Hooggerechtshof Israel bekijkt beroep Demjanjuk tegendoodstraf

TEL AVIV, 14 mei - In hoger beroep is vanmorgen het proces voortgezet tegen John (Ivan) Demjanjuk, die in april 1988 wegens oorlogsmisdaden tegen het joodse volk door een speciale Israelische rechtbank ter dood is veroordeeld. Geboeid en in een bruin gevangenispak gestoken werd hij vanmorgen voorgeleid.

Het Hooggerechtshof in Jeruzalem zal moeten bepalen of de verdachte inderdaad de beruchte beul 'Ivan de verschrikkelijke' uit het concentratiekamp Treblinka is of dat er sprake is van identiteitsverwarring. De 70-jarige Demjanjuk, in 1987 door de VS aan Israel uitgeleverd, heeft tijdens het 15 maanden durende proces hardnekkig beweerd geen voet in Treblinka te hebben gezet.

Joram Sheftel, Demjanjuks Israelische advocaat, heeft in Polen een getuige gevonden die de verklaring van de verdachte steunt dat hij niet 'Ivan de Verschrikkelijke' is. Maria Dudek, die in de Tweede wereldoorlog nabij Treblinka als prostituee werkzaam was, heeft tegenover een Amerikaans tv-station verklaard dat zij in die tijd een zekere Ivan Martsjenko als klant had, die als 'Ivan de verschrikkelijke' bekend stond. Het Hooggerechtshof, dat volgens de Israelische wet elke uitgesproken doodstraf moet toetsen, heeft er mee ingestemd haar getuigenis te horen.

Negen getuigen hebben tijdens het eerste proces de in de Oekraine geboren John Demjanjuk als 'Ivan de Verschrikkelijke' geidentificeerd. Een door de SS in 1942 aan hem verstrekt identiteitsbewijs - het Trawniki-document - uit Sovjet-archieven heeft een belangrijke rol gespeeld bij het uiteindelijke doodvonnis. De rechters verwierpen het pleidooi van de verdediging dat het om een door de KGB vervalst document ging.

Voor de ten minste twee weken durende zitting van het Hooggerechtshof is, in tegenstelling tot het eerste proces, geen bijzondere ruimte gezocht. De zittingen zullen evenmin rechtstreeks door de Israelische tv en radio worden uitgezonden. Voor de pers zijn slechts tien plaatsen beschikbaar gesteld in de rechtszaal in het gebouw waar het Hooggerechtshof zetelt.

De onzekerheid bij het publiek omtrent de identiteit van Demjanjuk heeft aan het proces een vreemde bijsmaak gegeven. In plaats van het 'proces van de holocaust' te worden is de vraag centraal komen te staan of Israel de juiste man voor het gerecht heeft gesleept. Onder deze omstandigheden rust op het Hooggerechtshof de verantwoordelijkheid de uitspraak van de bijzondere rechtbank te bekrachtigen of nietig te verklaren.

Als het Hooggerechtshof het hoger beroep van Demjanjuk verwerpt, wordt hij na Adolf Eichmann de tweede oorlogsmisdadiger die in Israel wordt opgehangen. Wegens de twijfels over zijn identiteit - zelfs als deze volgens het Hooggerechtshof ongegrond zijn - zou ophanging van Demjanjuk volgens sommige Israelische waarnemers de nagedachtenis aan de Holocaust meer schaden dan baten.