Einde moeilijkheden Philips is nog niet in zicht

AMSTERDAM, 4 mei - De verbijstering overheerste gisteren op en rond de Amsterdamse beurs over de winstcijfers over het eerste kwartaal van Philips. 'Redeloos, radeloos en reddeloos', dat is de indruk die veel financiele specialisten en beleggers van het elektronica-concern hebben.

Redeloos omdat het jarenlang saneren, herstructureren en de omvangrijke ontslagen geen invloed lijken te hebben op de resulaten, ondanks de herhaalde verzekering dat 'de tanker op koers ligt'.

Radeloos omdat de concern-top kennelijk zelf niet meer weet wat er met het bedrijf aan de hand is. En reddeloos omdat het er meer en meer op begint te lijken dat Philips terrein verliest op markten die traditioneel voor de winsten zorgen, terwijl een aantal andere activiteiten dermate verliesgevend is dat ze beeindigd moeten worden of samengevoegd met andere bedrijven.

Dat de resultaten van het elektronica-concern in het eerste kwartaal minder zouden zijn, hadden de financiele specialisten in Londen en Amsterdam wel verwacht. Maar dat de winst uit de normale bedrijfsactiviteiten zou terugzakken van 86 tot slechts 2 cent per aandeel, en dus praktisch zou wegvallen, nee, dat had niemand voorzien. 'Philips was al kampioen teleurstellingen, maar dit slaat alles', aldus een beursanalist. Voor zover van winst sprake was, werd deze vrijwel volledig opgebracht uit de verkoop van het grootste deel van de defensie-onderdelen van Philips. En dat is eerder een bewijs van onvermogen dan van kracht. Een structureel bewijs van onvermogen zelfs, want deze boekwinsten bij de uitverkoop van bedrijfsbezit zijn de laatste jaren een steeds belangrijker bestanddeel gaan vormen van de winst bij Philips. Met bestendige bedrijfsresulaten hebben deze opbrengsten weinig te maken, zo is de algemene opvatting.

Als direct bewijs van onvermogen van de huidige Philips-top wordt eveneens gezien dat de tegenvallende resultaten ook voor de raad van bestuur als een donderslag bij heldere hemel kwamen. Pas anderhalve week geleden, toen de top de cijfers onder ogen kreeg, zou zijn gebleken dat er sprake was van enige 'valutaire tegenwind', aldus bestuurslid drs. H. H. A. Appelo. Beleggers reageerden geschokt. Drie weken geleden nog, op de aandeelhoudersvergadering van Philips, sprak president-directeur Van der Klugt de verwachting uit dat de resultaten uit de gewone bedrijfsuitoefening dit jaar zouden stijgen. Of Van der Klugt misleidde zijn aandeelhouders of hij wist werkelijk niet wat er gaande was, aldus een analist. De directeur van de Vereniging van Effectenbezitters, mr. R. De Haze Winkelman, gaat van de laatste mogelijkheid uit. 'Sterk veranderde wisselkoersen en een hoge rente, dat wist iedereen, en dus ook Philips, drie weken geleden ook al. Blijkbaar weet Philips onvoldoende wat er speelt in het concern', concludeert de belangenbehartiger van aandeelhouders in een reactie.

Een structureel probleem is volgens sommigen dat Philips als organisatie nog te veel een ambtelijk apparaat is met alle traagheid van dien. De organisatie is onder Van der Klugt weliswaar ingrijpend gesaneerd, maar in tegenstelling tot veel Amerikaanse en Japanse concurrenten heeft Philips gekozen voor een organisatie in vier wereldwijde produktsectoren die vanuit Eindhoven worden gedirigeerd. Een dergelijke gecentraliseerde aanpak maakt de bureaucratie binnen Philips er niet minder op, zo is de redenering.

Wat zijn de belangrijkste problemen waar Philips mee kampt? De lagere yen, dollar en pond - de valuta's waarin de concurrentie rekent - hebben de stijging van de omzet vrijwel tenietgedaan. Philips kan zijn kosten slechts gedeeltelijk afdekken voor deze lagere valuta en bevindt zich dus in een nadelige positie. Gecombineerd met de hoge rente zijn de wisselkoersverhoudingen bovendien verantwoordelijk voor hoge financieringskosten.

