'Franciscus van den Enden was het brein achter Spinoza'

Ruim twee maanden lang verzweeg dr. W. N. A. Klever voor iedereen, tot zijn naaste collega's toe, angstvallig zijn ontdekking van de twee anonieme werkjes van Franciscus van den Enden. Nu, door deze publikatie in NRC Handelsblad, kan hij tot zijn opluchting eindelijk vrijuit praten en geeft hij, in zijn woning in Capelle aan den IJssel, tekst en uitleg over zijn vondst. Wat is er nu eigenlijk zo bijzonder aan uw ontdekking? Het is immers al veel langer bekend dat Spinoza door Van den Enden is beinvloed en dat hij deel uitmaakte van een groepje dat voortborduurde op de ideeen van Descartes?

Dat staat zelfs in een goede encyclopedie te lezen.'Dat kan wel zijn, maar tot nu toe bestonden daarvoor geen keiharde bewijzen. Dat Spinoza filosofisch zo diepgaand beinvloed was door Van den Enden, mag toch wel een zeer grote verrassing heten. Het gaat onmiskenbaar om een en dezelfde filosofie. De grondbeginselen van Spinoza's werk, de hoofdthema's van diens Ethica, zijn in Van den Endens pamfletten onmiskenbaar aanwezig. Niet allemaal even expliciet en systematisch uitgewerkt weliswaar, maar de overeenkomst is niet te loochenen.'Kijk, het gaat hier niet om het ophelderen van een paar biografische details over Spinoza, maar om een unieke vondst. De twee teksten zijn van zeer hoog niveau, ze worden rijker bij elke hernieuwde lezing. Ze tonen aan dat Van den Enden als filosoof met Spinoza op gelijke voet staat.

En als stilist acht ik Van den Enden zelfs hoger: hij schrijft even helder, maar heeft een rijker woordgebruik.'De door u opgespoorde werkjes dateren van 1662 en 1665, dus ongeveer uit de zelfde tijd dat Spinoza zijn Korte Verhandeling schreef, de eerste schets voor de Ethica. Hoe weet u zo zeker dat Spinoza door Van den Enden is beinvloed en niet Van den Enden door Spinoza?'Te bewijzen valt het natuurlijk niet, maar alle gegevens wijzen in die richting. We weten dat Van den Enden, die dertig jaar ouder was dan Spinoza, zich al veel langer bezighield met politieke filosofie en dat hij Spinoza in contact bracht met de inzichten van Descartes. Er bestaan ten minste vijf getuigenissen van tijdgenoten die zeggen dat Spinoza zijn filosofie van Van en Enden had.'Voor mij staat nu wel vast dat Van den Enden de stuwende kracht is geweest achter Spinoza. Hij was het meesterbrein, het genie achter het genie, de proto-Spinoza.'Hoe ging de ontdekking precies in zijn werk?'Ik liep voortdurend tegen allerlei zaken aan die met Van den Enden te maken hadden. Steeds dook zijn naam op en ik raakte allengs meer geinteresseerd in de man en zijn denkbeelden. Ik wist dat hij in een groot proces ter dood was veroordeeld en dat de stukken daarvan bewaard waren gebleven. Toen ik begin februari voor een congres in Parijs was, heb ik naar die stukken in de Bibliotheque Nationale een dag vergeefs gezocht. De chef-conservator beloofde mij echter dat hij verder zou zoeken. Drie weken later was ik toevallig weer in Parijs en kreeg ik een seintje dat de processtukken waren gevonden. Ik schreef de belangrijkste passages over Van den Enden haastig in mijn agenda over, met de titel van een van zijn twee anonieme traktaatjes en een inhoudsbeschrijving van het tweede.'Terug in Nederland was het niet zo moeilijk om ze beide op te sporen. Toen ik ze voor het eerst onder ogen kreeg, viel ik zowat van mijn stoel van verbazing.

U moet weten, ik ken het werk van Spinoza zo'n beetje uit mijn hoofd en hier vond ik stellingen uit de Ethica bijna letterlijk terug! Na die eerste lezing kon ik nachten lang niet slapen. Iedere Spinoza-onderzoeker droomt er van om iets belangrijks te ontdekken. Een paar jaar geleden vond iemand toevallig een handtekening van Spinoza op een volkomen onbelangrijk stuk. Dat was al voldoende voor een heel artikel. Maar u begrijpt, dit is van een andere orde. Ik vertelde de ontdekking aan mijn vrouw maar verder aan niemand, zelfs niet op de faculteit. Ik wilde de prioriteit zeker stellen.' Wat gaat u nu doen?'Mijn eerste zorg is, om het materiaal op een wetenschappelijk verantwoorde manier ter beschikking te stellen aan collega's in binnen- en buitenland. Ik wil een uitgave van de teksten bezorgen, compleet met nog een derde werkje van Van den Enden en biografische documenten. De contacten met een uitgever zijn al gelegd. In december beleg ik een conferentie over Van den Enden hier in Rotterdam. Ik heb een wetenschappelijke publicatie over de vondst in voorbreiding, ga er een congreslezing over houden en het volgende curriculum hoop ik er college over te kunnen geven.'