'Het Tory-bloedbad ging niet door'

LONDEN, 4 mei - 'Het bloedbad dat nooit plaatshad.'

Chris Patten, de Britse minister die de verantwoordelijkheid voor de poll tax heeft geerfd, was er vannacht als de kippen bij om munt te slaan uit het voorlopige resultaat van de gemeenteraadsverkiezingen. Dat was voor de Conservatieven rampzalig, maar minder rampzalig dan de opiniepeilingen hadden voorspeld. Labour leek niet te zullen uitkomen op de kapitale winst van 400 tot 700 (deel-)gemeenteraadszetels in Engeland, Schotland en Wales, maar te zullen blijven steken op ruim 300. De belangrijkste en omvangrijkste peiling van de stemming in de natie sinds de verkiezingen in 1987 zou, zo was voorspeld, vooral een referendum worden over het voortgezette leiderschap van Margaret Thatcher met de poll tax als graadmeter.

De voorlopige uitslag liet vanmorgen alle ruimte voor interpretatie. 'Go now!' riep de Labourgezinde Daily Mirror de premier vanmorgen toe. Maar de regeringsgetrouwe Daily Mail kraaide victorie voor de Tories, die in de deelgemeente met de laagste poll tax van heel Engeland, Wandsworth in Londen, hun meerderheid in de raad spectaculair vergrootten.

Elders in het land, en dit keer ook in hun eigen Conservatieve thuisbasis in zuidelijk Engeland, verloren de Tories. In het noorden ging het vlaggeschip van Conservatief beleid zoals dat door Thatcher wordt voorgestaan, Bradford, in handen van Labour over. Benoorden de grens met Schotland werd de kaart opnieuw roder gekleurd: vier van de vijf districten worden door Labour bestuurd. Een op de vijf kiezers daar bracht verder zijn stem uit op de Schotse nationalisten.

Maar het is in Londen dat de Conservatieven winsten maakten die ze niet hadden verwacht en die partijleider Kenneth Baker vanmorgen de uitspraak in de mond gaven dat 'de boodschap van de gemeenschapsbelasting begint door te dringen' en dat de Tories bezig zijn hun afgedwaalde aanhang terug te lokken. De spectaculaire winst in Wandsworth (een Conservatieve meerderheid die van een naar 35 zetels werd uitgebreid), het winnen van een meerderheid in de woonplaats van Labourleider Neil Kinnock, Ealing, en in het door Tories verafschuwde Brent, beide gemeenten met een extreem hoge poll tax, geeft Baker hoop dat de kiezers zijn campagneleuze hebben geloofd: 'Conservatieve gemeenteraden kosten u minder'. Voor de SLD van Paddy Ashdown was het resultaat beter dan hij had durven hopen. Na twee jaar interne troebelen, voorafgaand aan de fusie van liberalen en sociaal-democraten, wist de partij zich op gemeente- en districtsniveau ruim twee keer zo goed te manifesteren als de opiniepeilingen haar op nationaal niveau hadden voorspeld. Vergeleken met de nationale verkiezingen van 1987 verloor de SLD maar drie procent van de stemmen en kwam daarmee op twintig procent uit. De SDP van David Owen werd vrijwel weggevaagd en de Groenen, die in een kwart van de kiesdistricten een kandidaat hadden ingezet, kregen hun eerste drie gemeenteraadszetels. Landelijk gezien bleef hun aanhang (zeven procent gemiddeld) echter ver achter bij de vijftien procent van de Europese verkiezingen van vorig jaar.

Hoewel de volledige uitslag vanmorgen nog moest worden vastgesteld, kon Labour zich toch veilig de grote overwinnaar van de gemeenteraadsverkiezingen noemen, zij het dat 'grote' een bijsmaakje heeft gekregen door de overspannen verwachtingen die waren gewekt. 'Premier Thatcher moet opstappen', zei de campagneleider van Labour, Jack Cunningham, vanmorgen. Met de woorden 'er is bij de Britse bevolking nu een duidelijke meerderheid tegen Thatcher' deed SLD-leider Paddy Ashdown daar nog een schepje bovenop.

Premier Thatcher zelf liet aanvankelijk het commentaar op de uitslag, afgezien van een honingzoet 'very pleased with the result' bij het verlaten van haar ambtswoning, aan partijvoorzitter Kenneth Baker over. Die herhaalde, zoals viel te verwachten, dat er geen sprake is van een strijd om het leiderschap van de partij. Margaret Thatcher is degene die de Conservatieven bij de verkiezingen van uiterlijk zomer 1992 zal aanvoeren en die daarmee een vierde kabinetsperiode Conservatief beleid zal verzekeren, aldus Baker.

Die uitspraak lijkt voorlopig nog op hard zingen in het donker. De uiteindelijke maatstaf waarop het Conservatieve beleid beoordeeld zal worden, daarover zijn alle politieke ontleders het eens, is de staat van de economie. De relatieve euforie over winst in een deelgemeente met een lage poll tax moet daarom wel van korte duur zijn. Volgende week worden de nieuwste inflatiecijfers bekend, die naar verwacht voor het eerst tot in de dubbele cijfers zullen stijgen.