IMF voorspelt aanzienlijke afname van groei economie

WASHINGTON, 5 mei - De groei van de wereldeconomie zal dit jaar aanzienlijk afnemen, maar een wereldwijde recessie wordt niet verwacht. Volgend jaar zal de economische groei in de industrielanden weer aan kracht winnen.

Dit schrijft de staf van het Internationale Monetaire Fonds (IMF) in de World Economic Outlook, een halfjaarlijkse beoordeling van de economische toestand in de wereld. Het rapport dient als basis voor de besprekingen tijdens de vergaderingen van het IMF en de Wereldbank, die dit weekeinde in Washington beginnen.

De staf van het IMF heeft de groei in de industrielanden naar beneden toe bijgesteld tot 2,25 procent. Vooral in de VS en Groot-Brittannie is sprake van lagere groei. Vorig jaar oktober verwachtte het IMF nog een groei van 2,9 procent voor 1990. In 1989 bedroeg de groei van de wereldeconomie 3 procent en in 1988 4,1 procent. Voor 1991 voorziet de IMF-staf een opleving naar 3,1 procent.

Dit weekeinde begint in Washington een serie bijeenkomsten van het IMF en de Wereldbank. De vergaderingen worden bijgewoond door de ministers van financien en centrale bankpresidenten van de ruim 150 landen die bij beide instellingen zijn aangesloten. Morgen komt de Groep van zeven bij elkaar, bestaande uit de VS, Japan, West-Duitsland, Frankrijk, Italie, Groot-Brittannie en Canada.

Het moeilijkste agendapunt van het Interim-comite, het beleidsbepalende orgaan van het IMF, is een al twee jaar slepende kwestie: de verhoging van de financiele reserves die de lidstaten aan het Fonds toevertrouwen. Het IMF beschikt nu over 90 miljard 'speciale trekkingsrechten' (117 miljard dollar) en zelfs over de verhoging bestaat nog geen overeenstemming. Onderhandeld wordt over verhogingen van 50 tot 66 procent.

Deze zogenoemde quota-verhoging is door de Verenigde Staten gekoppeld aan een oplossing voor het probleem van de betalingsachterstanden aan het IMF. Het betreft niet-terugbetaalde IMF-leningen aan deze landen ter waarde van totaal 3,5 miljard dollar.

De VS willen slechts instemmen met een quota-verhoging als de statuten van het Fonds gewijzigd worden, zodat wanbetalers geschorst kunnen worden. Verder is de quota-verhoging afhankelijk van een herschikking van de rangorde van de vijf grootste IMF-landen. In het IMF zijn de landen gerangschikt naar hun economische gewicht.

Japan, dat nu nog de vijfde positie inneemt, zal opklimmen naar de tweede plaats. Daardoor moet Groot-Brittannie, nu nummer twee, zakken. Aangezien West-Duitsland niet van de derde plaats wil wijken en Frankrijk de vierde plaats niet wil opgeven, dreigt Engeland te dalen tot de vijfde plaats. De oplossing zal vermoedelijk bestaan uit een gedeelde vierde en vijfde plaats voor Frankrijk en Engeland.

Bij de vergadering van het Ontwikkelings-comite van de Wereldbank zal worden voorgesteld om een milieufonds op te richten van ruim een miljard dollar. Dit fonds, waarvan het geld door de rijke landen moet worden opgebracht, zal jaarlijks 300 a 400 miljoen dollar aan leningen voor milieuprojekten in de Derde Wereld moeten verstrekken. Ook de midden-inkomenslanden die niet in aanmerking komen voor de zachte leningen van de Wereldbank, zoals Brazilie, zouden tegen zachte voorwaarden van dit milieufonds moeten kunnen lenen.