'Vervuiling Coupepolder moedwillig'

DEN HAAG, 8 mei - De voormalige transportondernemer S. Kemp uit Hazerswoude heeft moedwillig een enorme bodemverontreiniging veroorzaakt op de gemeentelijke vuilstort in de Coupepolder in Alphen aan den Rijn. Dat betoogde landsadvocaat mr. B. D. Wubs gisteren in een civiele procedure voor de rechtbank in Den Haag. De staat vordert van Kemp ruim 10 miljoen gulden, gebaseerd op kosten voor onderzoek en voor beheersmaatregelen.

Volgens Wubs staat vast dat Kemp eind jaren '70 grote hoeveelheden gevaarlijk chemisch afval heeft gestort. Dat gebeurde ondanks schriftelijke afspraken van Kemp met producenten, zoals het Academisch Ziekenhuis in Leiden, dat het afval zou worden verbrand door de AVR. Op basis van processen-verbaal uit de strafzaak, die vermoedelijk na de zomer voorkomt, gaf de landsadvocaat een beschrijving van de praktijken van Kemp. Op diens bedrijfsterrein in Benthuizen zou Kemp veelvuldig chemisch afval met ander afval hebben gemengd. Ook 'verstopte' de transporteur vaten met gif onder ongevaarlijk afval. 's Nachts werd het afval door chauffeurs van Kemp naar de belt gebracht. De chauffeurs, die een sleutel van de stortplaats bezaten, gebruikten daarbij een omweg om niet de argwaan te wekken van een gemeente-ambtenaar die langs de gebruikelijke route woonde. Aan de stortbaas werd door Kemp 116.000 gulden 'zwijggeld' betaald. Deze keerde op zijn beurt een deel van dat geld uit aan medewerkers.

Volgens de advocate van de verdachte treft Kemp geen schuld. Hij zou, met een opleiding aan de lagere landbouwschool, niet beseffen hoe gevaarlijk de door hem vervoerde en gestorte afvalstoffen waren. Ook zou hij van het verbod op storten van chemisch afval niet op de hoogte zijn.

De advocate wees het gemeentebestuur aan als hoofdschuldige: dat zou zich bij herhaling schuldig hebben gemaakt aan onzorgvuldig beleid. Controle op de honderden vrachtwagens die dagelijks afval aanvoerden ontbrak vrijwel. Landsadvocaat Wubs kondigde aan dat de staat zeker zal procederen tegen de gemeente Alphen aan den Rijn 'als er goede gronden zijn om de gemeente medeaansprakelijk te stellen'.

Uitspraak op 27 juni.