Senaat eens met OV-kaart in onderwijs

DEN HAAG, 8 mei - De Eerste Kamer gaat akkoord met invoering van de openbaar-vervoerskaart voor studenten met een basisbeurs. De fracties van CDA en PvdA zullen voor het betreffende wetsvoorstel stemmen, VVD, D66 en Groen Links zijn tegen. De regeringsfracties willen van minister Ritzen (onderwijs) wel de garantie dat hij de kaart pas invoert als zeker is dat dit zonder veel problemen kan.

De Nederlandse Spoorwegen hebben de afgelopen weken bezwaar gemaakt tegen de invoering van de openbaar-vervoerskaart voor de ongeveer 550.000 studerenden op 1 januari 1991. Volgens de NS is vlotte invoering onmogelijk omdat zij over onvoldoende capaciteit zouden beschikken om de extra reizigers te vervoeren die het bedrijf met name in de ochtendspits verwacht. De Spoorwegen willen daarom dat het middelbaar beroepsonderwijs en het hoger onderwijs de aanvangstijden van hun lessen en colleges met een half uur verschuiven.

Alle fracties in de Eerste Kamer leverden vandaag scherpe kritiek op het optreden van de Nederlandse Spoorwegen. VVD-senator Vis verweet de NS 'met dubbele tong' te spreken, met een directie die contracten sluit die zij vervolgens zegt niet te kunnen uitvoeren. PvdA-woordvoerder De Rijk noemde het onverteerbaar dat de NS-hoofddirectie de ene dag een contract sluit en de afdeling public relations daags daarna een campagne start om het contract ongedaan te maken.

Volgens senator Kuiper (CDA) moet de Eerste Kamer vandaag nog een beslissing nemen over het wetsvoorstel dat de OV-kaart regelt. Hij meent dat zo kan worden voorkomen dat de onderhandelingen tussen de partijen die bij de uitvoering van het contract betrokken zijn, zich eindeloos voortslepen. Kuiper sluit een gefaseerde invoering van de kaart niet uit: voor thuiswonende studenten op 1 januari 1991 en voor studenten op kamers enkele maanden later. Ritzen had dit in de schriftelijke voorbereiding voor de afhandeling van het wetsvoorstel als mogelijkheid genoemd.