'Nationaal bewustzijn' in Slovenie en Kroatie

LJUBLJANA/ ZAGREB, 3 mei - Dr. Franjo Tudjman weet nog niet of hij president van de Joegoslavische republiek Kroatie wil worden. 'We hebben daarover nog geen besluit genomen, maar voorlopig kies ik voor het presidentschap. Als premier hebben we een jonger iemand nodig, met een economische achtergrond.'

Dr. Joze Pucnik weet nog niet of hij premier van de Joegoslavische republiek Slovenie kan worden. 'Ik ben kandidaat, maar er staat nog niets vast. Ik leid een coalitie van zeven partijen en de formatiebesprekingen zijn nog maar net begonnen.' De vrije verkiezingen in Slovenie zijn achter de rug, in Kroatie wordt dit weekeinde nog een tweede verkiezingsronde gehouden. Maar de nieuwe krachtsverhoudingen zijn al duidelijk. In beide noordelijke republieken van Joegoslavie hebben de fel anticommunistische partijen die zich keren tegen een centraal geleid, door Servie gedomineerd Joegoslavie een absolute meerderheid behaald.

Slovenie en Kroatie delen het streven naar 'soevereiniteit', naar een nieuwe Joegoslavische 'confederatie'. Maar onderlinge verschillen zijn er ook, legio. De hoofdkwartieren van de beide verkiezingsoverwinnaars staan er model voor. Pucnik, de leider van de Sloveense coalitie Demos, ontvangt in een afgebladderde houten keet op een mossige binnenplaats in het centrum van Ljubljana. Tudjman, de aanvoerder van de Kroatische Democratische Unie, beschikt inmiddels over een pastelkleurige villa in de heuvels van oud-Zagreb.

Pucnik moet een coalitie bij elkaar houden die 51 van de 80 zetels in het Sloveense parlement bezet. Tudjman voert een partij aan die mag rekenen op zeker 60 procent van de zetels in het Kroatische parlement. Pucnik redeneert, Tudjman oreert.

Tudjmans partij-villa is aangeschaft en opgeknapt met geld van uitgeweken Kroaten die vooral in de Verenigde Staten en Canada fortuin hebben gemaakt. Het wemelt er dezer dagen van de Angelsaksische accenten. 'Hi, I'm Ivan Mudrinic from Georgetown Ontario.'

Hij is 'even terug' om te stemmen en te helpen campagne voeren.

Tudjman resideert op de eerste verdieping, achter een ruim bemeten schrijftafel. 'Welkom, u heeft vijf of tien minuten', begroet hij de verslaggevers van The Washington Post en van deze krant aan wie gezamenlijk audientie is verleend.

Het gesprek heeft nog geen twee minuten geduurd of Tudjman grijpt een recent bericht uit de Washington Post: '[De verkiezingsuitslag in Kroatie] wekt angst voor toenemende inter-etnische spanningen en voor het uiteenvallen van Joegoslavie'. Tudjman, ijzig: 'Bent u de schrijver van dit soort stupiditeiten?' De verslaggever kan ontkennen, het is niet zijn naam die erboven staat. Tudjman: 'Waarom publiceren jullie deze rotzooi?' Tudjman was ooit generaal, de jongste van het land en zoals de meeste hoge militairen afkomstig uit Tito's partizanenleger, totdat hij in de jaren zestig wegens nationalistische, 'contra-revolutionaire' activiteiten werd ontslagen en voor vijf jaar in de gevangenis verdween.

De partij van de ex-generaal voert een uiterst agressieve verkiezingscampagne, waarover Pucnik in de buurrepubliek zelfs opmerkt dat die 'op mij een beetje bolsjevistisch' overkomt. Tudjman: 'De Serviers noemen ons fascisten, de Slovenen nu weer bolsjevieken. Wat een onzin!' De term 'nationalisten' hoort Tudjman evenmin graag. 'Onze partij is Kroatisch en democratisch, niet nationalistisch. Wij zijn voor Kroatie en daar hebben we goede redenen voor. Onze cultuur wortelt in de Italiaanse renaissance en in de Oostenrijkse barok. Wij hebben geen wortels in de Oosterse orthodoxie, zoals men ons in Belgrado wil doen geloven. En wat is het gevolg? Dertig procent van ons volk woont buiten Kroatie, men is het vaderland ontvlucht. 'Vijftig procent van onze politiemacht bestaat uit Serviers, 40 procent van onze huidige regering is Servier, 70 procent van de journalisten bij onze radio en televisie is Servier. We gaan heel wat van die lui vervangen. Onze republiek heeft een Servische minderheid binnen haar grenzen van 11 procent, geen meerderheid van 50 of 70 procent.' Tudjman vermijdt de term 'nationalisme' zorgvuldig. Hij spreekt van 'herleefd Kroatisch bewustzijn' tegenover 'Servisch expansionisme'.

