Irritatie Bonn over verbod op aankoop van grond in DRR

BONN, 4 mei - Een verbod voor Westduitsers om grond in de DDR te kopen zorgt voor plotselinge spanning tussen Oost-Berlijn en Bonn. De Westduitse regering staat erop dat de DDR afziet van een bepaling uit het regeerakkoord van haar nieuwe kabinet waarin voor een periode van tien jaar de aankoop van grond door niet-Oostduitsers wordt verboden. Om in de DDR een dreigende 'uitverkoop' van aantrekkelijke stukken grond voor de landbouw en in stedelijke- en industriegebieden te voorkomen en slechts huur of erfpacht voor niet-Oostduitsers mogelijk te maken, is deze bepaling een paar weken geleden in het Oostduitse coalitie-akkoord opgenomen.

Alleen als de DDR die beperking ongedaan maakt kunnen per 1 juli het Duits-Duitse staatsverdrag en de monetaire unie doorgaan, menen de Westduitse regering en de coalitiepartijen in de Bondsdag.

Regeringswoordvoerder/ minister Klein sprak gisteren in Bonn met klem van 'een heel beslissende vraag'.

De Bondsregering wil dat deze kwestie nog in het staatsverdrag anders wordt geregeld. Maar de leider van de Oostduitse ambtelijke onderhandelingsgroep, premier De Maizieres parlementair staatsecretaris Gunter Krause, zei gisteravond te betwijfelen of zijn regering daartoe bereid zal zijn.

Dat de zaak voor de Westduitse regeringscoalitie zeer gevoelig ligt, en een voorwaarde voor de monetaire unie is, bleek uit opmerkingen van FDP-voorzitter Lambsdorff. 'Zonder een duidelijke erkenning van het recht op particulier eigendom bij de invoering van de markteconomie, zal er ook geen monetaire unie komen. Dan zou het daarvoor benodigde geld gewoon uit het raam worden gegooid', zei hij. Volker Ruhe, de secretaris-generaal van kanselier Kohls CDU, noemde 'een duidelijke regeling' van deze kwestie 'doorslaggevend' voor het vertrouwen van buitenlandse investeerders en voor de bereidheid van Westduitsers om de kosten van de Duitse eenheid te aanvaarden. De eigendom van grond mag volgens Ruhe in beginsel in de DDR, waar de grond nu nog in staatshanden is, niet anders geregeld zijn dan in de Bondsrepubliek.

De Westduitse minister van financien, Waigel (CSU), heeft gisteren zijn DDR-collega Romberg (Ost-SPD) duidelijk gemaakt dat de Bondsrepubliek niet van plan is om in te gaan op diens verzoek om bij de invoering van de monetaire unie meer (extra) geld beschikbaar te stellen dan deze week is afgesproken voor het ontwerp-staatsverdrag. Romberg had bij Waigel gepleit voor speciale bijstand aan lagere inkomensgroepen, zoals studenten, in deeltijd werkende ongehuwde moeders of gepensioneerden met een kort beroepsverleden. Waigel vindt, conform de deze week gemaakte afspraken, dat de DDR-regering zelf nadere regelingen voor zulke groepen moet ontwerpen en financieren.

    • J. M. Bik