'Telewerkers' bij ministerie moeten thuis spits ontlasten

ROTTERDAM, 9 mei - Zo'n dertig ambtenaren van het ministerie van verkeer en waterstaat uit Amsterdam, Rotterdam en Den Haag doen hun werk sinds kort thuis achter een personal computer. Het betreft een experiment: als na negen maanden blijkt dat ambtenaren en ministerie tevreden zijn, overweegt het departement op grotere schaal een systeem van 'tele-werken' in te voeren, opdat de ochtendspits in de Randstad wordt ontlast. Vandaag gaat het experiment officieel van start, maar een aantal ambtenaren werkt al enige tijd thuis. Een van hen is de Rotterdammer R. J. Visser, als systeembeheerder werkzaam bij de in Rotterdam gevestigde Rijksinspectie voor het vervoer. Het bevalt hem 'uitstekend'.

'Vroeger stond ik iedere ochtend op de A-20 een half uur a drie kwartier in de spits. Nu werk ik van negen tot elf thuis, ga vervolgens tot drie uur op kantoor aan de slag, om daarna opnieuw naar huis te gaan en daar mijn werk af te maken. De rit tussen werk en huis kost me nu nog tien minuten.'

Hij neemt wel de auto. 'Het is niet de bedoeling van dit experiment het autoverkeer af te remmen', zegt hij. 'Het gaat erom de files te ontlasten. En dat gebeurt.'

Oogmerk van het departement is nadrukkelijk niet dat ambtenaren full time thuis gaan werken. Iedere ambtenaar moet minimaal veertig procent van zijn werktijd op kantoor spenderen, zodat men voeling houdt met het departement.

Tele-werken is soms bijna toveren, vindt Visser. 'Als systeembeheerder kan ik vanuit mijn huis storingen in het computersysteem op de zaak oplossen. Dat is fraai om te zien. De techniek staat voor niets.'

Hij heeft nog geen nadelen aan het experiment kunnen ontdekken. 'Ik werk rustiger. Alleen als het echt nodig is neem ik contact met collega's op. Bovendien heb ik, als ik op de zaak zit, om vijf uur eerder de neiging te zeggen: het is tijd, ik moest maar eens gaan. Als ik thuis zit denk ik eerder: kom, laat ik het maar even afmaken.'