Kok blij met kritiek op hoge begrotingstekort

WASHINGTON, 7 mei - Minister Kok (financien) voelt zich gesteund door de kritiek die het Internationale Monetaire Fonds (IMF) heeft op het nog altijd grote Nederlandse financieringstekort. 'Ik ben niet gealarmeerd door die kritiek. Nederland moet beter voldoen aan internationale standaarden', zei Kok dit weekeinde in Washington, waar hij de halfjaarlijkse vergadering van het IMF en de Wereldbank bijwoont.

In maart leverde het IMF tijdens het zogenoemde Artikel-4-overleg (een soort examen dat achter gesloten deuren plaatsheeft) kritiek op de traagheid waarmee Nederland het begrotingstekort vermindert. Soortgelijke kritiek werd twee weken geleden ook geleverd door het Monetaire Comite van de Europese Gemeenschap.

Kok erkende dat de doelstelling voor het einde van deze kabinetsperiode, een financieringstekort van 3,25 procent in 1993, nog altijd te hoog is. 'Dan is eindelijk sprake van een stabilisatie van de staatsschuld, maar dat is een tussenstation. Op langere termijn moet het tekort verder omlaag', zei hij. Belastingverhoging sloot Kok uit; wel stelde hij voor de tweede helft van deze kabinetsperiode een verlaging van de BTW in het vooruitzicht in het kader van de Europese BTW-harmonisatie.

Het begrotingstekort maakt Nederland extra gevoelig voor rentestijgingen. Verdere opwaartse druk op de rente kan worden voorkomen door grotere inspanningen van landen om hun tekorten terug te brengen, aldus Kok.

Daling van het overheidstekort in Nederland en andere landen met chronische financieringstekorten is volgens Kok des te meer noodzakelijk nu enorme bedragen nodig zijn ter financiering van de economische hervormingen in Oost-Europa. Als overheden hun beroep op de kapitaalmarkten verminderen zijn meer besparingen beschikbaar voor investeringen in Oost-Europa. 'We moeten ruimte maken voor andere prioriteiten', zei de minister. 'De internationale besparingen zijn nu al op een laag niveau', aldus Kok. Hij onderstreepte dat steun aan Oost-Europa niet ten koste mag gaan van de ontwikkelingslanden.