Oostduitsers stichten vriendschapsvereniging voor relatie met Polen

OOST-BERLIJN, 4 mei - 'Er spoken geen Teutoonse dromen van een nieuw nationaal machtscentrum rond'.

Met deze woorden trachtte bondspresident Weizsacker gisteren in concentratiekamp Treblinka de angst in Polen voor het verenigde Duitsland, voor een nieuwe Furor Teutonicus, weg te nemen. De dag ervoor had hij zijn Poolse gastheren verzekerd dat de kwestie van degrens 'in de kern' onherroepelijk is opgelost. Tezelfder tijd colporteren in de oostelijke grensstreek van de DDR, het land van de 'onverbrekelijke vriendschap' met Polen, voor het eerst Oostduitse 'Vertriebenen Verbande' met hun grenzen van 1937 en vinden daarvoor menige deur geopend. In de grensstad Gorlitz, ten oosten van Dresden, sloegen tal van burgers, jong en oud, voor een Westduitse camera een revanchistische toon aan, en met een grote vanzelfsprekendheid.

'We willen Goselitz (het Poolse Zgozelec) terug!' Dit aanhoudende gerammel aan de Oder-Neissegrens en de agressie tegenover de Poolse 'winkelplunderaars' die na de opening van de Muur op 9 november losbrak, waren voor dr. Christa Hubner en Werner Stenzel de motieven om, afgelopen zaterdag, een vriendschapsvereniging DDR-Polen op te richten. Polen streeft hier al lange tijd naar, want het had zo'n beetje voor elke Europees land reeds zo'n vereniging, behalve voor de DDR en Tsjechoslowakije. De vereniging grijpt terug op het gedachtengoed van de Helmut von Gerlach Gesellschaft die na 1918 werd opgericht door deze Pruisische jonker, die wegens zijn liefde voor Polen het zwarte schaap in de familie was. Na de Tweede Wereldoorlog traden veel Duitse krijgsgevangenen toe, die door Polen eerst pro memorie naar Auschwitz waren gestuurd voor ze naar huis mochten. In 1952 ontbond de SED deze 'Duits-Poolse Vereniging voor Vrede en Goed Nabuurschap'. De Helmut von Gerlach Gesellschaft in de Bondsrepubliek moest op last van de familie een andere naam aannemen omdat deze vereniging zich inzette voor de Oder-Neissegrens. Mevrouw Hubner: 'Hier werd de vereniging in 1952 opgeheven omdat de communistische partij oordeelde: Een vriendschapsvereniging is een belediging en dank zij de veelvuldige contacten tussen de twee staten ook overbodig. En later was er het bekende 'Kultur und Information Zentrum'.

Het resultaat van alle officiele contacten heeft, zo blijkt nu, desastreus uitgepakt voor het contact tussen de beide volken. 'Omdat de staat dag en nacht over vriendschap sprak, wilde het volk er niet van weten. De vooroordelen tieren nu welig. Polen zijn luid, zuipen en roven onze winkels leeg. Men weet helemaal niets van Polen.' Dat de Oostduitsers niets van Polen en hun geschiedenis weten, wijt de historica Hubner aan twee factoren. 'In de schoolboekjes komt Polen helemaal niet voor. Kreeg Polen al op 3 mei 1791 een democratische grondwet? Nooit van gehoord. Polen telkens verdeeld, in de oorlog vernietigd? Nooit van gehoord. De enig overgebleven passages werden enkele jaren geleden geschrapt. Wegens gevaar van besmetting door Solidariteit.'

En dat laatste is de tweede reden: Toen Polen in 1981 de staat van beleg afkondigde, sloot de DDR de grens uit angst voor Solidariteit, en die grens is nog steeds niet heropend. Polen hebben nog altijd een visum en een uitnodiging nodig. 'De jeugd heeft dus nog nooit een open grens beleefd. En wat men hier ziet zijn, zeg maar, de bepakte en bezakte zwarthandelaren van en naar de Polenmarkt in West-Berlijn. En daar is ook inderdaad niet het beste deel verzameld. De Polenmarkt doet ons streven geen goed.' Dit streven is vooral gericht op kennisverspreiding onder de eigen bevolking via schoolboekjes, door vakantie-uitwisseling tussen scholieren, door Chopin-uitvoeringen, lezingen, films en theater. 'Op cultureel gebied mocht de afgelopen tien jaar helemaal niets moderns de DDR binnen omdat bijna alle levende schrijvers, kunstenaars en intellectuelen met Solidariteit sympathiseerden.'

Mevrouw Hubner is, ondanks alles, optimistisch. Ze heeft in enkele dagen al honderden leden kunnen inschrijven. 'De situatie is beter dan in 1948. Veel zakenmensen werken met Polen samen, er zijn veel Poolse vrouwen met DDR-burgers getrouwd, en de hypotheek van de oorlog drukt minder zwaar.' Toch heeft de vereniging voor het lidmaatschap een voorwaarde uitdrukkelijk moeten stellen: onderschrijving van de Oder-Neissegrens.