Project dagdetentie voor betrokkene stap 'van de hel in dehemel'

ROTTERDAM, 10 mei - Een dagelijks programma van cursussen, arbeid, groepsgesprekken en gerichte excursies, en 's avonds naar huis. Dat is het dagrooster van gedetineerden die de laatste zes weken van hun straf uitzitten onder een regime van 'dagdetentie'. Gisteren werden op een bijeenkomst in Rotterdam de eerste resultaten bekendgemaakt van dit nu eenjarige experimentele project van de Rotterdamse reclassering en het ministerie van justitie. Staatssecretaris Kosto van justitie stelde bij die gelegenheid een uitbreiding van het aantal inrichtingen voor 'deeltijdstraf' in het vooruitzicht. Een definitieve beslissing daarover valt in het najaar.

Van de vele sprekers viel veruit het krachtigste applaus ten deel aan de enige ex-gebruiker van het dagdetentiesysteem die bereid was het woord te voeren. De overige ex-gedetineerde sprekers hadden zich op het laatste moment teruggetrokken. Jansson, in 1988 om 'fiscale redenen' voor twintig maanden in de gevangenis beland, beschreef de overgang van de gesloten inrichting naar de dagdetentie - zes weken voor zijn vrijlating - als een stap 'van de hel in de hemel'.

Niet alleen de gedeeltelijke terugkeer in het gezin was hem bevallen, ook bij het dagprogramma had hij veel baat gehad: 'Je krijgt allerlei cursussen die je eerst niet begrijpt, maar later zie je het nut ervan'.

Het programma is erop gericht de gebruikers - volgens een vertegenwoordiger van de reclassering 'rijdend op de invoegstrook naar de vrijheid' - voor te bereiden op hun terugkeer in de samenleving. Het zoeken van werk, de hernieuwde kennismaking met de buren en familie en zelfs de inpassing in het eigen gezin, het gaat allemaal niet zonder slag of stoot. 'Moeder is self-supporting geworden, de kinderen vinden plotseling ook wat anders, je bent een outsider in je eigen gezin', aldus Jansson, die sprak van een 'vrijheidskater'.

De gesprekken en cursussen tijdens de dagdetentie hadden hem daarbij goed geholpen. Hij heeft zijn draai gevonden en beschikt inmiddels weer over een goedlopende zaak.

Niet alle gebruikers zijn even enthousiast over de geboden sociale-vaardigheidscursussen, de dagarbeid, de rollenspelen en andere activiteiten. Uit onderzoek van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatie Centrum (WODC) van het ministerie blijkt dat slechts 27 procent van de ondervraagden zegt 'veel baat' te hebben gehad bij het dagprogramma. De overigen noemen sommige programma-onderdelen 'kinderachtig'. Over de dagdetentie in het algemeen is men overwegend erg enthousiast. Volgens onderzoeker B. S. J. Wartna van het WODC moet vooral de 'ontspannende werking' van het verblijf in de dagdetentie niet worden onderschat. De gedetineerden krijgen de gelegenheid orde op zaken te stellen maar 'soms wordt de koppeling naar het dagprogramma niet expliciet gemaakt'. Tot dusver maakten 84 gedetineerden, allen met een straf van minimaal acht maanden, gebruik van het experiment. Een aantrekkelijke bijkomstigheid voor de overheid is dat de kosten van dagdetentie met 105 gulden per dag ongeveer de helft bedragen van die voor het verblijf in een normale strafinrichting.