'Meer vakken nodig op eindexamen in HAVO'

DEN HAAG, 7 mei - Het aantal eindexamenvakken in het HAVO moet worden uitgebreid van de huidige zes naar zeven of acht. Drie nieuwe vakken moeten de HAVO-leerling daarnaast een orientatie bieden op de verschillende sectoren in het hoger beroepsonderwijs. Op deze manier kan de aansluiting tussen dit schooltype en het HBO worden verbeterd.

Dat schrijft een door de HBO-Raad ingestelde commissie onder leiding van de Amsterdamse onderwijskundige prof. dr. A. M. L. van Wieringen in een vandaag verschenen rapport over de aansluiting tussen HAVO en HBO. Aanleiding vormt het hoge uitvalpercentage van mensen met een HAVO-diploma in het HBO. Bijna veertig procent van hen verlaat de HTS, HEAO of sociale academie binnen een jaar. Onder studenten met een VWO- of MBO-diploma is dat nog geen twintig procent.

De commissie stelt voor de HAVO als vooropleiding voor het HBO te versterken. Elke HAVO-leerling zou een van drie nieuwe beroepsvoorbereidende vakken in het eindexamenpakket moeten opnemen, afhankelijk van de gekozen vervolgopleiding. Die vakken zijn 'algemene technologie', 'organisatie en beheer' en 'maatschappelijk en verzorgend handelen' en sluiten aan bij de technische, dienstverlenend/economische en verzorgende sectoren in het HBO. Voor de vakken moet ruimte komen door leerlingen niet langer in hele vakken te examineren maar in onderdelen daarvan.

De inhoud van de nieuwe vakken moet worden gebaseerd op 'studieprofielen' die het HBO moet gaan maken. Als onderdeel van het nieuwe eindexamenvak zouden de leerlingen in het vijfde schooljaar een stage moeten lopen in de betreffende HBO-sector. Het HBO zou verder zomercursussen kunnen organiseren voor aanstaande HBO-studenten uit het HAVO. Ook zou het onderwijs in het eerste HBO-jaar meer toegesneden moeten worden op de HAVO-leerlingen.