Niederlandisch als schoolvak

'Mijn buren hebben hun huis te koop aangeboden', leest Marie Louise van Allen voor uit een dagboekfragment van Astrid Roemer. Twee jongens en zeven meisjes uit de twaalfde klas van het gymnasium te Bocholt luisteren naar de dunne medeklinkers van hun Vlaamse docente. Aan de muur hangen knipsels uit de Telegraaf: in dit lokaal wordt Nederlands gegeven.

De leerlingen mogen de betekenis vragen van woorden die ze niet kennen. Geheid, hondedrollen, kandeel, huiverig, houtblokken, pooier, uitheems en pontificaal zijn een of meer leerlingen onbekend. Ze volgen ook pas voor het tweede jaar Nederlands als keuzevak. Ze doen dat in een Leistungskurs, dat wil zeggen dat ze zes uur per week les hebben in dit vak. De docente spreekt voortdurend Nederlands. De verschillen in taalvaardigheid tussen de leerlingen zijn fors. Enkelen spreken vrijwel vloeiend en maken correcte zinsconstructies. Toch hebben ook de beste moeite met de interpretatie van de tekst. Dat ligt echter niet alleen aan de taal: het is een tekst om bij na te denken.

Van Allen: 'We lezen deels literatuur, deels non-fictie. Pas hadden we bijvoorbeeld een stuk van Frank Bovenkerk over discriminatie. Ik behandel graag actuele thema's in de les, en doe ook wat Landeskunde.'

Onmiskenbare opmars

In Nordrhein-Westfalen en Nedersaksen volgen ongeveer vierduizend scholieren Nederlands als examenvak. Hun aantal groeit met tien percent per jaar. Ook in Bremen is de taal van de westerburen aan een onmiskenbare opmars begonnen. 'Waarom leer je Nederlands, vroeg ze in de eerste les. We moesten in het Nederlands antwoorden', zegt Martin Klemens, een van de leerlingen uit de klas van Van Allen.

Omdat Bocholt dicht bij de grens ligt, was de taal voor geen van de leerlingen helemaal vreemd. Martin woont slechts honderd meter van de grens. Hij is lid van een Nederlands visvereniging. 'Het is een grappige taal', motiveert Mattias Burian zijn keuze voor Nederlands. Sommige leerlingen hebben Nederlandse familieleden en Silke Maillard spreekt zelfs meestal Nederlands thuis. Ze wil wel in Nederland gaan studeren.

Ondanks de vertrouwdheid met de taal is de uitspraak voor alle leerlingen een probleem. Zelfs van Silke, die het best Nederlands spreekt, kun je horen dat ze Duitse is. Het is ook lastig om te oefenen. 'Nederlanders spreken altijd meteen Duits tegen je', zegt Silke. 'Nederlanders zijn vrijer om Duits te praten dan andersom.'In discotheek Joy in Ulft blijken Nederlandse jongeren heel verbaasd te reageren als hun Duitse leeftijdgenoten Nederlands spreken, is de ervaring van enkele leerlingen. 'De mensen worden vriendelijker tegen je als je Nederlands spreekt', merkt Silke. 'Maar als je ruzie hebt met een Nederlander ben je meteen een nazi', aldus Martin, 'vooral met mensen van je eigen leeftijd.' De verhoudingen tussen Nederlanders en Duitsers vormen een regelmatig terugkerend onderwerp van gesprek tijdens de lessen.

Vooral aan de Realschule (algemeen vormend onderwijs iets onder HAVO-niveau) en het Gymnasium (vergelijkbaar met het VWO) maakt Nederlands als keuzevak een bloei door. Op veel Realschulen in Nordrhein-Westfalen en Nedersaksen wordt Nederlands al vanaf de zevende klas aangeboden (in Duitsland nummeren ze de klassen door na de basisschool). De leerlingen hebben dan de keuze tussen Frans en Nederlands als ze een tweede vreemde taal kiezen. In de zevende en achtste klas krijgen ze dan drie uur per week, in de negende en tiende vier uur per week.

'Dan kunnen ze zich al goed verstaanbaar maken', aldus Achim Muller. Hij is voorzitter van de Fachvereinigung Niederlandisch, de vereniging van leraren Nederlands in de Bondsrepubliek. Zelf geeft hij les aan de stedelijke avond-Realschule in Munster. Op het Gymnasium kunnen leerlingen vanaf de elfde klas Nederlands kiezen, hetzij zes uur per week, hetzij drie uur per week. Op enkele Gymnasiums wordt Nederlands vanaf de negende klas aangeboden. Er zijn al een paar Gesamtschulen (een soort middenscholen) die Nederlands aanbieden, en ook in het beroepsonderwijs beginnen enkele scholen ermee.

