Felle kritiek Shamir op houding van Nederland

TEL AVIV, 8 mei - De Israelische premier Shamir heeft gistermiddag tegenover een delegatie van de Tweede-Kamerfractie van de PvdA scherpe kritiek geuit op Nederlandse en Europese contacten met de PLO. Shamir zei dat deze contacten niet bijdragen tot het vinden van een vredesregeling in het Midden-Oosten en daarom 'Israels zaak niet dienen'.

'Het gesprek had een harde toonzetting', zei het PvdA-Kamerlid A. Melkert na afloop van het veertig minuten durende onderhoud in Jeruzalem. Ook een woordvoerder van Shamir omschreef het gesprek als 'nogal hard'. Volgens Melkert maakt Shamir zich geen illusies dat de Europese Gemeenschap zal afwijken van de in 1980 begonnen pro-Arabische en pro-Palestijnse koers, vastgelegd in de zogenoemde verklaring van Venetie.

Shamir noemde de in Oost-Jeruzalem woonachtige Palestijnse leider Feisal Husseini, die onlangs door de Nederlandse minister van buitenlandse zaken Van den Broek werd ontvangen, 'een extremere Palestijnse vertegenwoordiger dan Yasser Arafat'. Tot ontsteltenis van de PvdA-delegatie ontkende Shamir dat er een Baker-plan (genoemd naar de Amerikaanse minister van buitenlandse zaken) zou bestaan voor het op gang brengen in Kairo van een Israelisch-Palestijnse dialoog. Shamir zette uiteen dat het enige plan dat op tafel ligt het Israelische vredesplan van 14 mei 1989 is.

Ondanks meningsverschillen met de Verenigde Staten zei Shamir 'erop te vertrouwen dat de VS altijd achter Israel zullen blijven staan'.

Onderhandelingen met de PLO sloot hij absoluut uit. Het enige dat Shamir volgens Melkert voor ogen staat is Palestijnse bestuursautonomie in delen van de bezette gebieden, met uitsluiting van Oost-Jeruzalem. De Palestijn Feisal Husseini, die deel uitmaakt van de Palestijnde onderhandelingsdelegatie en met wie minister Van den Broek vorige maand een gesprek had in Den Haag, is volgens de Likud-premier geen aanvaardbare gesprekspartner voor Israel omdat hij in het na de zes-daagse-oorlog in 1967 door Israel geannexeerde deel van Jeruzalem woont.

Tegenover de Nederlandse socialisten beklaagde Shamir zich ook over het zwakke Europese tegenwicht tegen de Arabische campagne gericht op de emigratie van Russische joden naar Israel. De zwaar geladen sfeer van het gesprek klaarde enigszins op toen de PvdA-delegatie tegen deze opmerking protest aantekende en erop wees dat de PvdA wel degelijk bij de in Nederland geaccrediteerde Arabische ambassadeurs had gepleit voor het recht van de Russische joden naar Israel te vertrekken. De door de fractieleider T. Woltgens geleide PvdA-delegatie tekende daarbij aan dat de Nederlandse socialisten zijn gekant tegen het onderbrengen van de Russische immigranten in nederzettingen in de door Israel bezette gebieden.

Melkert kreeg tijdens het onderhoud de indruk dat Shamir denkt redelijk goede kansen te hebben een rechtse regering met de ultra-nationalistische en religieuze partijen te kunnen vormen. Desalniettemin sloot hij de vorming van een regering van nationale eenheid met de Arbeiderspartij niet uit.