Gevaar voor escalatie in de gespannen verhoudingen tussen beide bevolkingsgroepen vreest hij niet. 'De totalitaire regimes in Oost-Europa zijn zowat overal gevallen en binnenkort volgt Servie.'

Op de vraag of daarmee het herleefde 'nationale bewustzijn' ook wegebt antwoordt hij geirriteerd: 'Wie zo'n vraag stelt houdt bijna een pleidooi voor voortzetting van de dictatuur. Mag ik dat onzindelijk vinden? Democratie wint aan kracht in Europa en dank zij de democratie zullen de spanningen tussen de Europese volkeren verdwijnen, daarvan ben ik heilig overtuigd.' Pucnik in zijn Sloveense houten keet hanteert duidelijk minder etno-cultureel jargon. Hij heeft ook gemakkelijker praten want Slovenie heeft nauwelijks minderheidsgroepen binnen zijn grenzen. Waarmee overigens niet is gezegd dat de Sloveens-Servische betrekkingen beter zijn dan de Kroatisch-Servische.

Pucnik, hoogleraar filosofie, heeft in de jaren vijftig en zestig zeven jaar in de gevangenis doorgebracht wegens oppositie tegen het communistische bewind. Halverwege de jaren zestig werd hij gedwongen te emigreren. Tot vorig jaar verbleef hij in West-Duitsland.

De coalitie van Pucnik heeft de verkiezingen vooral gewonnen met de belofte dat Slovenie binnen een jaar een nieuwe grondwet zal hebben die de republiek volledig onafhankelijk moet maken van het federale bewind. Pucnik: 'We zullen geen dinar meer overmaken naar Belgrado, waar de generaals - om een voorbeeld te noemen - ons geld over de balk willen smijten met krankzinnige projecten als de ontwikkeling van een eigen, Joegoslavisch gevechtsvliegtuig. Terwijl we hier in Slovenie niet eens kunnen investeren in onze kapotte spoorwegen. Joegoslavische generaals willen nieuwe gevechtsvliegtuigen, in Europa, 1990! Alleen perverse geesten kunnen zoiets bedenken.'

Pucnik ontkent dat met die nieuwe grondwet ook meteen de onafhankelijkheid van Slovenie wordt uitgeroepen. Hij jongleert: 'Nee, onafhankelijkheid is een term die volledig uit de tijd is. Europa ontwikkelt zich in de richting van een confederatie en dan zullen wij de onafhankelijkheid van dit staatje uitroepen? Natuurlijk niet. Onze benadering is anders. Wij zeggen: de republiek Slovenie bestaat al. Met een eigen rechtsstelsel, een eigen parlement en regering, eigen belastingen, eigen infrastructuur. Dat is mooi en moet nog veel mooier worden. 'Iets anders is de vraag hoe de Sloveense republiek moet omgaan met haar buren. De huidige situatie is onhoudbaar. Er bestaan tot op de dag van vandaag gigantische muren - tariefmuren, fiscale muren, noem maar op - tussen ons en de buren die ons het meest te bieden hebben: Italie, Oostenrijk, de EG. Terwijl we helemaal verknoopt zijn geraakt met buren die ons niets opleveren, die ons integendeel alleen maar handenvol geld kosten: Servie, de Comecon-landen.

Daarom zeggen wij: de basis wordt een nieuwe, eigen Sloveense grondwet en vervolgens sluiten we verdragen en akkoorden met wie en wat we maar willen.' De toekomst voor een nieuw Joegoslavisch verbond, een nieuwe Joegoslavische grondwet houdt Pucnik open. Met nadruk op het woord 'open'. In ieder geval, kondigt hij aan, 'zal Slovenie met de Joegoslavische republieken niet meer of minder akkoorden sluiten dan met buren als Italie of Oostenrijk. En of dat dan moet gebeuren in een grondwet of in een verdrag: dat soort vormkwesties houdt ons eerlijk gezegd niet zo bezig'. In Kroatie gaan stemmen op voor een Kroatisch-Sloveens verbond als front tegen Servie. Pucnik: 'Ons antwoord is: nee dank u. We zijn een klein volk dat in zijn geschiedenis nu wel genoeg is gedomineerd door grotere volkeren. Een volk moet, evenals een mens, zijn vrienden met zorg kiezen.'

    • Gijsbert van Es