'Vreemdelingenpolitie werkt racistisch'

AMSTERDAM, 4 mei - Het Amsterdams Solidariteits Komitee Vluchtelingen beticht de Amsterdamse vreemdelingenpolitie van grof, intimiderend en racistisch gedrag tegenover vluchtelingen. Het comite trekt die conclusies in het rapport 'Vluchtelingen Vervolgd', op basis van zijn ervaringen met vluchtelingen.

De Amsterdamse politiewoordvoerder K. Wilting ontkent dat de vreemdelingenpolitie zich met regelmaat schuldig zou maken aan grof en racistisch gedrag, al sluit hij niet uit 'dat er wel eens fouten worden gemaakt'.

Hij neemt het het Solidariteits Komitee kwalijk dat het 'niet is komen kijken hoe het er hier daadwerkelijk aan toe gaat'. Volgens het Solidariteits Komitee doet de vreemdelingenpolitie gemiddeld veertig keer per week een 'inval' in woningen waarvan men vermoedt dat daar zich illegale vluchtelingen ophouden. Politiewoordvoerder Wilting laat weten dat vorig jaar gemiddeld 23 'adresonderzoeken' per week werden gedaan, waarbij 'men in de helft van de gevallen niemand aantrof'. Het comite wijst erop dat een dergelijk 'actief opsporingsbeleid' in tegenspraak is met een uitspraak van burgemeester Van Thijn, dat 'noch de vreemdeling, noch de illegale vreemdeling doelgroep is van de vreemdelingenpolitie, maar de criminele illegale vreemdeling'.

PvdA-raadslid A. Grewel wil dat de zaak in de commissie politiezaken van de gemeenteraad wordt besproken.

Volgens Wilting doet de vreemdelingenpolitie 'adresonderzoeken' wanneer het vermoeden bestaat dat vreemdelingen die het land moeten verlaten hier nog steeds, dus illegaal, verblijven. 'Als ze de grens over gaan krijgen we een afmeldingskaart. Als we die na verloop van tijd niet gekregen hebben, kan het zijn dat we een adresonderzoek doen.' Volgens Wilting hebben deze adresonderzoeken zeker geen 'topprioriteit' binnen de vreemdelingendienst. 'Daar zouden we niet eens de capaciteit voor hebben. Er is meer aandacht voor illegale vreemdelingen die zich schuldig hebben gemaakt aan criminele feiten'.

Met het uitvoeren van adresonderzoeken doet de vreemdelingendienst volgens Wilting niet meer dan 'het uitvoeren van landelijk beleid, zoals dat is uitgestippeld door het ministerie van Justitie.'

Justitie hanteert een zogeheten restrictief vreemdelingenbeleid, waarbinnen het verwijderen van illegale vreemdelingen een hoge prioriteit heeft. Begin 1988 zijn speciaal voor het opsporingswerk acht marechaussees aan de dienst toegevoegd.

De Amsterdamse vreemdelingenpolitie valt rechtstreeks onder Justitie. De burgemeester draagt geen verantwoordelijkheid voor deze dienst. Wel worden de plaatselijke beleidsuitgangspunten van de dienst vastgelegd in het zogeheten driehoeksoverleg tussen burgemeester, hoofdofficier van justitie, en hoofdcommissaris van politie, en besproken in de gemeenteraad.

Volgens de Amsterdamse Vereniging VluchtelingenWerk staat de Amsterdamse politie met het verrichten van adresonderzoeken formeel in haar recht. Enkele Amsterdamse advocaten die veel vluchtelingzaken behandelen bevestigen het beeld van het Solidariteits Komitee. W. van Bennekom: 'Ik maak vaak mee dat asielzoekers voorwerp zijn van onheus en intimiderend gedrag door de politie.'