Schaderegeling met hulp van justitie succesvol

Bij het openbaar ministerie in Middelburg bemiddelt een schaderegelaar tussen slachtoffers van misdrijven en de dader voor het afwerken van de materiele schade. Het project, dat een klein jaar draait, blijkt een succes.

MIDDELBURG, 3 mei - Daders van misdrijven zijn vaak bereid schadevergoeding aan hun slachtoffer te betalen. Dat is de ervaring van C. Wisse, die bijna een jaar geleden als schadebemiddelaar bij het openbaar ministerie in Middelburg werd aangesteld. Middelburg is het enige parket waar zo'n functionaris werkzaam is. Van de ruim 160 zaken die Wisse tot nu toe behandelde kwam het in veertig a vijftig procent tot een schaderegeling. Zijn conclusie: het project is een succes.

Het aanstellen van de schadebemiddelaar, voorlopig tot 1 januari 1991, is een van de vele experimentele projecten binnen het plan Samenleving en Criminaliteit, een initiatief van de interdepartementale stuurgroep Bestuurlijke Preventie van Criminaliteit. Voor het idee - dat van het Middelburgse parket zelf kwam - werd subsidie verleend door de stuurgroep, waarin de ministeries van binnenlandse zaken en justitie zijn vertegenwoordigd. Met de schadebemiddelaar hoopt het Middelburgse parket zowel de slachtofferhulp te verbeteren als een bijdrage te leveren aan misdaadpreventie.

Een belangrijk voordeel van een schaderegeling is volgens persofficier mr. S. Tempel dat daders direct met de neus op de gevolgen van hun acties worden gedrukt: 'Het is boter bij de vis'.

Het slachtoffer krijgt de geleden materiele schade zonder verdere inspanningen vergoed en hoeft daarbij niet meer met de dader in contact te komen. Alles wordt door de schaderegelaar afgehandeld. Het grootste verschil met de situatie voor het bestaan van de schaderegelaar is dat er tot dan toe geen vast beleid was bij dit soort zaken. 'Er was sprake van een soort 'houtje-touwtje' optreden', zegt Tempel, 'Schadevergoedingen kwamen toen ook wel voor, maar het initiatief lag veel meer bij de slachtoffers zelf, terwijl nu iemand full-time bezig is om elke zaak vooraf te onderzoeken op de mogelijkheden voor een schaderegeling.' Tegenover het betalen van de vergoeding staat voor de dader het voordeel van mogelijke compensatie in de strafmaat en in lichtere gevallen zelfs seponering van de zaak. Een schaderegeling moet nog voor de rechtszitting worden overeengekomen. Er wordt nooit vooraf een afspraak gemaakt over de straf die de officier uiteindelijk zal eisen, de dader krijgt alleen te horen dat er 'rekening mee wordt gehouden'. Wisse kan nog weinig zeggen over de preventieve werking van zijn activiteiten, maar 'in het kleine jaar dat ik nu bezig ben kwam ik slechts een of twee keer iemand opnieuw tegen'.

Volgens hem is vooral het 'persoonlijke' karakter van zijn benadering van groot belang voor het effect ervan.

Schaderegelingen blijven vooralsnog beperkt tot lichtere misdrijven zoals diefstal, vernieling en niet al te zware vormen van mishandeling. In het laatste geval moet worden gedacht aan een vergoeding voor een kapotte bril, een bezoek aan de tandarts of voor met bloed besmeurde kleding. Bij de vergoeding gaat het doorgaans om een bedrag van enige honderden guldens. 'In beginsel is er geen beperking aan het soort zaken waarin ik optreed, bij alle mogelijke kwesties is een regeling mogelijk', zegt Wisse. Als voorbeeld noemt hij een valse brandmelding, enige tijd geleden. Na zijn bemiddeling kregen de grappenmakers daarvoor een rekening van 480 gulden gepresenteerd. Immateriele schade valt voorlopig niet onder de regeling.

Middelburg is niet de enige plaats waar schadebemiddeling tussen slachtoffers en daders wordt toegepast, maar 'het unieke van Middelburg is dat de schaderegelaar daar opereert in opdracht van het openbaar ministerie zelf', aldus het ministerie van Justitie. In Amsterdam ging op 1 december een experiment met schadebemiddeling van start. Daar verzorgt het bureau 'Dading' van de vereniging Humanitas de bemiddeling, die zich volgens een woordvoerder niet beperkt tot financiele afwikkeling maar ook afspraken tussen beide partijen kan omvatten. In een recente zaak, waarbij een man zijn ex-vriendin had mishandeld, werd een financiele vergoeding geboden en beloofde de dader op straffe van een dwangsom de vrouw niet langer lastig te vallen. In Amsterdam gaat het om civielrechtelijke overeenkomsten, waarbij een regeling automatisch resulteert in seponering van de zaak. Bij bureau Dading kan men nog weinig zeggen over de resultaten, daarvoor is het project nog te jong. In Leiden echter, waar bureau slachtofferhulp eind 1987 met schadebemiddeling begon, zijn de ervaringen zonder meer goed. 'Vooral bij daders die voor het eerst in contact met justitie komen blijkt het pijnlijke gevoel in de portemonnee veel indruk te maken', aldus een woordvoerder.

Of het Middelburgse initiatief elders navolging zal vinden is afhankelijk van de analyse van de resultaten door het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatie Centrum (WODC) van het ministerie van justitie. De resultaten van dat onderzoek worden eind dit jaar verwacht.