Twee-plus-vieroverleg over Duitsland; Washington wenstbeperkte agenda

WASHINGTON, 4 mei - De Amerikaanse regering wil het aantal onderwerpen in het twee-plus-vieroverleg over de vereniging van Duitsland drastisch beperken. Volgens een hoge functionaris in het Witte Huis kan de Sovjet-Unie niet 'de laatste druppel persen uit bezettingsrechten die voortvloeien uit een oorlog die 45 jaar geleden is afgelopen'. Voor de Amerikaanse regering moeten de besprekingen met de drie andere voormalige geallieerde partijen, Groot-Brittannie, Frankrijk, de Sovjet-Unie en met de twee Duitslanden zich beperken tot de sinds de oorlog overgebleven kwesties.

Die zijn onder andere de status van Berlijn, de geallieerde troepen in Berlijn, de luchtvaartrechten en de grenzen. De sterkte van de Duitse en buitenlandse troepen in West-Duitsland vallen er duidelijk niet onder. 'Daar zijn de besprekingen over conventionele wapens in Wenen voor', zegt een ambtenaar uit het hogere middenkader van het ministerie van buitenlandse zaken. Op deze manier zou een tweede Jalta worden verhoed en hebben ook andere betrokkenen, zoals Polen, invloed op de gang van zaken. De Amerikaanse regering voelt zich sterk omdat de gebeurtenissen in Europa zich voor haar gunstig ontwikkelen zonder dat ze er veel voor hoeft te doen. Vandaar dat er geen grote haast wordt gemaakt met concessies. De Sovjet-troepen moeten uit de Oosteuropese landen vertrekken omdat ze daar niet welkom zijn. Amerikaanse troepen hoeven Europa niet te verlaten omdat ze er met instemming van de democratisch gekozen regeringen zijn. De Sovjet-Unie zou daarmee akkoord kunnen gaan, want ze heeft de laatste jaren aangetoond dat ze een 'verlicht eigenbelang' kan nastreven. Wel vinden Amerikaanse functionarissen dat ze moeten profiteren van het hervormingsgezinde klimaat in de Sovjet-Unie. De Witte-Huisfunctionaris maakt zich weinig illusies over de ontwikkelingen in de Sovjet-Unie. De Sovjet-leiders zijn een soort revolutie begonnen en hadden de gevolgen niet helemaal voorzien. Omdat ze het niet meer in de hand hebben, klampen ze zich zo goed mogelijk vast zolang de wilde rit duurt. Er zijn twee mogelijke uitkomsten: enige vorm van democratisering waarbij de Sovjet-bureaucratie in stand zal blijven of een ontwikkeling naar een nieuwe autoritaire staat gebouwd op een nieuwe mythe, een chauvinistische bijvoorbeeld.

Volgens Worner zijn de NAVO-landen het erover eens dat het verenigde Duitsland lid van de NAVO moet zijn, dat de 'militaire presentie' van de NAVO niet zal worden vergroot ('het verenigde Duitsland zal geen grotere strijdmacht hebben dan de Bondsrepubliek nu', aldus minister Van den Broek), dat de geintegreerde militaire samenwerking in de NAVO blijft voortbestaan en dat het verenigde Duitsland niet onderworpen mag worden aan discriminatoire regelingen. Worner onderstreepte dat de NAVO niet de intentie heeft de machtsbalans in Europa ten nadele van de Sovjet-Unie te veranderen.

De Duitse vereniging mag 'winnaars noch verliezers' opleveren, zei ook minister Baker op een persconferentie na afloop van de speciale bijeenkomst. De Amerikaanse minister zei dat de NAVO-top van staatshoofden en regeringsleiders die waarschijnlijk in de eerste week van juli in Londen zal worden gehouden vier vraagstukken onder ogen zal moeten zien: vergroting van de politieke rol van de NAVO, de omvang van de defensie-inspanning, de rol van de kernwapens alsmede een 'meer ambitieuze rol' voor de Conferentie voor veiligheid en samenwerking in Europa (CVSE). Baker zei dat op de voor het eind van het jaar voorziene CVSE-topconferentie, die volgens de NAVO-landen in Parijs zou moeten worden gehouden, een akkoord over vermindering van de conventionele troepen in Midden-Europa (CFE) moet worden ondertekend. Behalve deze voorwaarde wil Amerika volgens de Belgische minister van buitenlandse zaken, Eyskens, ook dat bij het twee-plus-vier-overleg aanmerkelijke vooruitgang is geboekt. Frankrijk en de Bondsrepubliek zouden er volgens hem niet voor voelen voorwaarden te verbinden aan het al dan niet doorgaan van de CVSE-top.

De NAVO-ministers schaarden zich eveneens achter een ander voorstel van minister Baker om ter voorbereiding van deze top in september in New York een conferentie te houden van alle ministers van buitenlandse zaken van de CVSE-landen (alle Europese landen behalve Albanie, alsmede de Verenigde Staten en Canada). De Westduitse minister Genscher zei tegenover de pers dat de CVSE 'de basis van een Europa van de democratie moet worden', maar andere NAVO-ministers onderstreepten dat de alliantie een belangrijke rol moet blijven vervullen om de stabiliteit in Europa te bevorderen.

Minister Van den Broek (buitenlandse zaken) toonde zich tevreden over de consultatie met betrekking tot de aanstaande twee-plus-vier-onderhandelingen over de Duitse vereniging. Na de 'schrik van Ottawa' (de 'open skies'-conferentie tussen NAVO- en Warschapactlanden waar de twee-plus-vier- formule uit de bus kwam zonder consultatie van bijvoorbeeld Italie, Nederland en Belgie) zullen alle betrokkenen openheid tonen en gezamenlijk verantwoordelijkheid nemen voor een gunstig eindresultaat, aldus de Nederlandse bewindsman.

De Belgische minister Eyskens zei dat Baker hem in een brief enkele weken geleden al had verzekerd dat Belgie zal worden uitgenodigd zijn visie te geven als op het twee-plus-vier-overleg vraagstukken aan de orde komen waarbij Belgie betrokken is (zoals bijvoorbeeld de legering van Belgische troepen in de Bondsrepubliek). Volgens Van den Broek bestaat er binnen de NAVO consensus dat voor de Sovjet-troepen in de DDR een overgangsregeling moet worden gevonden. Deze troepen (circa 380.000 man) zouden daar voor een bepaalde termijn gehandhaafd kunnen worden, terwijl er dan geen NAVO-troepen of installaties gevestigd worden, zo zei hij.

Op de vraag wat er na die overgangstermijn zou moeten gebeuren zei de Nederlandse minister: 'Ik heb het gevoel dat aan de soevereiniteit van het verenigd Duitsland dan geen beperkingen mogen worden opgelegd met betrekking tot het eigen grondgebied.'

De NAVO-landen zijn het er volgens hem over eens dat afspraken over beperkingen van aantallen troepen of kernwapens in het verenigde Duitsland alleen mogen worden besproken in het kader van de Weense conferentie over conventionele troepenreducties in Midden-Europa.