Chaos geeft bij Petronio de toon aan

Springdance, ooit het festival dat een keur van onbekende moderne buitenlandse groepen naar Nederland haalde, heeft dit jaar de voorkeur gegeven aan oude bekenden. Ook het gezelschap van de Amerikaanse danser/choreograaf Stephen Petronio was hier al twee keer eerder te zien. De hernieuwde kennismaking is me niet meegevallen. Petronio's bewegingsvocabulaire blijft dynamisch en de manier waarop hij verschillende lichaamsdelen een eigen motoriek meegeeft zonder een voorspelbare en logische samenhang, getuigt van een persoonlijke aanpak. Maar zijn recente choreografieen zijn veel minder verrassend en waar in AnAmnesia (op het programma tijdens het Holland Festival 1988 en nu weer te zien) sprake was van een knap geordende chaos, voert in Close your eyes and think of England en in de delen 1 en 3 uit Surrender II simpelweg de chaos de boventoon.

Close your eyes, een Victoriaanse raad aan een meisje voor haar eerste huwelijksnacht, wordt gedanst door vier vrouwen, uitgedost in onflatteuze mallotige tricots met doorover een doorschijnend kort wit floddertje. Het begin lijkt spannend. Dan hebben zij mondloze witte maskers voor, staan samengeplakt op een rijtje en kussen elkaar beurtelings intens. Dan gaat het licht uit. Als het weer opgaat zijn de maskers af en ontstaat er een wild spel met veel onderling contact, hoewel er telkens een zich even afzondert. Er wordt aan elkaar gehangen, aan ledematen getrokken, soms is het een grote kluwen lichamen, dan weer springt ieder driftig door de ruimte. Dit alles begeleid door luide muziek van David Linton.

Dezelfde componist wordt gebruikt voor de twee delen uit Surrender II en weer is het voornamelijk zeer luid. Het eerste deel is een duet voor twee mannen, gekleed in de tegenwoordig zo populaire fietsersmaillots tot op het dijbeen. Weer veel driftige beweging en veel lichamelijk contact. In het tweede deel verschijnen de vier danseressen in zwarte bh's en een soort lang uitgevallen step-ins en zij krijgen gezelschap van twee mannen, gekleed in witte corsetjes en minislipjes. Ook hier een overvloed van onvoorspelbare beweging met een agressief tintje. Zachtzinnig gaat men niet met elkaar om. Beide werken worden energiek maar slordig uitgevoerd. Benen, armen en lijven vliegen alle kanten op en het lijkt maar afwachten waar alles terecht komt. Geen lijn wordt echt afgemaakt en bovendien hebben de overwegend vrij forse dames een uitgesproken lelijke houding met ronde, naar voren hangende schouders.

Misschien werd dit alles nog extra benadrukt door de armoedige accommodatie waarin de groep optrad. Hal 4 is niet alleen publieksonvriendelijk met zijn smalle tribunes, slechte zichtlijnen en gebrek aan verpozingsruimte (in de pauze word je letterlijk de straat op gestuurd), de hal is met zijn armetierige open coulissen ook theateronvriendelijk. Al met al heeft Springdance tot nu toe weinig opbeurends opgeleverd.