonie van Gustav Mahler uitvoerde - werd gisteravond in De Doelen de herdenking afgesloten van het Duitse bombardement op Rotterdam, vijftig jaar geleden. De geladen en emotionerende uitvoering, uniek van aard en eminent gespeeld en gezongen, werd begroet met een zeer langdurig en ovationeel applaus.

Een groot aantal genodigden was aanwezig in de Grote Zaal van de nieuwe Doelen, onder wie koningin Beatrix en prins Claus, burgemeester Peper en leden van het Rotterdamse stadsbestuur, premier Lubbers en een aantal ministers, Kamerleden en oud-ministers. Ook waren er vertegenwoordigers van andere steden die tijdens de Tweede Wereldoorlog zwaar hebben geleden, waar onder Arnhem, Berlijn, Coventry, Dresden, Gdansk, Guernica, Hiroshima, Keulen, Leningrad, Middelburg, Nagasaki en Warschau. Zij nemen dezer dagen deel aan de Internationale Vredesmanifestatie in Rotterdam.

Burgemeester Peper zei voor de aanvang van het rechtstreeks door tv en radio uitgezonden concert dat oorlog bijna net zo oud is als de mensheid, maar dat we ons er niet fatalistisch bij neer mogen leggen als bij een natuurramp. 'Oorlog is iets wat mensen elkaar welbewust aandoen. Na afloop spreken we als bij het eenvoudigste spelletje van winnaars en verliezers. Er zijn echter alleen maar verliezers, van leven, van have en goed, van menselijke waardigheid. Wij vergeten onze doden niet, al willen wij hen niet met een requiem herdenken maar met de krachtiger, positievere boodschap van de Tweede symfonie van Mahler, een teken dat na de dood herrijzenis en nieuw leven mogelijk is, een tijdloze boodschap van mens tot mens, waarschuwing en vertroosting tegelijk.' Bernard Haitink bouwde zijn weergave van Mahlers 'Opstandingssymfonie' op vanuit de angstaanjagende stilte die heerste na het bombardement, toen uiteindelijk explosies en branden waren uitgeraasd en huizen en gebouwen waren ingestort, het leven was vernietigd. Die voortdurende omineuze stilte bepaalde dit concert, een afwezigheid van elk menselijk geluid die slechts werd gemarkeerd door de muziek die tenslotte uitmondde in de door de zangeressen Jard van Nes en Charlotte Margiono en het Groot Omroepkoor gezongen teksten. Zij vormden de uitdrukking van menselijke hoop: Was entstanden ist, das muss vergehen! Was vergangen, auferstehen! (...) Sterben werd' ich um zu leben! Met ongehoord langzame tempi, gedragen en plechtig, die bovendien met grote kracht tijdens de hele symfonie werden volgehouden, kwamen orkest en dirigent tot een geintensiveerde uitvoering, die zich vooral in het eerste deel liet beluisteren als een muzikale schildering van het verwoestende bombardement. Telkens opnieuw waren er verpletterende fortissimi en scherp aangezette effectvolle passages, orkestrale ontladingen en erupties waarbij koper, grote trom en pauken klonken als knetterende en doffe bominslagen. Tot in de slotdelen toe bleven telkens opnieuw tussen de beschouwelijker en lyrischer passages de pijnlijke, onuitwisbare herinneringen aan de fatale gebeurtenissen doorklinken.

Hallucinerend

Een ontzagwekkende climax in het eerste deel beeldde op treffende wijze de totale vernietiging uit: steeds luider, maar tegelijkertijd ook steeds langzamer uitgevoerd leek deze hallucinerende passage het splijten van de bodem te symboliseren, het wegvallen van alle zekerheid, het ontstaan van een onpeilbaar diep zwart gat waarin met reusachtige en onweerstaanbare krachten alles wordt weggezogen.

Haitink richtte daarmee weloverwogen, met groot gezag en vanuit een grote innerlijke rust zijn interpretatie van deze symfonie op de bijzondere aanleiding. Zo klonk de inleiding van het tweede deel, normaal met een Landler-achtige vrolijkheid, nu veel terughoudender. Met schroom en behoedzaamheid en slechts door fluwelige strijkersklanken werd hier de stilte doorbroken. De trage tempi zorgden steeds weer voor een imposante weelde aan muzikale details. Haitink wist hieraan op grootse wijze adem en wijdse ruimte te geven en liet het Rotterdamse orkest meer dan voortreffelijk en tot het uiterste geconcentreerd spelen, met onder meer prachtige soli van concertmeester Gerard Hettema en hoboist Bart Schneemann.

In de twee laatste delen werd bijzonder fraai, gevoelig en ontroerend gezongen door Jard van Nes en Charlotte Margiono. Bernard Haitink wist met solisten, koor, orkest en orgel een bijzonder zorgvuldig opgebouwd en overweldigend slot te bewerkstelligen en behaalde met zijn aandeel in deze uitvoering ook een door het publiek zeer enthousiast begroete persoonlijke triomf. Het Rotterdamse orkest reageerde met massaal voetengeroffel op de samenwerking met Haitink en deze herdenking van het bombardement op Rotterdam groeide ook daarmee uit tot een nationale gebeurtenis, in alle opzichten zonder meer historisch.