Grensstreken

Uit een enkele jaren geleden gehouden onderzoek naar de motivatie van leerlingen om Nederlands te kiezen bleek dat vooral op de Realschule velen de taal van het buurland kozen met het oog op een baan. In de grensstreken is het voor veel banen gunstig om Nederlands te kennen. Slechts weinigen kozen Nederlands omdat ze dachten dat het makkelijker zou zijn dan Frans. Veel leerlingen hadden via ouders, familie, vrienden en televisie al kennis gemaakt met de taal.

De drie jaar geleden opgerichte Fachvereinigung heeft circa driehonderd leden. Ze geven les op middelbare scholen, volkshogescholen of universiteiten, of zijn werkzaam als tolk. De vereniging geeft een eigen tijdschrift uit - Nachbarsprache Niederlandisch - en verzorgt bijscholing van leraren door middel van colloquia.

Een belangrijke activiteit is daarnaast het uitgeven van tekstbundels voor het onderwijs. Muller: 'Uitgevers zeggen dat duizend leerlingen te weinig is om een leerboek voor te maken. Ook voor het Gymnasium - waar circa 1500 leerlingen Nederlands volgen - is dat nog niet rendabel.' Klett-Verlag geeft nu een leerboek, een praatboek, een grammatica, een woordenboek en een oefenboek uit. 'Auteurs proberen boeken zo te maken dat ze zoveel mogelijk leerlingen aanspreken', aldus Muller. 'Dat is lastig. Er wordt ook nog veel gewerkt met materiaal uit Nederland: Nederlands voor anderstaligen. Er is nog geen traditie van vakdidactiek. Op enkele belangrijke punten zijn we het wel met elkaar eens, zoals dat we tijdens de lessen Nederlands praten.'Docenten maken veel lesmateriaal zelf. Ze nemen bijvoorbeeld televisieprogramma's op en knippen artikelen uit kranten en tijdschriften. De zeer hoge abonnementsprijs van Nederlandse kranten in Duitsland is daarbij wel een handicap. Muller: 'Een Nederlands cultureel instituut, waar je net zoals bij het Goethe Instituut lesmateriaal kunt krijgen, zouden we goed kunnen gebruiken. Tot nog toe gaven de ambassades ook wel wat steun, en nu de Taalunie.'

Aardrijkskundelessen

In het voortgezet onderwijs duikt Nederlands niet alleen als zelfstandig vak op. Sinds kort worden in Gronau aardrijkskundelessen in het Nederlands gegeven. Volgend jaar komt daar geschiedenis bij. Muller: 'We hopen een werkgroep op te richten van leraren om daarvoor lesmateriaal te ontwikkelen.' Een andere nieuwe ontwikkeling is de speelse introductie van Nederlands op basisscholen. Maar ook onder volwassenen groeit de belangstelling. Duizenden mensen volgen cursussen Nederlands aan volkshogescholen en velen van hen halen daar een officieel certificaat.

Voor docenten is het lastig dat de verschillen tussen leerlingen binnen een klas vaak heel groot zijn, vooral in de grensstreken. Daar kiezen zowel leerlingen die al behoorlijk Nederlands spreken deze taal als keuzevak, als zwakkere leerlingen die Frans - het alternatief - te moeilijk vinden. Dat blijkt ook in de klas van Marie-Louise van Allen. Het lastige is dat de leerlingen die al goed Nederlands spreken een lagere drempel hebben om hun mond open te doen. Door beurten te geven kan de docenten de verhoudingen een beetje recht trekken. Ze komen allemaal aan de beurt als ze een stukje moeten voorlezen uit de tekst van Astrid Roemer. De een worstelt zich erdoor, de ander leest voor alsof ze nooit anders doet.

Tenslotte moeten de leerlingen de laatste zin van het fragment raden. Van Allen had hem op alle kopieen met type-ex weggelakt. Maar al vanaf het begin van de les zaten ze aan de gestolde witte vloeistof te peuteren. Het antwoord dat de docente op het bord schrijft - 'Het zijn twee heren die elkaar kussen, gelukkig' - komt dan ook voor niemand meer als een verrassing. Na afloop van de les veegt ze die zin weer snel van het bord.

    • Dick van Eijk