Raadslid CD brengt nacht in stadhuis Utrecht door

ROTTERDAM, 1 mei - De Centrum Democraat W. Vreeswijk heeft de afgelopen nacht doorgebracht in het stadhuis van Utrecht om te voorkomen dat demonstranten hem vanmorgen zouden verhinderen het gebouw te betreden. Op het uitdrukkelijk verzoek van Vreeswijk heeft burgemeester Vos dat toegestaan, zo zei vanmorgen hoofdcommissaris J. Wiarda van de Utrechtse politie.

Tegen de installatie van raadsleden van de Centrum Democraten en de Centrumpartij is vanmorgen in Utrecht, Amsterdam en Den Haag door honderden mensen gedemonstreerd.

De Haagse burgemeester Havermans zei dat hij niet het advies volgde van enkele advocaten om de rechtse leden niet de ambtseed af te laten leggen omdat dit meineed zou betekenen. 'Dat kan juridisch niet. Maar veel zwaarder weegt dat de kiezers hebben gekozen. Niet installeren betekent dat de democratie pas echt schade wordt gedaan', aldus Havermans.

Op de publieke tribune in Den Haag was ook het Tweede Kamerlid H. Janmaat aanwezig. Hij keek toe hoe zijn voormalige secretaresse mevrouw W. B. Schuurman, die bij een demonstratie in Kedichem blijvend letsel opliep, tot raadslid werd geinstalleerd. Alvorens de nieuw gekozen gemeenteraad van Amsterdam te installeren, heeft burgemeester Van Thijn vanmorgen de democratische gemeenteraadsleden opgeroepen met kracht het democratisch staatsbestel en de verdraagzaamheid te verdedigen. Van Thijn zei als voorzitter van de raad in de toekomst de woorden en daden van de drie extreem-rechtse leden te zullen toetsen aan het Reglement van Orde. De 42 andere raadsleden droegen buttons tegen racisme en gingen demonstratief zitten toen de drie extreem-rechtse leden hun belofte deden.

De Amsterdamse burgemeester refereerde aan de Tweede Wereldoorlog, nu vijftig jaar geleden, en wat daaraan vooraf ging. Hij citeerde de staatsrechtsgeleerde G. van den Bergh. Die stelde dat men zich in een democratie wel degelijk te weer moet stellen tegen de aantasting van de democratie. Gelijke behandeling voor de wet geldt niet voor degenen die de gelijkheid principieel afwijzen, aldus Van den Bergh in 1936.