De kilte van de vrijheid

KOHL, KANSELIER der Oostduitsers? Verkiezingen in twee Westduitse deelstaten hebben gisteren een vraagteken geplaatst bij Kohls kanselierschap in Bonn. De lauweren die de eerste CDU'er bij de zege van de rondom de CDU-Ost gegroepeerde Alliantie in de eerste vrije parlementsverkiezingen in de DDR in maart jl. om het hoofd kreeg gevlochten, zijn verwelkt. De Duitse politiek is terug bij de aardse staat der dingen van voor de val van Honecker en consorten en van voor de ineenstorting van de Berlijnse Muur. Niet dat de gevolgen van de Oostduitse vrijheid, de eenheid, de monetaire annexatie er plotseling niet meer toe zouden doen, maar die gevolgen worden minder in nationale hymnen en meer in de termen van eenvoudig boekhouden voor beginners vertaald.

Verrassend is het allemaal niet. Voor de bewoners van de DDR rechtstreeks van de communistische nachtmerrie in de droom der Duitse eenheid terechtkwamen, stond Kohl er in de Bondsrepubliek al niet te best voor. De burgers van de republiek ging het nog steeds naar den vleze, maar dat verhinderde tot herfst vorig jaar niet de intellectuele overgave aan een bijna schaamteloos getob over de Duitse identiteit. Niemand in Bonn en daarbuiten wist raad met het zelfbedachte vraagstuk, maar Kohl leek het kind van de rekening te zullen worden. Bovendien dreigden de Republikaner in naam van de buitenlanderhaat de kanselier verder in de hoek te drijven.

HET GOEDE VAN de uitslag van gisteren is dat ultra-rechts weer naar de verre achterbanken van de nationale en de regionale politiek is verwezen. Voorzover lokale verkiezingen verder iets hebben te melden over nationale en internationale zaken (de beperkte opkomst stemt al tot voorzichtigheid) staat vast dat de nationale zegekar zich niet meer in het tempo van een voorbijrazend driespan voortbeweegt. De behoedzaamheid der sociaal-democraten op het leerstuk van de versnelde nationale eenheid heeft hun in ieder geval geen verlies opgeleverd. Meer nog dan het socialistische standhouden in de industriestaat Noordrijnland-Westfalen vormt de machtswisseling in het christen-democratische bolwerk Nedersaksen er een aanwijzing voor dat Kohls haasje-over de omstanders ietwat duizelig heeft gemaakt.

Naast internationale blokkades van een voldragen Duitse eenheid - de Sovjets hebben zo hun voorwaarden gesteld - wordt nu ook in het Duitse binnenland op de rem getrapt. Niet alleen in het Westen overigens, werkonderbrekingen in de DDR vorige week en onzekerheid in de SPD-Ost over haar plaats in de regerende coalitie zijn tekenen aan de wand dat de eerste revolutionaire koorts is gaan liggen. De temperatuur van de al-Duitse gemoedsgesteldheid is dalende.

OP ZICHZELF is dat geen verontrustend verschijnsel, de problemen van de Duitse eenheid zijn ingewikkeld genoeg om de bezonnenheid niet zonder verdere plichtplegingen overboord te zetten. Anderzijds moet de werkelijkheid niet verdoezeld worden achter drogredenen als de 'uitverkoop' van Oost-Duitsland aan de Bondsrepubliek. Aan een soort omgekeerde dolkstootlegende - de eenheid van Duitsland werd gekocht met de moord op de DDR - bestaat geen behoefte. De DDR is tientallen jaren lang uitverkocht - aan de Sovjet-Unie. Als gevolg van de totale ellende die deze uitverkoop met zich had meegebracht kwam de grote trek in Westelijke richting op gang zodra de scheidslijn waar de dood heerste poreus begon te worden. Dat verschijnsel dwong vervolgens de regerende coalitie in Bonn tot dat wat in de praktijk op annexatie van de DDR neerkomt. De al-Duitse emotie had ditmaal een zeer pragmatische voedingsbodem.

HET IS intrigerend te zien hoe op het moment dat een nieuwe Duitse identiteit bezig is te ontstaan een schrikreactie zich van de bevolking meester maakt. De ontwikkeling van een eigen persoonlijkheid gaat hand in hand met het dragen van verantwoordelijkheid. Het een is ondenkbaar zonder het ander. Na tientallen jaren bevoogding in het Westen en onderdrukking in het Oosten toont de vrijheid zich aan de Duitsers in haar kilste gedaante.