Wettelijke plicht werven minderheden in studie

DEN HAAG, 28 febr. - Het kabinet zal onderzoeken of werkgevers wettelijk verplicht kunnen worden actief minderheden, vrouwen en gehandicapten te werven. Ondernemingen zouden dan jaarlijks hun resultaten openbaar moeten maken. Zo'n nieuwe wet verplicht het bedrijfsleven niet om een quotum minderheidsgroepen in dienst te nemen. Alleen bij het achterwege laten van de jaarlijkse rapportage wordt aan een sanctie gedacht.

Het kabinet komt waarschijnlijk vrijdag met een standpunt over het minderhedenbeleid. Een onderzoek naar het invoeren van een wet bevordering arbeidskansen minderheden maakt daar deel van uit. De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) adviseerde het kabinet vorig jaar een dergelijke wet naar Canadees voorbeeld in te voeren. De CDA- en PvdA-ministers hebben nog geen overeenstemming bereikt over kiesrecht voor buitenlanders bij verkiezingen voor de Tweede Kamer en Provinciale Staten. Het CDA is tegen, de PvdA voor. Als compromis zal het kabinet vermoedelijk een studie aankondigen.

De meest betrokken ministers voeren deze week druk overleg over het minderhedenbeleid en sociale vernieuwing. In Canada worden bedrijven via de Employment Equity Act verplicht minimaal een evenredige vertegenwoordiging van minderheden in het personeelsbestand te hebben. Of ze daaraan voldoen, wordt afgemeten aan de situatie op dat deel van de arbeidsmarkt waar het bedrijf 'redelijkerwijs' geacht kan worden te opereren. Controle wordt overgelaten aan de vakbeweging en de publieke opinie. Het kabinet twijfelt nog over de vraag of de zogenoemde 'contract compliance' in de Nederlandse variant op de Employment Equity Act opgenomen moet worden. Dit is een verplichting voor overheden om bij het plaatsen van orders of het verlenen van vergunningen de resultaten bij de minderhedenwerving van de bedrijven te laten meewegen.

Pag.3: Vervolg

Het kabinet heeft besloten met een aantal gemeenten convenanten te sluiten om sociale vernieuwing op het terrein van arbeidsmarkt, leefbaarheid en zorg van de grond te krijgen. Een convenant geeft gemeenten niet meer geld voor deze zaken dan thans, maar schept wel de mogelijkheid dat ze het beschikbare geld naar eigen goeddunken verdelen. Gemeenten die een convenant willen sluiten moeten concreet aangeven wat ze op het terrein van de sociale vernieuwing willen bereiken.

Vrijdag moet de ministerraad het voorstel formeel goedkeuren. Het kabinet is afgestapt van het aanvankelijke plan om alle bestaande uitkeringen aan gemeenten op de drie sociale terreinen te bundelen in een zogeheten brede doeluitkering. In dit systeem zouden sommigen gemeenten meer geld kunnen krijgen dan via de bestaande verdelingsmethode, andere gemeenten minder. Het systeem waarvoor nu is gekozen tast de bestaande verdeling niet aan. Alleen bij de verdeling van de bedragen die in het regeerakkoord extra zijn uitgetrokken voor kinderopvang en banenpools, hoeven niet volgens bestaande sleutels verdeeld te worden.

De ministeriele commissie ziet als winst voor de gemeenten die een convenant sluiten dat ze met minder regels te maken krijgen. Als voordeel voor het rijk wordt gezien dat alle uitgavenposten afzonderlijk op de rijksbegroting worden gehandhaafd, waardoor de verantwoordelijkheid van afzonderlijke ministers blijft gewaarborgd. Het kabinet heeft grote moeite om extra geld te vinden voor het minderhedenbeleid. Binnen de bestaande begrotingen zou alleen via verschuivingen geld vrijgemaakt kunnen worden voor het minderhedenbeleid. De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid stelde vorig jaar in een kritisch rapport voor het onderwijs in de eigen taal op de basisschool voortaan buiten de lesuren te laten vallen. Het kabinet neemt deze suggestie niet over. Voor een basiseducatieplicht met daaraan gekoppeld een leerrecht voor minderheden, heeft het kabinet onvoldoende geld. De nadruk zal komen te liggen op taalonderwijs voor de jeugd. Met creches zal worden geprobeerd de allerjongsten onder de minderheden met het Nederlands vertrouwd te maken, zodat zij op de basisschool niet met een achterstand beginnen. Het kabinet stelt ook voor om langdurig werkloze leden van minderheidsgroepen intensief te laten begeleiden. Deze persoonlijke benadering moet passen in het algemene beleid voor sociale vernieuwing. Daarin wordt sterk de nadruk gelegd op bestrijding van de langdurige werkloosheid. De nieuwe regionale tripartite bureaus voor arbeidsvoorziening moeten daarbij een belangrijke rol gaan spelen. Per regio moet worden uitgezocht wie er langdurig werkloos is en over welke scholing zij beschikken. Eveneens moet vast staan welke vraag naar personeel er is.