Depressies uit Eindhoven

Veel optie- en aandelenbeleggers werden deze week het slachtoffer van twee zware depressies uit Eindhoven: dinsdag DAF en donderdag Philips. Beursweerdeskundigen hadden die mini-rampen niet voorspeld. Daarom waren beleggers vol vertrouwen en onvoldoende voorbereid op lagere koersen.

In juni vorig jaar kwam DAF nog met een zonnige, kleurige englimmende folder vol rooskleurig proza om beleggers over te halen 63,6 procent van het aandelenkapitaal, bijna zeventien miljoen aandelen, te kopen op 47 gulden. De stukken gingen er in als koek. De raad van bestuur wilde met de introductie onder meer de internationale reputatie van DAF vergroten.

Beleggers zullen daar nu anders over denken. Ook de huidige groot-aandeelhouders, waaronder DSM met 1,85 miljoen aandelen, lijden een fors verlies op de boekwaarde van hun deelneming.

Ook op de Philips-jaarvergadering van begin april veel zon, kleur en glimmende folders, ondersteund door een rooskleurige indrukwekkende presentatie van president Van der Klugt. Het kan verkeren. Philips zal iets moeten doen om de geschonden reputatie van Nederlands Volksaandeel nummer 1 op te vijzelen.

Wanneer de Eindhovenaren nog steeds geloven in de kracht die Van der Klugt uitstraalde, is dit misschien de tijd om een deel van de eigen aandelen in kopen omdat die volgens het bedrijf zelf ver onder hun intrinsieke waarde staan. Of misschien versnellen de slechte resultaten de noodzaak om extra inkomsten aan te boren, bijvoorbeeld door verkoop op de beurs van een deel van het lichtbedrijf.

De minder goede resultaten van verschillende beursfondsen over het eerste kwartaal lijken er op te wijzen dat het meer moeite kost om iets te verdienen. Dat zou een signaal kunnen zijn van afnemende economische groei. Maar de aandelen-index van de Optiebeurs blijft op peil en dat wijst er op dat de beurs de slechtere cijfers meer ziet als lokale regenbuien dan een wezenlijk verandering in het beursklimaat.

Beleggers reageren in moeilijke tijden bijna allemaal op dezelfde manier: te laat en in de verkeerde richting. Een gebruikelijke reactie van onervaren optiebeleggers is het kopen van put-opties wanneer ze horen of lezen dat de koers van een aandeel sterk is gedaald.

De Philips put juli 32,50 bijvoorbeeld kwam woensdag voor het eerste in de notering en sloot die dag onverhandeld op 40 cent en het aandeel op 37,70 gulden. De put juli 35 sloot op 70 cent bij een omzet van 1037 opties.

Uit de gegevens van de Optiebeurs blijkt dat het aantal uitstaande contracten (open interest) opliep van 894 contracten woensdag tot 1811 donderdag. Met andere woorden bijna de hele omzet van woensdag in de '35' bestond uit nieuw gekochte optierechten. De kopers waren waarschijnlijk ervaren optiebeleggers met een sterk ontwikkelde neus voor slecht nieuws of mensen met voorkennis.

Donderdag na de publicatie van de eerste kwartaalcijfers werden de '32,50' en de '35' door geschrokken beleggers opgedreven naar een hoogste dagkoers van respectievelijk 1,90 en 2,70 (laagste dagkoers Philips 32,50, tevens de laagste in de afgelopen 12 maanden) bij omzetten van 673 en 1424 contracten. Veel '35' kopers van woensdag namen donderdag snel winst door te verkopen. Dat is af te leiden uit de afname, 250 contracten, van het open interest. Zo moet je het optiespel spelen.

Bijna alle donderdag-kopers van de Philips put juli 32,50 bouwden een nieuwe positie op: open interest 590 opties en omzet 673. Vrijdag, toen de onervaren optiebeleggers pas reageerden op de Philips-cijfers, zette die tendens door. In de '32,50' bedroeg de omzet vlak voor het slot meer dan 2200 contracten. De koers van de optie was toen 1,40 (Philips 32,60), 40 cent beter dan het slot van donderdag.

Misschien hebben die laatkomers gelijk, maar als regel volgt er na zo'n scherpe daling weer een 'ritje' omhoog.

Ervaren en zeer actieve spelers kijken daarom snel weer naar call-opties van een paar dubbeltjes die door onervaren beleggers in paniek zijn verkocht.

Moeilijke tijden dus voor beleggers, die door raden van bestuur en banken op het verkeerde DAF en Philips-been gezet zijn. Maar er is een keerzijde aan deze medaille: beurzen en effectenbemiddelaars profiteren van de toegenomen omzet.

    • Adriaan Hiele