In het hart van het rijk zijn al heel wat koppen van valsetsaren gerold; Voor de Sovjet-Unie is tijd der vaders voorbij

Wat zou er door Michail Sergejevitsj Gorbatsjov zijn heengegaan, toen hij gisteren onder een fluitconcert het Rode Plein verliet? De hoogmis van het Sovjet-socialisme nam een ongekende wending. Ofschoon ook in vroeger jaren de Sovjet-leiders om half twaalf, voor het einde van de parade, de veilige hallen van het nabijgelegen Kremlin weer opzochten, werd de voortijdige, enigszins bruusk uitgevoerde aftocht nu door vriend en vijand als een afgang ervaren.

Het is niet uitgesloten dat het toelaten van de demonstranten tot het Rode Plein een provocatie was, georganiseerd door Gorbatsjovs politieke tegenstanders. Maar voor de beoordeling van het effect van de gebeurtenis maakt dat niet veel verschil: het fluitconcert was echt. De haat die er uit sprak, gold wellicht eerder het Sovjet-systeem dan zijn leider, maar trof in de laatste doel. Gorbatsjov, de hele wereld heeft het kunnen zien, is in de Sovjet-Unie geen geliefd man, geen charismatisch leider, kortom de 'valse tsaar' uit de geschiedenisboekjes.

Debat

Onder Westerse sovjetologen is een debat gaande over de vraag in hoeverre Gorbatsjov en de zijnen de economische terugval, de verregaande legitimiteitscrisis van het staatsgezag en de desintegratie van het imperium hebben voorzien. De verbazing over deze zaken is vooral een Westers verschijnsel, aldus bijvoorbeeld de Amerikaan Jerry Hough, en wordt niet gedeeld in het Kremlin waar een betrekkelijk consistent beleid wordt gevoerd. De opbouw van wat in Sovjet-jargon nu een civiele maatschappij heet, het ontwikkelen ook van een zekere burgerzin, dienen - in de redenering van Hough - vooral de economische hervorming, die een draagvlak in de maatschappij behoeft. Democratie is voor Gorbatsjov echter geen doel op zichzelf en de Sovjet-leider weet net zo goed als wij dat economische wonderen zich de afgelopen jaren niet zozeer in democratische landen hebben voorgedaan, als wel in Zuid-Korea en Chili.

Was het fluitconcert van gisteren voorzien of zelfs gewenst als uiting van wat er werkelijk leeft onder het volk? Voor die veronderstelling zijn nauwelijks gronden. Wie de vele reportages van Gorbatsjovs bezoeken aan de provincie op de Sovjet-televisie heeft gezien, weet dat Gorbatsjov niet primair naar het volk wil luisteren, maar het vooral graag belerend toespreekt, als een charismatisch leider, een vaderfiguur zelfs.

Zuiver gaf de Sovjet-leider blijk van dit door hem gekozen imago toen hij vorig jaar in Litouwen een bezoek bracht aan een 'gewoon' gezin van kolchoze-arbeiders. Het gezinshoofd deed hem aan zijn vader denken, vertelde hij, en de tranen sprongen hem bij deze opmerkingen in de ogen. Maar de overige deelnemers aan het ongedwongen bedoelde gesprek bleven hem gewoon angstig aankijken, niemand huilde mee. De tijd der vaders is kennelijk voorbij in de Sovjet-politiek, of - erger nog - Gorbatsjov is in de rol van vader niet geloofwaardig.

Het lijdt geen twijfel dat een aanzienlijk deel van de Russische publieke opinie de leider graag ziet als een streng doch rechtvaardig heerser en wat dat betreft was de gang van zaken gisteren op het Rode Plein een klap in het gezicht van leider en volk. Een klap bovendien die niet werd uitgedeeld in het voor Russen exotische Litouwen, maar in het hart van het rijk, waar al heel wat koppen van valse tsaren zijn gerold.

Overgangsfiguur

De vraag is of democratie Gorbatsjov nog kan redden. Zoals iedereen gisteren heeft kunnen zien is het niet uitgesloten dat hij zou worden weggestemd. Gelukkig voor hem heeft de publieke opinie nog altijd nauwelijks invloed in het Kremlin en wordt de dienst uitgemaakt door een steeds gecompliceerder stelsel van bureaucratische en machtsbelangen, liefst gesteund door de publieke opinie, maar als het moet zonder.

De Sovjet-leider lijkt ten prooi aan een ernstige legitimiteitscrisis.

Het fluitconcert van gisteren wekt de indruk dat degenen die in het verleden in Gorbatsjov een overgangsfiguur hebben gezien, binnen afzienbare tijd wel eens gelijk kunnen krijgen.