Philips gewaagde gisteren van een bewust complot van Japan om de yen naar beneden te brengen en zo de eigen export van elektronica weer betaalbaar te maken. De financiele markt was weinig onder de indruk. Philips zou eens wat meer de hand in eigen boezem moeten steken, in plaats van altijd maar weer de buitenwacht de schuld te geven, zo liet de stemming zich samenvatten. De valutaire tegenwind is echter niet het werkelijke probleem waarmee Philips volgens veel marktdeskundigen kampt. Een aantal bedrijfsonderdelen vormen al langere tijd een zorgenkindje. In de informatietechnologie, waaronder de produktie van computers, heeft Philips bijvoorbeeld te maken met een scherpe prijsconcurrentie. Een en ander leidde in het eerste kwartaal tot het afboeken van flinke bedragen op de aanwezige voorraden.

Kregen de resultaten in deze tak van Philips vorig jaar al een flinke klap te verwerken, analisten schatten dat de verliezen op jaarbasis in de honderden miljoenen kunnen lopen. Dit ondanks de uitgebreide herstructurering die wordt doorgevoerd, die hier en daar zelfs de vraag opwerpt of Philips er niet beter aan doet zich uit deze markt terug te trekken.

Bestuurslid Appelo nam gisteren de gelegenheid te baat om de computerproduktie in de etalage te zetten. Voor samenwerking voelt Philips wel wat. Contacten hierover zijn er ook wel, met meerdere partijen zelfs, maar van besprekingen is echter nog geen sprake, zo onderstreepte Appelo.

Dat kan dan nog wel eens een moeizame aangelegenheid worden, was de kritische reactie uit de markt, want Philips is nu al enige tijd bezig met gesprekken (onder andere met Olivetti) en tot nu toe is in de Europese markt alleen Siemens er in geslaagd het kwijnende computerbedrijf Nixdorf over te nemen.

En dan is er nog de chip-produktie, waar reeds sinds vorig jaar een onbekend bedrag op wordt verloren. Appelo deed een aantal uitspraken waaruit bleek dat dit verlies de komende kwartalen zal verminderen. Dat drukt dan minder op de winst, maar een verlies blijft een verlies. En analisten redeneren: eerst zien en dan geloven.

Alsof het allemaal niet genoeg is krijgt Philips waarschijnlijk nog te maken met een terugslag in Brazilie, waar een belangrijk deel van Zuidamerikaanse omzet (naar schatting 4 tot 5 procent van de concern-omzet) wordt behaald. Door de drastische saneringsmaatregelen van de Braziliaanse regering is de produktie daar stil komen te liggen, terwijl de salarissen doorbetaald moeten worden. Een onbekende tegenvaller die waarschijnlijk in het tweede kwartaal wordt verwerkt.

De consumentenelektronica en de verlichting vormen de kurk waarop Philips blijft drijven. Maar van de gloeilampen is weinig groei meer te verwachten, zodat de compensatie voor het tegenvallende resultaat in het eerste kwartaal vooralsnog moeten komen uit de eerste sector. De consumentenprodukten (muziek, huishoudelijke apparaten) die vorig jaar goed was voor de helft van het totale bedrijfsresultaat, gaf volgens Appelo het eerste kwartaal meer dan een verdubbeling van de resultaten te zien en zal ook de komende maanden 'aanzienlijk groeien'. Dat lijkt dan eens en te meer een bevestiging van de kwaliteiten van J. D. Timmer, de huidige directievoorzitter van de consumenten-divisie die in juni volgend jaar Van der Klugt als voorzitter van de raad van bestuur zal opvolgen. Na eerder Polygram uit het dal te hebben getrokken, wist Timmer het afgelopen jaar de winst bij de consumentendivisie te verdrievoudigen.

De opvolging maakt deel uit van omvangrijke verschuivingen in de raad van bestuur van Philips. Na de sanering van het bedrijf (de afgelopen vijf jaar werd het aantal arbeidsplaatsen met 43.000 teruggebracht en werden meer dan 75 bedrijven gesloten) lijkt daarmee de top aan de beurt. Een sanering die, zeker bij de huidige beurskoers, een bedrijf in de Verenigde Staten waarschijnlijk allang had doorgevoerd. Zij het dat er daar waarschijnlijk een vijandige overneming aan te pas zou zijn gekomen. De Philips-top hoeft daarvoor echter niet te vrezen, met het huidige pakket aan beschermingsmaatregelen dat in Nederland is toegestaan.