Kabinet besluit tot de bouw van een tunnel; Openbaar vervoeren autorijden duurder

DEN HAAG, 5 mei - Het kabinet heeft gisteren besloten de benzine-accijns per 1 november met 8 cent per liter te verhogen. De tarieven in het openbaar vervoer stijgen per jaar met 3,5 a 4 procent. Verder werd besloten tot de bouw van de Wijkertunnel onder het Noordzeekanaal en het invoeren van tol op een aantal wegen in de Randstad.

Na weken van vergaderen heeft de ministerraad gisteren op het gebied van verkeer en vervoer een aantal knopen doorgehakt. Over de bouw van de drie andere autotunnels die in de Randstad waren voorzien is nog niet beslist. Minister Maij-Weggen (verkeer) verwacht dat over de tweede Coentunnel bij Amsterdam en de tweede Beneluxtunnel onder de Nieuwe Waterweg bij Vlaardingen eind dit jaar een besluit kan worden genomen. Zij gaat nog steeds uit van de bouw van deze tunnels die, net als de Blankenburgtunnel bij Maassluis, als 'nader te onderzoeken optie' in de verkeersplannen van het kabinet voor de komende jaren zullen worden opgenomen.

De PvdA-fractie noemde gisteren in een reactie de bouw van een tunnel aanvaardbaar, gelet op andere samenhangende besluiten op het terrein van verkeer en vervoer. De CDA-fractie toonde zich verheugd over de bouw van de Wijkertunnel. Beide regeringsfracties lieten weten in grote lijnen met de kabinetsbesluiten over het verkeersbeleid in te stemmen.

Onderzocht zal worden of de Wijkertunnel en eventuele andere nieuwe tunnels geheel of gedeeltelijk kunnen worden gereserveerd voor openbaar vervoer, carpoolers en vrachtverkeer. Aan de bouw van de Wijkertunnel is de voorwaarde verbonden dat er sprake is van een sluitende financiering en van een bevredigend contract met private financiers. De onderhandelingen daarmee worden binnenkort afgerond.

De afbetaling van de financiers zal via tolheffing, zowel bij de Wijkertunnel als bij de bestaande Velsertunnel, geschieden. Maij-Weggen zei gisteren dat als deze onderhandelingen mislukken de Wijkertunnel waarschijnlijk wordt betaald uit het toekomstige infrafonds, tot de instelling waarvan de ministerraad gisteren eveneens heeft besloten. Dit overheidsfonds, waarin het totaal aan gelden voor wegen, infrastructuur voor openbaar vervoer, vaarwegen, havens en luchthavens wordt opgenomen, krijgt de mogelijkheid op de kapitaalmarkt te lenen. Het wordt in 1992 ingesteld.

Behalve de accijnsverhoging wordt de komende jaren tolheffing gebruikt voor financiering van het verkeersbeleid en afremming van het autogebruik, nu het rekening-rijden voorlopig is gestuit op bezwaren van de regeringsfracties. De tol, fysieke en elektronische, zal op een aantal toegangswegen tot de Randstad, waaronder de tunnels, worden geheven. Over de hoogte van het bedrag kon Maij-Weggen nog weinig zeggen; wel dat er in de spitsuren meer geld zal worden gevraagd dan daarbuiten. Het onderzoek naar de technische mogelijkheden van rekening-rijden gaat wel door.

Als de tolsystemen niet tijdig kunnen worden doorgevoerd, komt er een toeslag op de motorrijtuigenbelasting voor degenen die tijdens de spitsuren in de Randstad willen autorijden. Maij-Weggen zei gisteren te denken aan een 'MRB-plus' van 25 procent. De PvdA-fractie tekende gisteren bij voorbaat bezwaar aan tegen een eventuele toeslag. De accijnsverhoging van 8 cent is voorlopig eenmalig, omdat het verdere beleid 'moet sporen met Europese ontwikkelingen', aldus Maij-Weggen.

Het kabinet heeft verder besloten de NS de komende drie jaar 600 miljoen gulden te laten lenen voor versnelde uitvoering van Rail 21. Het is de bedoeling dit drie-treinensysteem (met een scheiding van lijnen naar afstand en snelheid) in 10 a 12 jaar in te voeren. Daar is 13,7 miljard gulden voor gereserveerd. Voor het goederenvervoer zullen de Betuwelijn (van Rotterdam naar het Duitse achterland) worden aangelegd en de Brabantlijn worden verbeterd. Ook streeft het kabinet naar twee hoge-snelheidslijnen, in de eerste plaats de TGV van Parijs naar Amsterdam en later een trace oostwaarts naar Duitsland.

De tariefstijging in het openbaar vervoer wordt noodzakelijk geacht om te voorkomen dat de exploitatietekorten uit de hand lopen. Ondanks de hogere tarieven zullen de tekorten nog jaarlijks met 40 a 50 miljoen gulden toenemen. Steden met een eigen openbaar vervoer zullen aan strengere financiele voorwaarden worden gebonden, met als bedoeling dat ze verbetering aanbrengen in doelmatigheid en produktiviteit en ook het zwartrijden aanpakken.

In vergelijking met de voornemens van het vorige kabinet heeft de ministerraad besloten geen 19 maar 15 miljard uit te geven aan rijkswegenbouw (en daarmee een aantal plannen te schrappen of uit te stellen) en aan investeringen in het openbaar vervoer geen 12,5 maar 20 miljard te besteden.